Les 13 — Sabbat, 28 maart 2026
Maleáchi’s laatste oproep
Tekst om te onthouden
Tekst om te onthouden: “En Hij zal zitten, louterende, en het zilver reinigende, en Hij zal de kinderen van Levi reinigen, en Hij zal ze doorlouteren als goud, en als zilver; dan zullen zij de HEERE spijsoffer toebrengen in gerechtigheid” (Maleáchi 3:3).
Maleáchi 3:3
“Plechtig werden de boosdoeners gewaarschuwd, dat de oordeelsdag zou aanbreken, en de Here iedere zondaar met een haastig oordeel zou bezoeken. Toch werd niemand zonder hoop gelaten; de profetieën van Maleáchi over het oordeel gingen gepaard met uitnodigingen tot de onboetvaardigen om vrede te sluiten met God.” –Profeten en Koningen, blz. 433.
Aanvullende studie:: –Profeten en Koningen, blz. 430-443
A. Aan welke neiging tot zelfzuchtige hebzucht zouden wij ons schuldig kunnen maken?
8Want als gij wat blinds aanbrengt om te offeren, het is bij u niet kwaad; en als gij wat kreupels of wat kranks aanbrengt, het is niet kwaad! Brengt dat toch uw vorst; zal hij een welgevallen aan u hebben? of zal hij uw aangezicht opnemen? zegt de HEERE der heirscharen.
“Velen hebben zich overgegeven aan nodeloze uitgaven, enkel en alleen om hun gevoelens, hun smaak, hun oog te bevredigen, terwijl het werk het geld, dat ze uitgaven, zo goed kon gebruiken, terwijl sommige dienstknechten Gods armelijk gekleed gingen, en door gebrek aan middelen in hun werk werden gedwarsboomd. De engel zei: ‘Hun tijd om zo te doen, zal spoedig voorbij zijn. Hun werken tonen aan, dat het eigen-ik hun afgod is, en dat zij daaraan alles opofferen’. Het eigen-ik moet bevredigd worden; hun aard is: ‘Ben ik mijns broeders hoeder?’ Velen hebben waarschuwing op waarschuwing gekregen, maar ze hebben er geen acht op geslagen. Het eigen-ik is het brandpunt van alles, en hiervoor moet alles buigen.” –Uit de Schatkamer der Getuigenissen 1, blz. 28.
B. Hoe beschouwt God, in schril contrast met de culturele gebruiken van de huidige maatschappij, de tedere, heilige verbintenis van het huwelijk?
12De HEERE zal den man, die zulks doet, uitroeien uit de hutten van Jakob, dien, die waakt, en dien, die antwoordt, en die den HEERE der heirscharen spijsoffer brengt.
13Dit tweede doet gijlieden ook, dat gij het altaar des HEEREN bedekt met tranen, met wening en met zuchting; zodat Hij niet meer het spijsoffer aanschouwen, noch met welgevallen van uw hand ontvangen wil.
14Gij nu zegt: Waarom? Daarom dat de HEERE een Getuige geweest is, tussen u en tussen de huisvrouw uwer jeugd, met dewelke gij trouwelooslijk handelt; daar zij toch uw gezellin, en de huisvrouw uws verbonds is.
15Heeft Hij niet maar een gemaakt, hoewel Hij des geestes overig had? En waarom maar dien enen? Hij zocht een zaad Gods. Daarom, wacht u met uw geest, en dat niemand trouwelooslijk handele tegen de huisvrouw zijner jeugd.
16Want de HEERE, de God Israels, zegt, dat Hij het verlaten haat, alhoewel hij den wrevel bedekt met Zijn kleed, zegt de HEERE der heirscharen; daarom wacht u met uw geest, dat gij niet trouwelooslijk handelt.
4Het huwelijk is eerlijk onder allen, en het bed onbevlekt; maar hoereerders en overspelers zal God oordelen.
4Doch Hij, antwoordende, zeide tot hen: Hebt gij niet gelezen, Die van den beginne den mens gemaakt heeft, dat Hij ze gemaakt heeft man en vrouw?
5En gezegd heeft: Daarom zal een mens vader en moeder verlaten, en zal zijn vrouw aanhangen, en die twee zullen tot een vlees zijn;
6Alzo dat zij niet meer twee zijn, maar een vlees. Hetgeen dan God samengevoegd heeft, scheide de mens niet.
“Ga na, hoe u het geluk van de ander kunt vergroten. Laat er wederkerige liefde zijn, wederkerige verdraagzaamheid. Dan zal het huwelijk, in plaats van het einde van de liefde te zijn, juist het begin van de ware liefde blijken.” –De Weg tot Gezondheid, blz. 301.