Spring naar inhoud
Les 4Sabbat, 26 JULI 2025

Jezus, de Dienaar der Dienaren

Tekst om te onthouden

TEKST OM TE ONTHOUDEN: “Want Ik heb u een voorbeeld gegeven, opdat, gelijk Ik u gedaan heb, gij ook doet”

Johannes 13:15

“Het gehele leven van Christus was een leven van onbaatzuchtige dienst geweest. ‘Niet … om Zich te laten dienen, maar om te dienen’ (Matthéüs 20:29), was de les geweest, die in al Zijn daden besloten lag.” – De Wens der Eeuwen, p. 563.

Aanvullende studie:: De Wens der Eeuwen, p. 563-571
A. Welke destructieve mentaliteit, afkomstig van Lucifer, beïnvloedde het Judaïsme (inclusief de discipelen van Christus) en kan ons ook nu beïnvloeden?
auto_storiesLukas 22:24-25open_in_new
24En er werd ook twisting onder hen, wie van hen scheen de meeste te zijn.
25En Hij zeide tot hen: De koningen der volken heersen over hen; en die macht over hen hebben, worden weldadige heren genaamd.
“Lucifer begeerde de macht van God, niet Zijn karakter. Hij begeerde voor zichzelf de hoogste plaats, en ieder mens, die wordt gedreven door zijn geest, zal hetzelfde doen. Op deze wijze zullen vervreemding, tweedracht en strijd onvermijdelijk zijn. Heerschappij wordt de buit van de sterkste. Het koninkrijk van Satan is een koninkrijk van geweld; ieder persoonlijk beschouwt ieder ander als een hindernis op de weg van zijn eigen vooruitgang, of als een trede waarlangs hijzelf naar een hogere plaats zal kunnen klimmen.” –
“In de koninkrijken der wereld betekende positie zelfverheerlijking. Men nam aan, dat de mensen bestonden ten voordele van de rege-rende klassen. Invloed, rijkdom, ontwikkeling, dat waren zo de middelen voor de leiders om de scharen in hun macht te krijgen. De ho-gere klassen moesten denken, besluiten, zich verheugen en regeren; de lagere klassen moesten gehoorzamen en dienen. Godsdienst was, zoals alle andere dingen, een zaak van gezag. Men verwachtte van het volk, dat zij geloofden en handelden zoals hun oversten dat wil-den. Het recht van de mens als mens, om voor zichzelf te denken en te handelen, werd in het geheel niet meer erkend.” –
“Door geestelijke trots, de wens om de wet voor te schrijven, een ambitieus verlangen naar eer of positie … kan de gemeente in verwar-ring raken en haar vrede opgeofferd worden.” Getuigenissen voor de Gemeente 5, blz. 196.