Les 8 — Sabbat, 24 augustus 2024
Zuiverheid in een verdorven tijdperk
Tekst om te onthouden
Tekst om te onthouden: “Alle dingen zijn wel rein voor de reinen, maar voor de bevlekten en ongelovigen is geen ding rein, maar beide hun verstand en geweten zijn bevlekt”
Titus 1:15
“Wees bedachtzaam en ingetogen, niet vrijpostig. Accepteer geen ongeoorloofde attenties. Door een moreel hoogstaande en waardige houding kan veel kwaad vermeden worden.” –Het Bijbels Gezin, blz. 272.
Aanvullende studie:: Getuigenissen voor de Gemeente 5, blz. 115-123;; 157-164.
A. Hoe strafte God de zuster van Mozes voor afgunst, en hoe is dit ook een waarschuwing voor vandaag?
1Mirjam nu sprak, en Aaron, tegen Mozes, ter oorzake der vrouw, der Cuschietische, die hij genomen had; want hij had een Cuschietische ter vrouw genomen.
2En zij zeiden: Heeft dan de HEERE maar alleen door Mozes gesproken? Heeft Hij ook niet door ons gesproken? En de HEERE hoorde het!
6En Hij zeide: Hoort nu Mijn woorden! Zo er een profeet onder u is, Ik, de HEERE, zal door een gezicht Mij aan hem bekend maken, door een droom zal Ik met hem spreken.
7Alzo is Mijn knecht Mozes niet, die in Mijn ganse huis getrouw is.
8Van mond tot mond spreek Ik met hem, en door aanzien, en niet door duistere woorden; en de gelijkenis des HEEREN aanschouwt hij; waarom dan hebt gijlieden niet gevreesd tegen Mijn knecht, tegen Mozes, te spreken?
9Zo ontstak des HEEREN toorn tegen hen, en Hij ging weg.
10En de wolk week van boven de tent; en ziet, Mirjam was melaats, wit als de sneeuw. En Aaron zag Mirjam aan, en ziet, zij was melaats.
11Broeders, spreekt niet kwalijk van elkander. Die van zijn broeder kwalijk spreekt en zijn broeder oordeelt, die spreekt kwalijk van de wet, en oordeelt de wet. Indien gij nu de wet oordeelt, zo zijt gij geen dader der wet, maar een rechter.
Bijbeltekst niet gevonden: 2Pet.2.9.b
Bijbeltekst niet gevonden: 2Pet.2
“Als de afgunst en de ontevredenheid van Mirjam niet op duidelijk zichtbare wijze waren bestraft, zou daaruit groot kwaad voortgekomen zijn. Afgunst is één van de meest satanische trekken, die in het menselijk hart kunnen opkomen, en heeft uiterst nadelige gevolgen. De wijze man zegt: ‘Gramschap is wreed en toorn is overstelpend, maar wie zal voor jaloersheid bestaan?’ (Spreuken 27:4). Afgunst was aanleiding tot de eerste onenigheid in de hemel, en het toegeven daaraan heeft onuitsprekelijk veel kwaad onder de mensen gebracht. ‘Waar na-ijver en zelfzucht heerst, daar is wanorde en allerlei kwade praktijk’ (Jakobus 3:16).
Men moet kwaadspreken jegens anderen of oordelen over de drijfveren of daden van anderen niet licht achten. Wie van zijn broeder kwaadspreekt of hem oordeelt, spreekt kwaad van de wet, en oordeelt haar; en indien gij de wet oordeelt, zijt gij geen dader, doch een rechter der wet’ (Jakobus 4:11). Er is slechts één Rechter… Eenieder, die het waagt zijn medemens te oordelen en te veroordelen, matigt zich het recht van de Schepper aan.
Nadrukkelijk leert de Bijbel ons, dat we ons moeten wachten om niet lichtvaardig hen te beschuldigen, die God heeft geroepen als Zijn getuigen.” –Patriarchen en Profeten, blz. 348–349.