Les 2 — Sabbat, 10 juli 2021
De leerstellingen duidelijk maken
Tekst om te onthouden
Tekst om te onthouden: “Maar ik bid u, broeders, door de Naam van onze Heere Jezus Christus, dat gij allen hetzelfde spreekt, en dat onder u geen scheuringen zijn; maar dat gij samengevoegd zijt in een zelfde zin, en in een zelfde gevoelen”
1 Korintiërs 1:10
“Broeders moeten elkaar respecteren, elkaar raadgeven, samen bidden, totdat er eenheid is onder hen.” –The Review and Herald, 15 december 1885.
Aanvullende studie :: -Van Jeruzalem tot Rome, blz. 140-146;; -Testimonies to Ministers, blz. 426-443.
A. Welk idee propageerden bepaalde mannen uit Judea onder de christenen, en waarom veroorzaakte dit onenigheid?
1En sommigen, die afgekomen waren van Judea, leerden de broederen, zeggende: Indien gij niet besneden wordt naar de wijze van Mozes, zo kunt gij niet zalig worden.
10Want er zijn ook vele ongeregelden, ijdelheidsprekers en verleiders van zinnen, inzonderheid die uit de besnijdenis zijn;
11Welken men moet den mond stoppen, die gehele huizen verkeren, lerende wat niet behoort, om vuil gewins wil.
“In de dagen van Paulus waren er mensen, die voortdurend stil stonden bij de besnijdenis en die een overvloed van bewijzen uit de Bijbel konden aanhalen om aan te tonen, dat dit voor de Joden verplicht was; maar deze leer had geen betekenis voor die tijd, want Christus was aan het kruis op Golgota gestorven en de besnijdenis naar het vlees had geen verdere waarde.
De zinnebeeldige dienst en de ceremoniën daarmee verbonden, hadden bij het kruis afgedaan. Het ware Lam van God was een offer geworden voor de zondige mens en de schaduw ging op in de werkelijkheid. Paulus trachtte de gedachten van de mensen op de grote waarheid voor die tijd te richten, maar zij, die voorgaven volgelingen van Jezus te zijn, gingen volkomen op in het onderwijzen van de tradities der Joden en de verplichting van de besnijdenis.” ¬–Bijbelkommentaar, blz. 446.
“Met grote beslistheid beweerden deze judaïstische leraars dat men, om behouden te worden, besneden moest zijn en de gehele ceremoniële wet diende te houden.” –Van Jeruzalem tot Rome, blz. 140.