Spring naar inhoud
Les 3SABBAT, 17 oktober 2020

Een Werker van wonderen

Tekst om te onthouden

“De mensen dan, gezien hebbende het teken, dat Jezus gedaan had, zeiden: Deze is waarlijk de profeet, Die in de wereld komen zou”

Johannes 6:14

“Toen Jezus door Zijn machtige wonderen Zijn goddelijkheid openbaarde, toen Hij de zieken genas en de doden opwekte, hadden de mensen onder elkander de vraag gesteld: ’Dit is toch niet de zoon van David?’… Maar velen, die Jezus de Zoon van David noemden, erkenden niet Zijn goddelijkheid. Zij begrepen niet, dat de Zoon van David ook de Zoon van God was.” –De Wens der Eeuwen, blz. 529.

Aanvullende studie :: : -De Wens der Eeuwen, blz. 283-287;; 312-319.
A. Hoe antwoordden de mensen op het genezingswerk van Jezus?
auto_storiesMarkus 1:32-33open_in_new
32Als het nu avond geworden was, toen de zon onderging, brachten zij tot Hem allen, die kwalijk gesteld, en van den duivel bezeten waren.
33En de gehele stad was bijeenvergaderd omtrent de deur.
“Het wonder was op Sabbat verricht en uit vrees voor de rabbi’s durfde het volk niet te komen voor genezing, voordat de zon was ondergegaan. Toen kwamen uit de huizen, de winkels en de marktplaatsen de inwoners van de stad en drongen naar de nederige woning, waar Jezus verbleef. De zieken werden op draagbaren gebracht, zij kwamen leunend op een staf of ondersteund door vrienden, strompelden zij zwakjes naar de Verlosser.
Uur na uur kwamen en gingen zij; want niemand kon weten of de Heelmeester Zich de volgende morgen nog onder hen zou bevinden. Nooit eerder had Kapernaüm een dag als deze meegemaakt. De lucht was vervuld met de stem van triomf en kreten van bevrijding.
Niet voordat de laatste zieke genezing had gevonden, beëindigde Jezus Zijn werk. Het was diep in de nacht, toen de menigte vertrok en de stilte over het huis van Simon neerdaalde. De lange, opwindende dag was voorbij en Jezus zocht rust. Maar terwijl de stad in sluimer gehuld was, ‘stond de Heiland lang voor het dag werd op en ging naar een eenzame plaats en bad aldaar’ (Markus 1:35).” –De Weg tot Gezondheid, blz. 21.