Hoofdzaken van de Profetie — Sabbat, 30 mei 2026

Les 9: De Draak, de Vrouw en het Overblijfsel

Tekst om te onthouden

Tekst om te onthouden: “En de draak vergrimde op de vrouw, en ging heen om krijg te voeren tegen de overigen van haar zaad, die de geboden Gods bewaren, en het getuigenis van Jezus Christus hebben.” (Openbaring 12:17).

Openbaring 12:17

"De gewetensvrijheid, waarvoor zo'n groot offer is gebracht, zal niet meer worden geëerbiedigd. In de naderende strijd zullen we de woorden van de profeet in vervulling zien gaan." –De Grote Strijd, blz. 547.

Aanvullende studie:: –De Grote Strijd, blz. 537-547.

Zondag — 24 mei

1. DE GEMEENTE GEOPENBAARD

A. Wat zien we aan het begin van Johannes' vierde visioen?

Openbaring 12:1.

Openbaring 12:1: En er werd een groot teken gezien in den hemel; namelijk een vrouw, bekleed met de zon; en de maan was onder haar voeten, en op haar hoofd een kroon van twaalf sterren;

B. Wat symboliseert een vrouw in de Bijbelse symboliek?

2 Korinthe 11:2;

2 Korinthe 11:2: Want ik ben ijverig over u met een ijver Gods; want ik heb ulieden toebereid, om u als een reine maagd aan een man voor te stellen, namelijk aan Christus.

Ezechiël 23:2-4;

Ezechiël 23:2: Mensenkind! daar waren twee vrouwen, dochteren van een moeder. Ezechiël 23:3: Dezen hoereerden in Egypte; in haar jeugd hoereerden zij; daar werden haar borsten gedrukt, en daar werden de tepelen haars maagdoms betast. Ezechiël 23:4: Haar namen nu waren: Ohola, de grootste, en Oholiba, haar zuster; en zij werden de Mijne, en baarden zonen en dochteren; dit waren haar namen: Samaria is Ohola, en Jeruzalem Oholiba.

Openbaring 17:3-6.

Openbaring 17:3: En hij bracht mij weg in een woestijn, in den geest, en ik zag een vrouw, zittende op een scharlaken rood beest, dat vol was van namen der gods lastering, en had zeven hoofden en tien hoornen. Openbaring 17:4: En de vrouw was bekleed met purper en scharlaken, en versierd met goud, en kostelijk gesteente, en paarlen, en had in hare hand een gouden drinkbeker, vol van gruwelen, en van onreinigheid harer hoererij. Openbaring 17:5: En op haar voorhoofd was een naam geschreven, namelijk Verborgenheid; het grote Babylon, de moeder der hoererijen en der gruwelen der aarde. Openbaring 17:6: En ik zag, dat de vrouw dronken was van het bloed der heiligen, en van het bloed der getuigen van Jezus. En ik verwonderde mij, als ik haar zag, met grote verwondering.

“In Openbaring 17 wordt Babylon voorgesteld door een vrouw, een beeld dat in de Bijbel wordt gebruikt als het symbool van een gemeente. Een deugdzame vrouw stelt een reine gemeente voor, en een onreine vrouw stelt een afvallige gemeente voor. In de Bijbel wordt het heilige en onveranderlijke karakter van de verhouding tussen Christus en Zijn gemeente voorgesteld door de huwelijksband. De Here heeft Zijn volk met Zichzelf verbonden door een plechtig verbond: Hij heeft beloofd, dat zij Zijn volk zouden zijn en zij hebben beloofd van Hem en van Hem alléén te zijn. Hij zegt: 'Ik zal u Mij tot bruid werven voor eeuwig; Ik zal u Mij tot bruid werven door gerechtigheid en recht, door goedertierenheid en ontferming' (Hosea 2:19). En ook: 'Ik ben heer over u’' (Jeremia 3:14). Paulus gebruikt hetzelfde beeld in het Nieuwe Testament, wanneer hij zegt: 'Want ik heb u verbonden aan één man, om u als een reine maagd voor Christus te stellen' (2 Korinthe 11:2).“ –De Grote Strijd, blz. 356. Sabbat Bijbel Lessen, Jaargang 102, nr. 2 47

Maandag — 25 mei

2. DE GEMEENTE IN STRIJD

A. Hoe heeft de gemeente gezwoegd in de verwachting van het Messias kind?

Openbaring 12:2;

Openbaring 12:2: En zij was zwanger, en riep, barensnood hebbende, en zijnde in pijn om te baren.

Jesaja 9:6;

Jesaja 9:6: Der grootheid dezer heerschappij en des vredes zal geen einde zijn op den troon van David en in zijn koninkrijk, om dat te bevestigen, en dat te sterken met gericht en met gerechtigheid, van nu aan tot in eeuwigheid toe. De ijver des HEEREN der heirscharen zal zulks doen.

Lukas 2:25-32.

Lukas 2:25: En ziet, er was een mens te Jeruzalem, wiens naam was Simeon; en deze mens was rechtvaardig en godvrezende; verwachtende de vertroosting Israels, en de Heilige Geest was op hem. Lukas 2:26: En hem was een Goddelijke openbaring gedaan door den Heiligen Geest, dat hij den dood niet zien zoude, eer hij den Christus des Heeren zou zien. Lukas 2:27: En hij kwam door den Geest in den tempel. En als de ouders het Kindeken Jezus inbrachten, om naar de gewoonte der wet met Hem te doen; Lukas 2:28: Zo nam hij Hetzelve in zijn armen, en loofde God, en zeide: Lukas 2:29: Nu laat Gij, Heere! Uw dienstknecht gaan in vrede naar Uw woord; Lukas 2:30: Want mijn ogen hebben Uw zaligheid gezien, Lukas 2:31: Die Gij bereid hebt voor het aangezicht van al de volken; Lukas 2:32: Een Licht tot verlichting der heidenen, en tot heerlijkheid van Uw volk Israel.

“De laatste woorden van Jakob vervulden hen (de gelovigen onder de Joden) met hoop: 'De schepter zal van Juda niet wijken, noch de heersersstaf tussen zijn voeten, totdat Silo komt.' (Genesis 49:10). De tanende macht van Israël getuigde ervan, dat de komst van de Messias nabij was. De profetie van Daniël schilderde de heerlijkheid van Zijn regering over een rijk, dat zou volgen na alle aardse koninkrijken; en zei de profeet: 'het zal bestaan in eeuwigheid' (Daniël 2:44). Terwijl slechts weinigen de aard van Christus' zending begrepen, was de verwachting wijd en zijd verbreid, dat er een machtig vorst zou komen, die zijn koninkrijk in Israël zou oprichten, en die zou komen als een bevrijder der volken. De volheid des tijds was gekomen. De mensheid, die gedurende eeuwenlange wetsovertreding steeds meer ontaard was, had behoefte aan de komst van de Verlosser.” –De Wens der Eeuwen, blz. 22.

B. Welke burgerlijke macht wordt door de grote rode draak afgebeeld?

Openbaring 12:3.

Openbaring 12:3: En er werd een ander teken gezien in den hemel; en ziet, er was een grote rode draak, hebbende zeven hoofden, en tien hoornen, en op zijn hoofden zeven koninklijke hoeden.

“Onder de zinnebeelden van een grote rode draak, een beest als een luipaard en een beest met lamshorens worden de aardse regeringen, die zich in het bijzonder zouden bezighouden met het vertreden van Gods wet en het vervolgen van Zijn volk, aan Johannes voorgesteld.” –Bijbelkommentaar, blz. 664.

C. Welk gevaar liepen de gemeente en de Messias vanwege deze draakachtige macht?

Openbaring 12:4.

Openbaring 12:4: En zijn staart trok het derde deel der sterren des hemels, en wierp die op de aarde. En de draak stond voor de vrouw, die baren zou, opdat hij haar kind zou verslinden, wanneer zij het zou gebaard hebben.

“Satan had zijn best gedaan om de kloof tussen aarde en hemel diep en onoverkomenlijk te maken. Door zijn bedrog had hij de mens verstout in zonde. Het was zijn doel om de lankmoedigheid van God uit te putten en Zijn liefde voor de mens uit te blussen, zodat Hij de wereld aan de heerschappij van Satan zou overlaten.” –De Wens der Eeuwen, blz. 22-23.

“Satan had Christus in de hemel gehaat om Zijn plaats in de hoven van God. Hij haatte Hem nog meer, toen hij zelf onttroond was. Hij haatte Hem, Die plechtig beloofde, dat Hij de zondaren verlossen zou. Toch stond God toe, dat Zijn Zoon als hulpeloos Kind, ten prooi aan de zwakheden van het mensdom, kwam in de wereld, waar Satan de heerschappij voor zich opeiste. Hij stond toe, dat Hij de gevaren van het leven zou tegemoet treden, zoals iedere menselijke ziel moet doen, dat Hij de strijd zou strijden, zoals ieder mensenkind deze moet strijden, op gevaar af te falen en voor eeuwig verloren te gaan.” –De Wens der Eeuwen, blz. 29.

Dinsdag — 26 mei

3. OORLOG IN DE HEMEL

A. Welk inzicht in het verleden werd Johannes geopenbaard, en wat betekent het?

Openbaring 12:7-9.

Openbaring 12:7: En er werd krijg in den hemel; Michael en zijn engelen krijgden tegen den draak, en de draak krijgde ook en zijn engelen. Openbaring 12:8: En zij hebben niet vermocht, en hun plaats is niet meer gevonden in den hemel. Openbaring 12:9: En de grote draak is geworpen, namelijk de oude slang, welke genaamd wordt duivel en satanas, die de gehele wereld verleidt, hij is, zeg ik, geworpen op de aarde; en zijn engelen zijn met hem geworpen.

"Tegenstand tegen Gods wet had zijn oorsprong in de hemel bij Lucifer, de overdekkende cherub. Satan nam zich voor om de eerste te zijn in de raadsvergaderingen in de hemel en aan God gelijk. Hij begon met zijn werk van oproer onder de engelen over wie hij het bevel voerde en trachtte de geest van ontevredenheid onder hen te verbreiden. Hij werkte op zulk een bedrieglijke wijze, dat vele engelen hem trouw betuigden, eer zijn bedoelingen ten volle bekend werden. Zelfs de trouwe engelen waren niet in staat zijn karakter ten volle te doorzien of te bespeuren, waartoe zijn werk leidde. Toen Satan erin geslaagd was vele engelen achter zich te winnen, legde hij zijn zaak aan God voor, terwijl hij het deed voorkomen, alsof het de wens van de engelen was, dat hij de positie zou bekleden, die Christus innam. Het kwaad werkte door tot de geest van ontevredenheid rijpte tot een daadwerkelijke opstand. Toen kwam er oorlog in de hemel, en Satan werd met allen, die met hem sympathiseerden, uitgeworpen." –Bijbelkommentaar, blz. 664.

B. Hoe geeft de aankondiging in

Openbaring 12:10-11

Openbaring 12:10: En ik hoorde een grote stem, zeggende in den hemel: Nu is de zaligheid, en de kracht, en het koninkrijk geworden onzes Gods; en de macht van Zijn Christus; want de verklager onzer broederen, die hen verklaagde voor onzen God dag en nacht is nedergeworpen. Openbaring 12:11: En zij hebben hem overwonnen door het bloed des Lams, en door het woord hunner getuigenis, en zij hebben hun leven niet liefgehad tot den dood toe.

aan, dat het uitwerpen van Satan tijdens Jezus' bediening voltooid is?

“Met een profetische blik ging Christus de tonelen na, die zouden plaatsvinden in Zijn laatste grote strijd. Hij wist, dat wanneer Hij zou uitroepen: 'Het is volbracht', de gehele hemel zou triomferen. Zijn oor hoorde de verre muziek en de overwinningskreten in de hemelse hoven. Hij wist, dat de doodsklok van het rijk van Satan dan zou worden geluid, en dat de naam van Christus van wereld tot wereld door het universum zou worden verkondigd.” –De Wens der Eeuwen, blz. 596.

“In het verlossingsplan lag echter meer opgesloten dan alleen de zaligheid van de mens. Niet alleen voor dit doel kwam Christus naar deze aarde; het was niet alleen aan de bewoners van deze kleine planeet de wet van God in haar ware licht te openbaren; maar het was om Gods karakter voor heel het heelal te rechtvaardigen… Door de dood van Christus, zou niet alleen de hemel weer openstaan voor de mens, maar voor het ganse heelal zouden God en Zijn Zoon gerechtvaardigd worden ten opzichte van hun handelwijze met Satan. De eeuwigheid van Gods wet zou bevestigd worden, en de aard en de gevolgen van de zonde zouden geopenbaard worden. ” –Patriarchen en Profeten, blz. 42. Sabbat Bijbel Lessen, Jaargang 102, nr. 2 49

Woensdag — 27 mei

4. OORLOG OP AARDE

A. Welk groter gevaar zou de gemeente nu bedreigen?

Openbaring 12:12-13.

Openbaring 12:12: Hierom bedrijft vreugde, gij hemelen, en gij, die daarin woont! Wee dengenen, die de aarde en de zee bewonen, want de duivel is tot u afgekomen, en heeft groten toorn, wetende, dat hij een kleinen tijd heeft. Openbaring 12:13: En toen de draak zag, dat hij op de aarde geworpen was, zo heeft hij de vrouw vervolgd, die het manneken gebaard had.

"Satan wist, dat het rijk, dat hij zich had toegeëigend, hem ten slotte zou worden ontnomen, en was vastbesloten alles in het werk te stellen om zoveel mogelijk schepselen, die God naar Zijn beeld had geschapen, te vernietigen. Hij haatte de mens, omdat Christus zo'n vergevensgezinde liefde en medelijden voor hem had betoond, en nu maakte hij zich gereed om elke mogelijke vorm van bedrog over hem uit te oefenen, waardoor hij verloren zou kunnen gaan. Hij vervolgde zijn werk met des te meer energie, omdat zijn eigen positie hopeloos was." –Bijbelkommentaar, blz. 666.

“De grote strijd tussen goed en kwaad zal, naarmate wij het einde der tijden naderen, in hevigheid toenemen. In alle eeuwen heeft Satan zijn toorn tegen Christus’ gemeente geopenbaard, maar God heeft Zijn genade en Zijn Geest aan Zijn volk geschonken om hen te versterken, zodat ze de kracht van de Boze zouden kunnen weerstaan. Toen Christus’ apostelen het evangelie aan de wereld moesten brengen en het voor de toekomende eeuwen moesten opschrijven, werden zij op een bijzondere wijze door de Heilige Geest verlicht. Maar naarmate de gemeente haar uiteindelijke verlossing nadert, zal Satan met grotere macht werken… Al de diepten van zijn sluwheid en geslepenheid, die hij heeft verworven, al de wreedheid die hij heeft ontwikkeld tijdens deze eeuwenoude strijd, zullen in de laatste strijd tegen Gods volk worden gebruikt. In zo’n gevaarlijke tijd moeten de volgelingen van Christus de waarschuwing van Zijn wederkomst aan de wereld brengen en moet er een volk worden toebereid, dat ‘onbevlekt en onberispelijk' voor Hem zal staan bij Zijn terugkeer. (2 Petrus 3:14). In deze tijd is de bijzondere gave van Gods genade en kracht niet minder noodzakelijk dan in de tijd van de apostelen.” –De Grote Strijd, blz. 12-13.

B. Beschrijf de ervaring van de gemeente gedurende de 1260 jaar van onderdrukking en vervolging.

Openbaring 12:6,

Openbaring 12:6: En de vrouw vluchtte in de woestijn, alwaar zij een plaats had, haar van God bereid, opdat zij haar aldaar zouden voeden duizend tweehonderd zestig dagen.

14.

C. Welke hulp kwam er om de aanval van de menselijke machten, die de draak tegen de gelovigen wilde gebruiken, af te weren?

Openbaring 12:15-16.

Openbaring 12:15: En de slang wierp uit haar mond achter de vrouw water als een rivier, opdat hij haar door de rivier zou doen wegvoeren. Openbaring 12:16: En de aarde kwam de vrouw te hulp, en de aarde opende haar mond, en verzwolg de rivier, welke de draak uit zijn mond had geworpen.

“Toen men in Europa hoorde, dat er een land was, waar iedereen van de vruchten van zijn eigen arbeid kon genieten en waar de gewetensvrijheid erkend werd, kwamen duizenden mensen naar de Nieuwe Wereld.” –De Grote Strijd, blz. 279.

Donderdag — 28 mei

5. HET OVERBLIJFSEL

A. Hoe worden de gelovigen beschreven, als de woede van de draak zijn hoogtepunt bereikt?

Openbaring 12:17.

Openbaring 12:17: En de draak vergrimde op de vrouw, en ging heen om krijg te voeren tegen de overigen van haar zaad, die de geboden Gods bewaren, en de getuigenis van Jezus Christus hebben. [ (Revelation of John 12:18) En ik stond op het zand der zee. ]

“De schrijver van de Openbaring, die over de eeuwen heenzag naar de eindtijd, heeft gezegd: 'De draak werd toornig op de vrouw en ging heen om oorlog te voeren tegen de overigen van haar nageslacht, die de geboden van God bewaren en het getuigenis van Jezus hebben.' (Openbaring 12:17). Sommigen, die in deze dagen leven, zullen deze woorden in vervulling zien gaan. Dezelfde geest, die in het verleden mensen ertoe heeft gebracht de ware gemeente te vervolgen, zal in de toekomst leiden tot een soortgelijke handelwijze jegens hen, die hun trouw aan God handhaven. Reeds nu worden voorbereidingen getroffen voor deze laatste grote strijd.” –Profeten en Koningen, blz. 370.

B. Hoe beschrijven de kenmerken van het overblijfsel de gemeente in de laatste dagen?

Openbaring 14:12;

Openbaring 14:12: Hier is de lijdzaamheid der heiligen; hier zijn zij, die de geboden Gods bewaren en het geloof van Jezus.

19:10.

"De gemeente van het overblijfsel zal God in Zijn wet erkennen en zal de profetische gave hebben. Gehoorzaamheid aan de wet van God en de geest der profetie hebben het ware volk van God altijd onderscheiden, en de toets wordt gewoonlijk gegeven aan de hand van actuele manifestaties." –Loma Linda Messages, blz. 33.

“De gemeente van het overblijfsel zal in grote beproeving en verdrukking worden gebracht. Zij, die de geboden van God bewaren en het geloof van Jezus, zullen de toorn van de draak en zijn legermachten moeten ervaren. Satan rekent de wereld tot zijn onderdanen, hij heeft de heerschappij over de afvallige kerken gekregen. Maar hier is een klein gezelschap, dat zijn opperheerschappij weerstaat.” –Getuigenissen voor de Gemeente 9, blz. 224.

“Een weigering om de geboden Gods te gehoorzamen, en een neiging om hen, die deze geboden verkondigen, te haten, leidt tot de meest verbeten krijg van de kant van de draak, die al zijn krachten inzet tegen het volk, dat Gods geboden houdt.” –Uit de Schatkamer der Getuigenissen 3, blz. 238.

Vrijdag — 29 mei

TERUGBLIK

1. Waarom wordt de gemeente in de Bijbel gesymboliseerd door een vrouw?

2. Leg uit, welk risico de Zoon van God nam door als mens naar de aarde te komen.

3. Wanneer was de uitdrijving van Satan uit de hemel volledig voltooid?

4. Beschrijf de reden voor de toorn van de draak tegen de gemeente.

5. Op welke kenmerken letten we bij het identificeren van het overblijfsel? Sabbat Bijbel Lessen, Jaargang 102, nr. 2 51 Huis van Gebed in Praag, Tsjechië Tsjechië is een land in het hart van Europa, grenzend aan Duitsland, Polen, Oostenrijk en Slowakije. In dit land ligt Bohemen, een historische regio met pittoreske dorpen, majestueuze kastelen en een rijk cultureel en spiritueel erfgoed, waar Johannes Hus (1369-1415) zijn grote hervormingen doorvoerde. Tegenwoordig is het een moderne seculiere staat met een bevolking van ongeveer 10,9 miljoen mensen, van wie meer dan 1,4 miljoen in de hoofdstad Praag wonen. Praag is niet alleen een historisch en cultureel centrum, maar ook een plaats, waar duizenden mensen in geestelijke nood zijn, van wie velen op zoek zijn naar de zin van het leven, hoop en vrede in hun hart. Van de inwoners wordt 47,8% beschouwd als niet-religieus, 11,7% identificeert zich met het christendom (waarvan 9,3% het katholicisme aanhangt en 2,4% andere christelijke gemeenschappen) en 10,8% identificeert zich met andere religies. Het werk van de Zevende Dags Adventisten Reformatiebeweging in deze stad begon in mei 2014, toen er slechts drie mensen bijeenkwamen voor de eerste bijeenkomst. Later, in augustus 2020, werden een predikant en zijn gezin hierheen gezonden om de boodschap van verlossing van de tegenwoordige waarheid te verkondigen aan verloren zielen. Tegenwoordig telt de gemeente in Praag 30 leden, en samen met de geïnteresseerden en die voorbereid worden voor de doop zijn er ongeveer 70 mensen. De erediensten worden momenteel in een gehuurde ruimte gehouden, maar de gemeente bidt vurig voor de mogelijkheid om een eigen gebedshuis te kopen of te bouwen, een plaats waar Gods volk kan samenkomen, versterkt worden in geloof en het licht der waarheid delen met de mensen om hen heen. “Het huis, waar God wordt aanbeden, moet overeenkomen met Zijn karakter en majesteit.” -Getuigenissen voor de Gemeente 5, blz.218. Beste broeders en zusters, vandaag hebben we een gezegende gelegenheid om deel te nemen aan dit grote werk van God. Uw gave is een investering in de eeuwigheid, in de redding van zielen en in de versterking van de gemeente in het hartje van Europa. Bid alstublieft om Gods leiding, steun dit project van harte en deel deze nood met anderen. Moge de Heer iedereen zegenen, die liefdevol deelneemt aan dit werk! ‘Wij danken God altijd voor u allen, u gedachtig zijnde in onze gebeden’ (1 Thessalonicensen 1:2). Uw broeders en zusters in Praag Eerste Sabbatgaven 6 juni 2026