Hoofdzaken van de Profetie — Sabbat, 16 mei 2026

Les 7: Een verzegeld boek heropend

Tekst om te onthouden

Tekst om te onthouden: "En ik ging heen tot de engel, zeggende tot hem: Geef mij dat boekske. En hij zeide tot mij: Neem het en eet het op, en het zal uw buik bitter maken, maar in uw mond zal het zoet zijn als honing" (Openbaring 10:9).

Openbaring 10:9

“De machtige engel, die Johannes onderrichtte, was niemand minder dan Christus.” –Bijbelkommentaar, blz. 661.

Aanvullende studie:: –De Grote Strijd, blz. 367-383.

Zondag — 10 mei

1. DE WIJZE ZAL SCHIJNEN

A. Beschrijf de beproeving en de triomf, die aan het einde van Daniëls laatste visioen onthuld worden.

Daniël 12:1-2.

Daniël 12:1: En te dier tijd zal Michael opstaan, die grote vorst, die voor de kinderen uws volks staat, als het zulk een tijd der benauwdheid zijn zal, als er niet geweest is, sinds dat er een volk geweest is, tot op dienzelven tijd toe; en te dier tijd zal uw volk verlost worden, al wie gevonden wordt geschreven te zijn in het boek. Daniël 12:2: En velen van die, die in het stof der aarde slapen, zullen ontwaken, dezen ten eeuwigen leven, en genen tot versmaadheden, en tot eeuwige afgrijzing.

B. Hoe zal de wijze gezien worden in die tijd in tegenstelling met de goddeloze?

Daniël 12:3;

Daniël 12:3: De leraars nu zullen blinken, als de glans des uitspansels, en die er velen rechtvaardigen, gelijk de sterren, altoos en eeuwiglijk.

Matthéüs 13:41-43.

Mattheüs 13:41: De Zoon des mensen zal Zijn engelen uitzenden, en zij zullen uit Zijn Koninkrijk vergaderen al de ergernissen, en degenen, die de ongerechtigheid doen; Mattheüs 13:42: En zullen dezelve in den vurigen oven werpen; daar zal wening zijn en knersing der tanden. Mattheüs 13:43: Dan zullen de rechtvaardigen blinken, gelijk de zon, in het Koninkrijk huns Vaders. Die oren heeft om te horen, die hore.

“De bekeerde ziel leeft in Christus. Zijn duisternis gaat voorbij en een nieuw en hemels licht schijnt in zijn ziel. 'Hij die zielen wint, is wijs.' 'En zij die wijs zijn, zullen stralen als de glans van het uitspansel; en zij die velen tot gerechtigheid brengen als de sterren, voor eeuwig en altijd.' Wat gedaan is door de samenwerking van mensen met God, is een werk, dat nooit zal vergaan, maar zal voortduren tot in de eeuwigheid. Hij die God tot zijn wijsheid maakt, die opgroeit tot de volle gestalte van een mens in Christus Jezus, zal voor koningen staan, voor de zogenaamde grote mannen van de wereld, en de lofprijzingen tonen van Hem, die hem uit de duisternis heeft geroepen tot Zijn wonderbaar licht. Wetenschap en literatuur kunnen in de verduisterde geest van de mens niet het licht brengen, dat het glorieuze evangelie van de Zoon van God kan brengen. Alleen de Zoon van God kan het grote werk doen van het verlichten van de ziel. Geen wonder dat Paulus uitroept: 'Want ik schaam mij niet voor het evangelie van Christus, want het is de kracht van God tot behoud voor ieder die gelooft.' Het evangelie van Christus wordt een persoonlijkheid in hen, die geloven, en maakt hen tot levende brieven, bekend en gelezen door alle mensen.” –Fundamentals of Christian Education, blz. 199-200. Sabbat Bijbel Lessen, Jaargang 102, nr. 2 37

Maandag — 11 mei

2. HET BOEK GESLOTEN

A. Wat moest Daniël nu doen?

Daniël 12:4

Daniël 12:4: En gij, Daniel! sluit deze woorden toe, en verzegel dit boek, tot den tijd van het einde; velen zullen het naspeuren, en de wetenschap zal vermenigvuldigd worden.

(eerste deel), 8-9 (eerste deel).

“Geëerd door mensen met de verantwoordelijke taak om te besturen en met de geheimen van grote wereldrijken, werd Daniël eveneens door God geëerd als Zijn vertegenwoordiger en kreeg hij vele openbaringen aangaande de toekomst. Zijn wonderbare profetieën, zoals deze staan vermeld in de hoofdstukken 7 tot 12 van het boek, dat zijn naam draagt, werden zelfs niet geheel door de profeet begrepen; maar eer zijn levenswerk werd afgesloten, kreeg hij de blijde belofte, dat hij in de eindtijd, in de laatste dagen van de wereldgeschiedenis, zou staan. Het werd hem niet vergund alles te begrijpen, wat God aangaande het goddelijk plan had geopenbaard… Naarmate wij het einde van de wereldgeschiedenis naderen, eisen de profetieën van Daniël onze bijzondere aandacht, omdat ze betrekking hebben op de tijd, waarin wij leven. De boodschappen van het laatste boek van het Nieuwe Testament moeten hiermee worden verbonden.” –Profeten en Koningen, blz. 335.

B. Wat laat zien, dat de woorden van de engel wezen op het mysterie van de 2300 dagen, en wanneer zou dat mysterie zich ontvouwen?

Daniël 8:17;

Daniël 8:17: En hij kwam nevens waar ik stond; en als hij kwam, verschrikte ik, en viel op mijn aangezicht. Toen zeide hij tot mij: Versta, gij mensenkind! want dit gezicht zal zijn tot den tijd van het einde.

12:4, 9 (laatste deel).

“De profetieën schetsen de opeenvolging van gebeurtenissen, die reiken tot het begin van het oordeel. Dit geldt vooral het boek Daniël. Toch moest Daniël op Gods bevel zijn profetieën, die betrekking hebben op ‘het laatste der dagen’ verborgen houden en verzegelen 'tot de eindtijd’. Pas in die tijd zou een boodschap over het oordeel worden verkondigd. Deze boodschap zou gebaseerd zijn op de vervulling van zijn profetieën. Over de eindtijd zegt de profeet Daniël: 'Velen zullen onderzoek doen, en de kennis zal vermeerderen.' (Daniël 12:4) … Sinds 1798 is het boek Daniël ontzegeld, is de kennis over de profetieën vermeerderd en hebben velen de plechtige boodschap, dat het oordeel nabij is, verkondigd. De Adventbeweging is zoals de Hervorming van de zestiende eeuw tegelijkertijd in verschillende christelijke landen ontstaan. Zowel in Europa als in Amerika werden mannen van geloof en gebed ertoe aangezet de profetieën te onderzoeken, en toen zij het geïnspireerde Woord bestudeerden, vonden zij daarin het overtuigend bewijs, dat ‘het einde aller dingen’ nabij was. In verschillende landen waren er op zichzelf staande groepen christenen, die alleen door het onderzoek van de Bijbel tot het geloof kwamen, dat de wederkomst van Christus nabij was.” –De Grote Strijd, blz. 332-333.

Dinsdag — 12 mei

3. DE TIJD VAN HET EINDE

A. Welk plechtig besluit identificeerde de periode, die leidde tot de tijd van het einde, terwijl Daniël wachtte en luisterde?

Daniël 12:5-7.

Daniël 12:5: En ik, Daniel, zag, en ziet, er stonden twee anderen, de een aan deze zijde van den oever der rivier, en de ander aan gene zijde van den oever der rivier. Daniël 12:6: En hij zeide tot den Man, bekleed met linnen, Die boven op het water der rivier was: Tot hoe lang zal het zijn, dat er een einde van deze wonderen zal wezen? Daniël 12:7: En ik hoorde dien Man, bekleed met linnen, Die boven op het water van de rivier was, en Hij hief Zijn rechterhand en Zijn linkerhand op naar den hemel, en zwoer bij Dien, Die eeuwiglijk leeft, dat na een bestemden tijd, bestemde tijden, en een helft, en als Hij zal voleind hebben te verstrooien de hand des heiligen volks, al deze dingen voleind zullen worden.

B. Identificeer de timing van deze profetische periode door kruisverwijzingen naar andere passages.

Daniël 7:25;

Daniël 7:25: En het zal woorden spreken tegen den Allerhoogste, en het zal de heiligen der hoge plaatsen verstoren, en het zal menen de tijden en de wet te veranderen, en zij zullen in deszelfs hand overgegeven worden tot een tijd, en tijden, en een gedeelte eens tijds.

Openbaring 11:2-3;

Openbaring 11:2: En laat het voorhof uit, dat van buiten den tempel is, en meet dat niet, want het is den heidenen gegeven; en zij zullen de heilige stad vertreden twee en veertig maanden. Openbaring 11:3: En Ik zal Mijn twee getuigen macht geven, en zij zullen profeteren duizend tweehonderd zestig dagen, met zakken bekleed.

12:6, 14; 13:5.

“De apostel Paulus heeft de eerste christengemeenten ervoor gewaarschuwd, dat ze de wederkomst van Christus niet in zijn dagen hoefden te verwachten. Hij zegt: ‘Laat niemand u misleiden, op welke wijze ook, want eerst moet de afval komen en de mens der wetteloosheid zich openbaren’ (2 Thessalonicensen 2:3). Pas na de grote afval en de lange heerschappij van de 'mens der wetteloosheid’ mochten de christenen de komst van de Heiland verwachten. De 'mens der wetteloosheid’, die ook 'de geheimenis der wetteloosheid’, 'de zoon des verderfs' en 'de tegenstander’ wordt genoemd, is het pausdom, dat volgens de profetie gedurende 1260 jaar zou heersen. Aan deze periode kwam een eind in 1798. De wederkomst van Christus kon dus niet vóór die tijd plaatsvinden. Paulus bestrijkt met zijn waarschuwing de hele periode van de christelijke bedeling tot het jaar 1798. Pas na die tijd zou de boodschap van Christus' wederkomst worden verkondigd.” –De Grote Strijd, blz. 333.

C. Hoe werd de periode van 1260 jaar beschreven door de engel?

Daniël 12:10

Daniël 12:10: Velen zullen er gereinigd en wit gemaakt, en gelouterd worden; doch de goddelozen zullen goddelooslijk handelen, en geen van de goddelozen zullen het verstaan, maar de verstandigen zullen het verstaan.

(eerste deel).

“In de dertiende eeuw werd het vreselijkste werktuig van het pausdom in gebruik genomen: de Inquisitie. De vorst van de duisternis werkte samen met de leiders van de pauselijke hiërarchie. In hun geheime beraadslagingen beheersten Satan en zijn engelen de geesten van mensen, terwijl ongemerkt een engel van God in hun midden was, en het vreselijke verslag van hun schandelijke besluiten opmaakte en de geschiedenis optekende van daden, die te vreselijk zijn om door de ogen van mensen te worden gezien. 'Het grote Babylon’ was 'dronken van het bloed der heiligen'. De verminkte lichamen van miljoenen martelaren riepen tot God om wraak op deze afvallige macht… De toestand van de wereld onder de Rooms-katholieke heerschappij was een verschrikkelijke en treffende vervulling van de woorden van de profeet Hosea… 'Er is geen trouw, geen liefde en geen kennis Gods in het land. Vloeken, liegen, moorden, stelen, en echtbreken! Men pleegt geweld, bloedbad volgt op bloedbad.' (Hosea 4:6, 1-2). Dat waren de gevolgen van het verbieden van Gods Woord.” –De Grote Strijd, blz. 56,57. Sabbat Bijbel Lessen, Jaargang 102, nr. 2 39

Woensdag — 13 mei

4. HET BOEK ONTSLOTEN

A. Let op de parallel met

Daniël 12:7,

Daniël 12:7: En ik hoorde dien Man, bekleed met linnen, Die boven op het water van de rivier was, en Hij hief Zijn rechterhand en Zijn linkerhand op naar den hemel, en zwoer bij Dien, Die eeuwiglijk leeft, dat na een bestemden tijd, bestemde tijden, en een helft, en als Hij zal voleind hebben te verstrooien de hand des heiligen volks, al deze dingen voleind zullen worden.

hoe zag de profeet Johannes de opening van het verzegelde visioen van Daniël?

Openbaring 10:1-2,

Openbaring 10:1: En ik zag een anderen sterken engel, afkomende van den hemel, die bekleed was met een wolk; en een regenboog was boven zijn hoofd; en zijn aangezicht was als de zon, en zijn voeten waren als pilaren van vuur. Openbaring 10:2: En hij had in zijn hand een boeksken, dat geopend was; en hij zette zijn rechtervoet op de zee, en den linker op de aarde.

5-6.

“De machtige engel, die Johannes onderrichtte, was niemand minder dan Christus. Het feit, dat Hij Zijn rechtervoet op de zee en Zijn linkervoet op de aarde zette, laat zien welk aandeel Hij heeft in de slottonelen van de grote strijd tegen Satan. Deze positie geeft Zijn oppermacht en gezag over de gehele aarde te kennen… Johannes ziet, hoe het boekje ontsloten wordt. Dan hebben de profetieën van Daniël hun juiste plaats in de boodschappen van de drie engelen, die aan de wereld gegeven zullen worden. Het openen van het boekje was de boodschap met betrekking tot de tijd… Deze tijd, die de engel onder het uiten van een plechtige eed verkondigt, is niet het einde van deze wereldgeschiedenis, of van de genadetijd, maar van de profetische tijd, die aan de wederkomst van onze Here zou voorafgaan. Dat wil zeggen, dat de mensen geen andere boodschap over een bepaalde tijd zullen krijgen. Na deze tijdsperiode, die … tot 1844 zou duren, is er geen bepaalde profetische tijd meer aangegeven. De langste tijdrekening reikt tot de herfst van 1844. De positie van de engel, met de ene voet op de zee en de andere op de aarde, duidt de verbreiding aan van de verkondiging van de boodschap. Deze zal grote zeeën oversteken en zal verkondigd worden in andere landen, ja, aan de gehele wereld." –Bijbelkommentaar, blz. 661-662.

B. Leg uit, hoe Johannes' ervaring in het visioen, waarin hij het boekje opeet, een parallel vertoonde met de ervaring van de Adventbeweging in de jaren 1840.

Openbaring 10:9-11.

Openbaring 10:9: En ik ging henen tot den engel, zeggende tot hem: Geef mij dat boeksken. En hij zeide tot mij: Neem dat en eet het op; en het zal uw buik bitter maken, maar in uw mond zal het zoet zijn als honig. Openbaring 10:10: En ik nam dat boeksken uit de hand des engels, en ik at dat op; en het was in mijn mond zoet als honig, en als ik het gegeten had, werd mijn buik bitter. Openbaring 10:11: En hij zeide tot mij: Gij moet wederom profeteren voor vele volken, en natien, en talen, en koningen.

"Het begrijpen van de waarheid, de blijde aanvaarding van de boodschap, wordt voorgesteld door het eten van het boekje. De waarheid met betrekking tot de tijd van de wederkomst van onze Heer was voor ons een kostbare boodschap." –Bijbelkommentaar, blz. 662.

“Het vastgestelde tijdperk was verstreken en Christus was niet verschenen om Zijn volk te verlossen. Zij, die met oprecht geloof en vol liefde naar hun Verlosser hadden uitgekeken, waren bitter teleurgesteld. En toch werden Gods plannen uitgevoerd. Hij onderzocht de harten van de mensen, die zeiden, dat ze op Jezus wachtten… Maar Jezus en de hemelse heerscharen keken vol liefde en medelijden naar de beproefde en getrouwe, maar teleurgestelde gelovigen. Als de sluier, die de zichtbare van de onzichtbare wereld scheidt, weggeschoven had kunnen worden, zou men engelen hebben gezien, die tot deze standvastige gelovigen kwamen om hen tegen de pijlen van Satan te beschermen.” –De Grote Strijd, blz. 349-350.

Donderdag — 14 mei

5. ONDER DE WIJZEN

A. Hoe werd Daniël beschreven door Ezechiël, een van zijn tijdgenoten?

Ezechiël 14:14.

Ezechiël 14:14: Ofschoon deze drie mannen, Noach, Daniel en Job, in het midden deszelven waren, zij zouden door hun gerechtigheid alleen hun ziel bevrijden, spreekt de Heere HEERE.

B. Hoe kunnen wij tot de wijzen behoren zoals Daniël?

Daniël 12:10

Daniël 12:10: Velen zullen er gereinigd en wit gemaakt, en gelouterd worden; doch de goddelozen zullen goddelooslijk handelen, en geen van de goddelozen zullen het verstaan, maar de verstandigen zullen het verstaan.

(laatste deel);

Spreuken 9:10;

Spreuken 9:10: De vreze des HEEREN is het beginsel der wijsheid, en de wetenschap der heiligen is verstand.

Matthéüs 7:24-25.

Mattheüs 7:24: Een iegelijk dan, die deze Mijn woorden hoort en dezelve doet, dien zal Ik vergelijken bij een voorzichtig man, die zijn huis op een steenrots gebouwd heeft; Mattheüs 7:25: En er is slagregen nedergevallen, en de waterstromen zijn gekomen, en de winden hebben gewaaid, en zijn tegen hetzelve huis aangevallen, en het is niet gevallen, want het was op de steenrots gegrond.

“De 'tijd van benauwdheid, zoals er niet geweest is', zal binnenkort aanbreken. Dan zal ons geestelijk leven een peil moeten hebben bereikt, dat we nog niet hebben. Velen zijn trouwens te onverschillig om zoiets mee te maken. Vaak schijnt ‘de benauwdheid’ groter dan ze achteraf blijkt te zijn. Deze regel gaat echter niet op voor de crisis, die voor de deur staat. Zelfs de beste beschrijving kan geen volledig beeld geven van de ernst van de beproeving. In die crisis moet iedereen onafhankelijk voor God staan. 'Al waren Noach, Daniël en Job daar, 'zo waar Ik leef, luidt het woord van de Heere HEERE, zij zouden zoon noch dochter redden. Zij zouden door hun gerechtigheid alleen zichzelf redden’. (Ezechiël 14:20). We moeten nú, terwijl onze Hogepriester nog verzoening voor ons doet, ernaar streven volmaakt te worden in Christus. De Heiland heeft zelfs niet door een gedachte toegegeven aan de kracht van de verleiding. Satan vindt in het hart van de mens altijd wel iets, waar hij vat op heeft of een zondig verlangen, dat gekoesterd wordt, waardoor hij kan verleiden. Maar Christus kon van Zichzelf zeggen: 'De overste der wereld komt en heeft aan Mij niets' (Johannes 14:30). Satan kon in de Zoon van God niets vinden, dat hem ook maar een kans gaf op de overwinning. Christus had de geboden van Zijn Vader bewaard en er was in Hem geen enkele zonde, waarvan Satan zou kunnen profiteren. In deze toestand zullen ook degenen, die in de tijd der benauwdheid stand willen houden, moeten verkeren.” –De Grote Strijd, blz. 574-575.

C. Hoe liet de engel Daniël uiteindelijk gaan?

Daniël 12:13.

Daniël 12:13: Maar gij, ga henen tot het einde, want gij zult rusten, en zult opstaan in uw lot, in het einde der dagen.

Vrijdag — 15 mei

TERUGBLIK

1. Wanneer zal de opstanding uit Daniël 12:2 plaatsvinden?

2. Wat gebeurde er, waardoor de profetie van Daniël ontsloten werd?

3. Welke gebeurtenis markeert het begin van de eindtijd?

4. Welke profetie onthulde de opening van het boek Daniël?

5. Hoe kan ik er zeker van zijn, dat ik tot de wijzen behoor? Sabbat Bijbel Lessen, Jaargang 102, nr. 2 41