Lessen uit het evangelie volgens Johannes (deel 2) — SABBAT, 26 APRIL 2025

LES 4: Niemand sprak zoals deze Mens

Tekst om te onthouden

Tekst om te onthouden: ”De dienaars antwoordden: Nooit heeft een mens alzo gesproken, gelijk deze Mens”

Johannes 7:46

“Het begrijpen en op de juiste waarde schatten van de waarheid, zei Hij, is niet zozeer afhankelijk van het verstand als wel van het hart. De waarheid moet in de ziel ontvangen worden; ze eist het eerbetoon van de wil.” –De Wens der Eeuwen, blz. 393.

Aanvullende studie:: -Testimonies to Ministers, blz. 506-512.

Zondag — 20 april

1. De interesse van de mensen in Jezus

A. Wat vroegen sommige Joden, toen zij Jezus openlijk hoorden en zagen prediken?

Johannes 7:25-26.

Johannes 7:25: Sommigen dan uit die van Jeruzalem zeiden: Is Deze niet, Dien zij zoeken te doden? Johannes 7:26: En ziet, Hij spreekt vrijmoediglijk, en zij zeggen Hem niets. Zouden nu wel de oversten waarlijk weten, dat Deze waarlijk is de Christus?

“Velen van Christus’ toehoorders, die in Jeruzalem woonden en niet onwetend waren van de samenzweringen van de oversten tegen Hem, voelden zich door een onweerstaanbare kracht tot Hem aangetrokken. De overtuiging drong zich aan hen op, dat Hij de Zoon van God was.” –De Wens der Eeuwen, blz. 395.

B. Hoe werkte Satan op de heersers om twijfels teweeg te brengen?

Johannes 7:27.

Johannes 7:27: Doch van Dezen weten wij, van waar Hij is; maar de Christus, wanneer Hij komen zal, zo zal niemand weten, van waar Hij is.

“Maar Satan stond klaar om twijfel te zaaien; en hiervoor was de weg gereedgemaakt door hun eigen verkeerde ideeën over de Messias en Zijn komst. Men geloofde algemeen, dat de Christus in Bethlehem geboren zou worden, maar dat Hij na verloop van tijd zou verdwijnen, en dat bij Zijn tweede optreden niemand zou weten, waar Hij vandaan kwam. Er waren heel wat mensen, die geloofden dat de Messias geen natuurlijke verwantschap met het mensdom zou hebben. En omdat de idee, die het volk had over de heerlijkheid van de Messias, niet tot uitdrukking kwam in Jezus van Nazareth, luisterden velen naar de gedachte: “Van Deze echter weten wij, vanwaar Hij is, doch wanneer de Christus komt, weet niemand, vanwaar Hij is”.” –De Wens der Eeuwen, blz. 395.

Maandag — 21 april

2. Kwaadaardige plannen voorkomen

A. Wat zei Jezus tegen hen bij het lezen van de gedachten van Zijn twijfelende luisteraars?

Johannes 7:28.

Johannes 7:28: Jezus dan riep in den tempel, lerende en zeggende: En gij kent Mij, en gij weet, van waar Ik ben; en Ik ben van Mijzelven niet gekomen, maar Hij is waarachtig, Die Mij gezonden heeft, Welken gijlieden niet kent.

“Terwijl zij zo wankelden tussen twijfel en geloof, ging Jezus in op hun gedachten, en antwoordde hun: “Mij kent gij en gij weet, vanwaar Ik ben; en Ik ben niet van Mijzelf gekomen, maar er is een Waarachtige, Die Mij gezonden heeft en Die gij niet kent”. Zij beweerden, dat zij wisten, waar de Christus vandaan zou komen, maar zij waren daarvan volkomen onwetend. Indien zij geleefd zouden hebben in overeenstemming met de wil van God, dan zouden ze Zijn Zoon gekend hebben, toen Hij Zich aan hen openbaarde.” –De Wens der Eeuwen, blz. 395.

B. Op welke manier probeerden de Joodse leiders Hem te doen zwijgen, bij gebrek aan argumenten om Jezus tegen te spreken?

Johannes 7:30 (eerste deel).

[John.7.30.a]

In werkelijkheid, waarom konden ze Hem niet arresteren?

Johannes 7:30 (laatste deel).

[John.7.30.b]

“De toehoorders moesten de woorden van Christus wel verstaan. Het was duidelijk, dat deze een herhaling waren van de aanspraak, die Hij gemaakt had voor het Sanhedrin, vele maanden geleden, toen Hij verklaard had de Zoon van God te zijn. Zoals de oversten toen Zijn dood trachtten te bewerken, zo zochten ze ook thans Hem te grijpen; maar zij werden daarin gehinderd door een onzichtbare macht, die paal en perk stelde aan hun woede met de woorden: Tot zo ver zult ge gaan, en niet verder.” –De Wens der Eeuwen, blz. 395.

C. Hoe uitten velen hun geloof in Jezus, en wat waren de plannen van de heersers, toen zij de sympathie van het volk voor Hem beseften?

Johannes 7:31-32.

Johannes 7:31: En velen uit de schare geloofden in Hem, en zeiden: Wanneer de Christus zal gekomen zijn, zal Hij ook meer tekenen doen dan die, welke Deze gedaan heeft? Johannes 7:32: De Farizeen hoorden, dat de schare dit van Hem murmelde; en de Farizeen en de overpriesters zonden dienaren, opdat zij Hem grijpen zouden.

“De leiders van de Farizeeën, die ongerust de loop der gebeurtenissen gadesloegen, vingen de woorden van sympathie op, die door de schare geuit werden. Zij haastten zich op weg naar de overpriesters en smeedden plannen om Hem in hechtenis te nemen. Zij spraken echter af, Hem gevangen te nemen wanneer Hij alleen was, want zij durfden Hem niet grijpen in tegenwoordigheid van het volk.” –De Wens der Eeuwen, blz. 395.

Dinsdag — 22 april

3. DE UITNODIGING

A. Welke illustratie gebruikte Jezus op de laatste dag van het feest om troost te bieden aan zielen, die moe waren van de zonde?

Johannes 7:37-38.

Johannes 7:37: En op den laatsten dag, zijnde de grote dag van het feest, stond Jezus en riep, zeggende: Zo iemand dorst, die kome tot Mij en drinke. Johannes 7:38: Die in Mij gelooft, gelijkerwijs de Schrift zegt, stromen des levenden waters zullen uit zijn buik vloeien.

“Het hart, dat Gods Woord aanvaardt, is niet als een poel die verdampt, of als een gebroken kruik die zijn schat verliest. Het is als een bergstroom, gevoed door bronnen die nooit opdrogen, waarvan de koele heldere wateren van rots op rots neer klateren, en de vermoeiden, de dorstigen, de zwaar belasten verfrist. Het is als een rivier die altijd stroomt, en die, naarmate ze verder gaat, steeds dieper en breder wordt, tot haar leven­gevend water zich over heel de aarde verspreidt. De stroom, die murmelend haar weg zoekt, laat achter zich haar spoor van groen en vruchtbaarheid. Het gras aan de oevers is van een frisser groen, de bomen hebben een rijker gebladerte, de bloemenweelde is groter. Als de aarde kaal en verbrand ligt onder de verschroeiende hitte van de zomer, kenmerkt een strook van groen de loop van de rivier.

“Zo is het ook met het ware kind van God. De godsdienst van Christus openbaart zich als een levengevend, alles doordringend beginsel, als een levende, werkende, geestelijke kracht. Als het hart openstaat voor de hemelse invloed van waarheid en liefde, zullen deze beginselen daaruit voort stromen als waterstromen in de woestijn, waardoor vruchtbaarheid verschijnt in plaats van onvruchtbaarheid en droogte.” –Profeten en Koningen, blz. 145-146. ”'Indien iemand dorst heeft' naar rustgevende hoop, naar bevrijding van zondige neigingen, zegt Christus: hij kome tot Mij en drinke' (Johannes 7:37).” –De Weg tot Gezondheid, blz. 146.

B. Hoe moet deze uitnodiging verder worden begrepen?

Johannes 7:39.

Johannes 7:39: (En dit zeide Hij van den Geest, Denwelken ontvangen zouden, die in Hem geloven; want de Heilige Geest was nog niet, overmits Jezus nog niet verheerlijkt was.)

“Christus presenteerde de beginselen van de waarheid in het evangelie. In Zijn onderwijzing kunnen wij drinken van de zuivere stromen, die vloeien van de troon van God.” –Testimonies for the Church, vol. 8, blz. 309.

“Wat wij nodig hebben is een levende godsdienst. Iemand die een zuivere en toegewijde opvatting heeft van zijn plicht, wiens ziel in contact staat met God en die vol is van ijver voor Christus, zal een machtige invloed ten goede uitoefenen. Hij drinkt niet beneden aan de stroom, waar het water vervuild is, maar bij de bron van het water, waar het zuiver is, en hij kan een nieuwe geest en kracht aan de gemeente door geven. Als de druk van binnenuit afneemt, wil God dat Zijn gemeente met nieuw leven bezield wordt door de heilige en ernstige waarheden, die zij geloven. De Heilige Geest uit de hemel, die met de zonen en dochters van God werkt, zal obstakels overwinnen en de grond, die de vijand veroverde, bezetten. God heeft grote overwinningen in het verschiet voor Zijn waarheidminnende, gebod onderhoudende volk.” –Getuigenissen voor de Gemeente 5, blz. 474.

Woensdag — 23 april

4. Woorden als geen ander

A. Als gevolg van Christus' verwijzing naar het water des levens, wat concludeerden velen toen en waarom?

Joh. 7:40;

Johannes 7:40: Velen dan uit de schare, deze rede horende, zeiden: Deze is waarlijk de Profeet.

(vergelijk

Deuteronomium 18:15

Deuteronomium 18:15: Een Profeet, uit het midden van u, uit uw broederen, als mij, zal u de HEERE, uw God, verwekken; naar Hem zult gij horen;

).

B. Terwijl sommigen door zo'n vooruitzicht met hoop werden geïnspireerd, hoe reageerden anderen?

Johannes 7:41-44.

Johannes 7:41: Anderen zeiden: Deze is de Christus. En anderen zeiden: Zal dan de Christus uit Galilea komen? Johannes 7:42: Zegt de Schrift niet, dat de Christus komen zal uit den zade Davids, en van het vlek Bethlehem, waar David was? Johannes 7:43: Er werd dan tweedracht onder de schare, om Zijnentwil. Johannes 7:44: En sommigen van hen wilden Hem grijpen; maar niemand sloeg de handen aan Hem.

C. Welke opdracht hadden de ambtenaren van hun leiders ontvangen?

Johannes 7:45.

Johannes 7:45: De dienaars dan kwamen tot de overpriesters en Farizeen; en die zeiden tot hen: Waarom hebt gij Hem niet gebracht?

Waarom konden ze zichzelf er niet toe brengen om Jezus gevangen te nemen?

Johannes 7:46.

Johannes 7:46: De dienaars antwoordden: Nooit heeft een mens alzo gesproken, gelijk deze Mens.

“Op de laatste dag van het feest keerden de dienaars die door de priesters en oversten waren uitgezonden om Jezus gevangen te nemen, zonder Hem terug. Toornig stelde men hun de vraag: “Waarom hebt gij Hem niet medegebracht?” In grote ernst antwoordden zij: “Nooit heeft een mens zó gesproken, als deze mens spreekt!”

“Hoe verhard hun hart ook was, het werd getroffen door Zijn woorden. Terwijl Hij sprak in de voorhof van de tempel, waren zij in Zijn omgeving gebleven, om iets op te vangen dat tegen Hem gebruikt zou kunnen worden. Maar terwijl zij luisterden, werd het doel, waarvoor zij gekomen waren, vergeten. Zij stonden daar als mensen, die in hoge mate geboeid waren. Christus openbaarde Zichzelf aan hun zielen. Zij zagen datgene, wat de priesters en oversten niet wilden zien, menselijkheid doorstroomd met de heerlijkheid van het goddelijke.” –De Wens der Eeuwen, blz. 397.

Ook gebruikte Hij (Christus) de dingen uit de natuur, waarmee zij vertrouwd waren, om goddelijke waarheid te illustreren. Zo werd de bodem van het hart voorbereid om het goede zaad te ontvangen. Hij liet Zijn toehoorders voelen, dat Zijn belangen overeenkwamen met die van hen, dat Zijn hart in sympathie meevoelde met hun vreugde en verdriet. Tegelijkertijd zagen zij in Hem de manifestatie van kracht en uitnemendheid, die ver reikte boven hetgeen hun meest gewaardeerde rabbi’s bezaten. De onderwijzingen van Christus werden gekenmerkt door een eenvoud, waardigheid en kracht, die zij niet eerder gezien hadden, en onwillekeurig riepen zij uit: “Nooit heeft een mens zo gesproken als deze mens spreekt!” De mensen luisterden graag naar Hem, maar de priesters en oversten, die zelf ontrouw waren aan de hun toevertrouwde taak om over de waarheid te waken, haatten Christus om de genade, die Hij aan de dag legde, waardoor de massa hen in de steek liet om het Licht des levens te volgen. Door hun invloed verwierp de Joodse natie de Verlosser, omdat men Zijn goddelijk karakter niet onderscheidde.” –Getuigenissen voor de Gemeente 5, blz. 607.

Donderdag — 24 april

5. Een oprecht zoeker ontwikkeld zich volledig

A. Hoe berispten de hogepriesters en Farizeeën de dienaren?

Johannes 7:47-49.

Johannes 7:47: De Farizeen dan antwoordden hun: Zijt ook gijlieden verleid? Johannes 7:48: Heeft iemand uit de oversten in Hem geloofd, of uit de Farizeen? Johannes 7:49: Maar deze schare, die de wet niet weet, is vervloekt.

B. Vertel over het gesprek, dat volgde met Nicodemus dat zijn groei onthult sinds zijn nachtelijke ontmoeting met Christus in Johannes hoofdstuk 3. Johannes 7:50-52.

“Hij (Nicodemus) verborg de waarheid in zijn hart, en gedurende drie jaar was er maar weinig vrucht te bespeuren. Maar ofschoon Nicodemus Christus niet openlijk erkende, heeft hij toch herhaaldelijk in de vergadering van het Sanhedrin de voorstellen van de priesters om Christus te verdelgen doorkruist.” –Van Jeruzalem tot Rome, blz. 75.

“De les, die Christus aan Nicodemus had gegeven, was niet tevergeefs geweest. De overtuiging had bij hem postgevat en in zijn hart had hij Jezus aangenomen. Sinds zijn onderhoud met de Heiland had hij ernstig de Oudtestamentische Schriften onderzocht en hij had de waarheid in de juiste zetting van het evangelie gezien. De vraag die hij stelde was verstandig en zou met instemming zijn ontvangen door hen, die de leiding hadden, als zij niet door de vijand misleid waren. Zij waren echter zo van vooroordeel vervuld, dat geen enkel argument ten gunste van Jezus van Nazareth, hoe overtuigend het ook mocht zijn, bij hen gewicht in de schaal legde. Nicodemus kreeg ten antwoord: “Zijt gij soms ook uit Galilea? Ga maar na en zie, dat uit Galilea geen profeet opstaat.” De priesters en oversten waren misleid, wat Satans bedoeling was, door te menen dat Christus uit Galilea kwam. Sommigen die wisten dat Hij in Bethlehem geboren was, zwegen, opdat de leugen niet van haar kracht beroofd zou worden.” ––Bijbelkommentaar, blz. 399-400.

Vrijdag — 25 april

Terugblik

1. Waarom trok Jezus de aandacht en het respect van de mensen?

2. Hoe bleven de Joodse leiders proberen Jezus te stoppen?

3. Welke publieke oproep deed Jezus op de laatste dag van het feest?

4. Leg de grote strijd uit, die het gevolg was.

5. Als ik denk aan de mensen, die ik ken, wat moet ik me dan herinneren over Nicodemus?