Tekst om te onthouden: „En Jezus zeide tot hen: Ik ben het Brood des levens: die tot Mij komt, zal geenzins hongeren, en die in Mij gelooft, zal nimmermeer dorsten”
Johannes 6:35
“Wij eten het vlees van Christus... als wij in geloof beslag op Hem leggen als onze Verlosser.” –Bijbelkommentaar, blz. 398.
Aanvullende studie:: Gedachten van de Berg der Zaligsprekingen, blz. 23-25.
A. Welke overtuiging nam bezit van veel mensen na het wonder van de broden?
Johannes 6:14.
Wat wilden ze graag doen?
Johannes 6:15 (eerste deel).
“De gehele dag is die overtuiging sterker geworden. De daad, die de kroon spande, is de verzekering, dat de Verlosser naar Wie ze zo lang hebben uitgezien, onder hen is. De verwachtingen van de mensen werden steeds hoger. Dit is Degene, Die Judea zal maken tot een aards paradijs, een land overvloeiende van melk en honing. Hij kan ieders verlangen bevredigen. Hij kan de macht van de gehate Romeinen verbreken. Hij kan Juda en Jeruzalem bevrijden. Hij kan de soldaten, die in de strijd gewond zijn, genezen. Hij kan hele legers van voedsel voorzien. Hij kan de volken overwinnen en Israël de heerschappij geven, waarnaar zij zolang gestreefd hebben.
“In hun geestdrift zijn de mensen terstond bereid Hem tot hun koning te kronen. Ze zien, dat Hij geen poging doet om de aandacht te trekken of Zijn eigen eer te zoeken. Hierin verschilt Hij wezenlijk van de priesters en oudsten, en ze vrezen, dat Hij nooit Zijn aanspraken op de troon van David dringend naar voren zal brengen. Ze beraadslagen samen en besluiten om Hem met geweld te nemen en uit te roepen tot koning van Israël. De discipelen verenigen zich met de menigte met hun verklaring, dat de troon van David rechtens het erfdeel is van hun Meester. Het is de bescheidenheid van Christus, zeggen ze, die Hem ertoe brengt, een dergelijk eerbetoon af te wijzen. Laat het volk hun Verlosser verhogen. Laat de arrogante priesters en oudsten gedwongen worden Hem te eren, Die komt, bekleed met het gezag Gods.” -De Wens der Eeuwen blz. 323-324.
A. Wat deed Jezus om te voorkomen, dat de menigte en de discipelen hun plannen uitvoerden om Hem op een aardse troon te plaatsen?
Johannes 6:15.
“Vol ijver treffen zij [de dicipelen en de menigte] maatregelen om hun plan ten uitvoer te brengen; maar Jezus ziet wat er op touw gezet is en begrijpt, zoals zij dat niet kunnen, wat het gevolg van een dergelijke beweging zou zijn. Zelfs nu reeds zoeken de priesters en oversten Hem het leven te benemen. Zij beschuldigen Hem ervan, dat Hij de mensen van hen aftrekt. Geweld en opstand zouden het gevolg zijn van een poging Hem op de troon te plaatsen, en het werk van het geestelijk koninkrijk zou erdoor belemmerd worden. Zonder uitstel moet de beweging onderdrukt worden. Jezus roept Zijn discipelen tot Zich en geeft hun bevel de boot te nemen en terstond terug te keren naar Kapernaüm, en Hem achter te laten onder de mensen om hen weg te zenden.
Nooit tevoren had een bevel van Christus zo onuitvoerbaar geschenen. De discipelen hadden reeds lang gehoopt, dat een opstand van het volk Jezus op de troon zou plaatsen; zij konden de gedachten niet verdragen, dat al deze geestdrift op niets zou uitlopen. De menigten, die zich nu verzamelden om het Pascha te vieren, waren verlangend de nieuwe profeet te zien. Voor Zijn volgelingen scheen dit de ideale gelegenheid om hun geliefde Meester op de troon van Israël te vestigen. Geestdriftig voor dit nieuwe ideaal was het moeilijk voor hen om zelf weg te gaan, en Jezus alleen achter te laten op die verlaten oever. Zij protesteerden tegen de regeling; maar Jezus sprak nu met een gezag, dat Hij nooit eerder jegens hen gebruikt had. Zij wisten, dat verdere tegenstand van hun zijde nutteloos zou zijn, en zwijgend keerden zij terug naar het meer." -De Wens der Eeuwen, blz. 324
B. Wat deed de menigte de dag na het wonder?
Johannes 6:22-25.
“Het wonder van de broden werd heinde en ver verteld, en al zeer vroeg de volgende morgen kwamen de mensen in drommen naar Bethsaïda om Jezus te zien. Zij kwamen in groten getale, over land en over het meer. Zij, die Hem de avond tevoren verlaten hadden, kwamen terug, in de verwachting dat zij Hem daar nog zouden vinden, want er was geen schip geweest, waarmee Hij naar de andere zijde kon oversteken. Maar hun speurtocht was tevergeefs, en velen keerden terug naar Kapernaüm, nog steeds op zoek naar Hem
“Intussen was Hij aangekomen in Gennesareth, nadat Hij daar slechts één dag afwezig was geweest. Zodra bekend werd, dat Hij aan land was gegaan, liepen de mensen “die gehele streek af en begonnen degenen', die ernstig ongesteld waren, op matrassen rond te dragen naar de plaats waar zij hoorden dat Hij was” Markus 6:55.” —De Wens der Eeuwen, blz. 329.
A. Welke openhartige maar bedachtzame boodschap gaf Jezus aan de menigten?
Johannes 6:26-27.
“Jezus bevredigde hun nieuwsgierigheid niet. Bedroefd zei Hij: “Ik zeg u, gij zoekt Mij, niet omdat gij tekenen gezien hebt, maar omdat gij van de broden gegeten hebt en verzadigd zijt”. Zij zochten Hem niet met een waardig motief; maar daar ze gevoed waren met de broden, hoopten ze nog steeds stoffelijk voordeel te verkrijgen door zich bij Hem aan te sluiten. De Heiland zei hun: “Werkt niet om de spijs die vergaat, maar om de spijs die blijft tot in het eeuwige leven”.Jaag niet alleen naar stoffelijk voordeel. Laat uw voornaamste streven niet uitgaan naar het voorzien in noden van het leven van nu, maar zoek naar geestelijk voedsel, ja, naar die wijsheid die zal blijven bestaan tot in eeuwigheid.” -De Wens der Eeuwen, blz. 330.
B. Welke vraag stelden de Joden aan Jezus over de werken van God?
Johannes 6:28.
Leg het antwoord uit, dat de Heer gaf.
Johannes 6:29.
“Een ogenblik was de belangstelling van de toehoorders opgewekt. Zij riepen uit: “Wat moeten wij doen, opdat wij de werken Gods mogen werken?” Zij hadden vele moeitevolle werken verricht om zich Gode aangenaam te maken en zij waren bereid te luisteren naar elk nieuw voorschrift, waardoor zij grotere verdiensten konden verkrijgen. Hun vraag betekende: Wat moeten wij doen om de hemel te verdienen? Wat is de prijs, die van ons wordt gevraagd, ten einde het toekomstig leven te verkrijgen?
“Jezus antwoordde en zeide tot hen: Dit is het werk Gods, dat gij gelooft in Hem Die Hij gezonden heeft.” De prijs van de hemel is Jezus. De weg naar de hemel is door geloof in “het Lam Gods, Dat de zonden der wereld wegneemt”. Johannes 1:29.” —De Wens der Eeuwen, blz. 330.
“Berouw is een zich keren van zichzelf tot Christus; en wanneer we Christus aannemen, zodat Hij, door het geloof, in ons kan wonen, zullen goede werken geopenbaard worden.” –Gedachten van de Berg der Zaligsprekingen, blz. 79.
“Moge de Heer Zijn volk helpen om te beseffen dat er ernstig werk te doen is... In het huis, in de gemeente en in de wereld moeten zij de werken van Christus uitwerken. Ze worden niet alleen gelaten om te werken. De engelen zijn hun helpers. En Christus is hun helper.” –Testimonies for the Church, vol. 8, blz. 18.
A. Welk teken wilden de Joden en welk historisch feit noemden zij?
Johannes 6:30-31.
Hoe sprak Jezus over het brood uit de hemel?
Johannes 6:32-33.
“De Joden eerden Mozes als de gever van het manna, ze gaven de eer aan het werktuig en verloren Hem uit het oog door Wie het werk tot stand was gebracht. Hun vaderen waren tegen Mozes in opstand gekomen en hadden getwijfeld aan Zijn goddelijke opdracht en die ontkend. Nu verwierpen de kinderen in dezelfde geest Hem, Die de boodschap van God aan hen bracht. "Jezus zeide dan tot hen: Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u, niet Mozes heeft u het brood uit de hemel gegeven." De Gever van het manna stond bij hen. Het was Christus Zelf, Die de Hebreeën door de woestijn had geleid en hen dagelijks had gespijzigd met brood uit de hemel. Dat voedsel was een type van het ware brood des hemels. De levende Geest, Die vloeit uit de oneindige volheid van God, is het ware manna." -De Wens der Eeuwen, blz. 331.
B. Welke vraag stelden zij, met hun gedachten uitsluitend gericht op het natuurlijke, fysieke brood, en wat legde de Heer uit?
Johannes 6:34-36.
“Het beeld, dat Christus gebruikte, was vertrouwd voor de Joden. Mozes, geïnspireerd door de Heilige Geest, had gezegd: “Dat de mens niet alleen van brood leeft, maar dat de mens leeft van alles wat uit de mond des Heren uitgaat” En de profeet Jeremia had geschreven: 'Zo vaak Uw woorden gevonden werden, at ik ze op, Uw woord was mij tot vreugde en blijdschap mijns harten” Deuteronomium 8:3; Jeremia 15:16. De rabbi’s zelf hadden een gezegde, dat het eten van brood, in zijn geestelijke betekenis, de studie van de wet en het beoefenen van goede werken was; en dikwijls zei men, dat bij de komst van de Messias geheel Israël gevoed zou worden. Datgene, wat de profeten leerden, maakte de diep geestelijke les, die in het wonder van de broden was verborgen, duidelijk. Deze les trachtte Christus te verklaren aan Zijn toehoorders in de synagoge. Indien zij de Schriften verstaan hadden, dan zouden zij Zijn woorden begrepen hebben, toen Hij zei: “Ik ben het brood des levens”. Nog de dag daarvoor waren de mensen, vermoeid en hongerig, gevoed met het brood dat Hij hun gegeven had. Zoals zij door het brood lichamelijke kracht en verkwikking verkregen hadden, zo konden ze van Christus geestelijke kracht ten eeuwigen leven ontvangen.” -De Wens der Eeuwen, blz. 331-332.
A. Welke twee nauw verwante beloften worden gegeven aan hen, die zich met Christus vereenzelvigen en hoe brengt dit hoop voor elke zondaar?
Johannes 6:37-40.
“Allen, die Hem in het geloof aannamen, zei Hij (Jezus), zouden eeuwig leven hebben. Niet één kon verloren gaan.” –De Wens der Eeuwen, blz. 332.
“Luister niet naar de suggestie van de vijand om van Christus weg te blijven, tot u zich verbeterd hebt; tot u goed genoeg bent om tot God te komen. Als u tot dat ogenblik wacht, zult u nooit komen. Als Satan wijst op uw vuile klederen, herhaal dan de belofte van Jezus: ‘Wie tot Mij komt, zal Ik geenszins uitwerpen.’ Johannes 6:37. Zeg de vijand, dat het bloed van Jezus van alle zonden reinigt. Maak de bede van David tot de uwe: Ontzondig mij met hysop, dan ben ik rein; was mij, dan ben ik witter dan sneeuw. Psalm 51:9.
Sta op en ga naar uw Vader. Hij zal u van verre tegemoet komen. Als u berouwvol slechts een enkele stap in Zijn richting doet, zal Hij Zich haasten om u in Zijn armen van oneindige liefde te sluiten. Zijn oor is geopend voor het geroep van het boetvaardig hart. God hoort de eerste kreet van het hart, dat naar Hem vraagt. Er is geen gebed, hoe aarzelend ook, geen traan, in het verborgen gestort, geen oprecht verlangen naar God, al is het nog zo zwak, of Gods Geest geeft hieraan gehoor. Reeds voor de bede wordt geuit of het verlangen van het hart is bekendgemaakt, gaat Christus’ genade uit om samen te werken met de krachten, die met het menselijk hart bezig zijn.”' -Lessen uit het Leven van Alledag, blz. 121.
B. Wat morden de ongelovige joden, en welke belofte herhaalde Jezus aan hen, die in Hem geloofden?
Johannes 6:41-51.
1. Wat waren de plannen van Christus' volgelingen na het wonder van de broden?
2. Beschrijf het voornaamste belang van de menigte, die Jezus volgde.
3. Verklaar de woorden van Jezus in Johannes 6:29.
4. Welk beeld gebruikte Christus om de bron van geestelijke leven te beschrijven?
5. Hoe uitten de Joodse leiders hun vooroordeel tegen Christus?
Rusland is qua oppervlakte het grootste land ter wereld, met een omvang van 6.612.073,2 vierkante mijl (17.125.191 km²) en een bevolking van 147.000.000. Mensen van meer dan 180 nationaliteiten bewonen dit uitgestrekte gebied, en op hun beurt belijden zij verschillende religieuze overtuigingen. De meest prominente godsdienst is Russisch-orthodox (41,1%), gevolgd door andere christelijke geloofsovertuigingen (6,3%), Islam (6,5%), Neopaganen en Tengristen (1,2%), Boeddhisme (1,2%), niet-praktiserende gelovigen (25,2%), Atheïsten (13%), en de rest die geen religie belijdt.
Sinds het begin van de ZDA-Ref kwam de boodschap van het eeuwige evangelie hier onder zeer moeilijke omstandigheden naar voren. Veel gelovigen werden zwaar vervolgd, en sommigen getuigden voor de gekruisigde en opgewekte Verlosser ten koste van hun leven.
Eind jaren negentig verhuisde een Bijbelwerker met zijn vrouw naar de centrale regio van Rusland om er zendingswerk te verrichten. Als gevolg van hun inspanningen en gebeden werd een groep gelovigen georganiseerd. Maar ze hadden geen plaats voor bijeenkomsten en aanbidding. Ten slotte vonden ze in 2006 een klein huis op een stuk land in Prokhorovka, een stedelijk administratief centrum van het district Prokhorovsky van de Belgorod Oblast, een agrarisch gebied dat granen, suikerbieten, zonnebloemen en fruit produceert langs de rivier de Psyol ten zuidoosten van de stad Koersk, waar enorme ijzervoorraden liggen.
We zagen duidelijk de hand van God aan het werk, toen Hij op wonderbaarlijke wijze vele obstakels wegnam en de aankoop van dit huis zegende. Het werk in deze regio is blijven groeien en het duurde niet lang, voordat het huis te klein werd om plaats te bieden aan alle aanbidders van God. Een paar jaar geleden kregen we een vergunning van de autoriteiten om een nieuw pand te bouwen en begonnen we met de bouw van een godshuis. De broeders hebben donaties gedaan en hard gewerkt, maar om dit project te voltooien hebben we de genereuze hulp nodig van mensen over de hele wereld, die van de Heer houden. De voltooiing van dit project zal de mogelijkheid bieden om het evangeliewerk in de naburige regio’s verder te ontwikkelen, als een baken van licht in het verspreiden van de laatste boodschap van verlossing. Moge de Heer een ieder zegenen wiens hart bereid is om het succes van de tegenwoordige waarheid in deze regio van de wereld te helpen!
Uw broeders van de gemeente van Prokhorovka en de Russische Unie