Tekst om te onthouden: “En wij hebben het profetische woord, dat zeer vast is, en gij doet wel, dat gij daarop acht hebt, als op een licht, schijnende in een donkere plaats, totdat de dag aanlicht en de morgenster opgaat in uw harten”
2 Petrus 1:19
“In het aanvaarden van de boodschap van de derde engel hebben we geen acht geslagen op fabels, maar ‘op het ‘zekere woord der profetie’. We leven nu in het volle schijnsel van het licht van de Bijbelse waarheid.” –Testimonies for the Church, vol. 4, blz. 592.
Aanvullende studie:: Selected Messages, bk. 1, blz. 15-23.
A. Waarom was Petrus in staat de godheid van Jezus Christus te bevestigen?
Matthéüs 17:1–7.
“Op de berg werd het toekomstig koninkrijk der heerlijkheid in miniatuur voorgesteld, Christus de Koning, Mozes een vertegenwoordiger van de verrezen heiligen, en Elia van de verheerlijkten.
De discipelen begrepen de betekenis van dit schouwspel niet; maar zij verblijdden zich over het feit, dat de geduldige Leraar, de Zachtmoedige en Nederige, Die heeft rondgezworven als een hulpeloze vreemdeling, geëerd wordt door hen, die door de hemel begenadigd zijn.” –De Wens der Eeuwen, blz. 367.
“De gehele nacht werd doorgebracht op de berg; en toen de zon opging, daalden Jezus en Zijn discipelen af naar de vlakte. Geheel in beslag genomen door hun gedachten, waren de discipelen eerbiedig en stil. Zelfs Petrus had geen woorden.” –De Wens der Eeuwen, blz. 370.
B. Wat kon Petrus vol vertrouwen verklaren, en hoe moeten wij, door geloof, zijn moedig voorbeeld herhalen?
2 Petrus 1:16–18.
“Geen leugen is van de waarheid. Als we listig bedachte fabels volgen, verenigen we ons met de strijdkrachten van de vijand tegen God en Christus…
Elke vorm van kwaad wacht op een kans om ons aan te vallen. Vleierij, steekpenningen, aansporingen en beloften van wonderbaarlijke verheerlijking zullen zeer volhardend worden aangewend.
Wat doen Gods dienaren om de barrière van een ‘Zo zegt de Heer’ tegen dit kwaad op te werpen?” –Selected Messages, bk. 1, blz. 194.
A. Waar kunnen we dankbaar voor zijn, als de verwarring groot is, zoals blijkt uit de manier, waarop Christus hoop bracht aan teleurgestelde discipelen op weg naar Emmaüs?
Lukas 24:15–21,
Lucas 24:27,
Lucas 24:32;
2 Petrus 1:19.
“Dit gesprek greep de discipelen (op weg naar Emmaüs) erg aan. Hun geloof werd erdoor versterkt. Zij waren ‘wedergeboren tot een levende hoop’, zelfs voordat Jezus Zich aan hen had geopenbaard. Christus wilde hun meer inzicht geven en hun geloof vestigen op ‘het vaste woord der profetie’. Hij wilde, dat de waarheid goed tot hen doordrong, niet alleen omdat deze waarheid door Zijn persoonlijk getuigenis werd bevestigd, maar ook vanwege de onbetwistbare bewijzen van de symbolen en beelden van de schaduwdienst en van de profetieën van het Oude Testament. De volgelingen van Christus moesten een geloof hebben, waar ze rekenschap van konden afleggen. Dit was niet alleen voor hun eigen belang, maar ook in het belang van de wereld, die Christus door hun getuigenis moest leren kennen. Jezus wees Zijn discipelen als eerste stap bij het overdragen van deze kennis op ‘Mozes en al de profeten’. Deze uitspraak van de opgestane Heiland toont aan welk belang Hij aan het Oude Testament hechtte.” –De Grote Strijd, blz. 326–327.
“Het is Zijn (Gods) plan, dat degenen, die deelhebbers zijn aan deze grote verlossing, door Jezus Christus Zijn zendelingen zullen zijn… Het volk moet gewaarschuwd worden om zich voor te bereiden op het komende oordeel. Aan degenen, die alleen naar fabels hebben geluisterd, zal God een gelegenheid geven om het zekere woord der profetie te horen, en zij doen er goed aan er acht te slaan als op een licht, dat schijnt in een donkere plaats. Hij zal het zekere woord der waarheid presenteren aan het begrip van allen, die er acht op willen slaan; allen kunnen de waarheid vergelijken met de fabels, die hun worden gepresenteerd door mannen die beweren het woord van God te begrijpen en gekwalificeerd te zijn om degenen in duisternis te onderwijzen.” –Testimonies for the Church, vol. 2, blz. 631–632.
B. Noem een waarschuwing van Paulus aan Timótheüs, die vandaag zeer van toepassing is?
1 Timótheüs 6:20–21.
“Dezelfde geest van heidense afgoderij is tegenwoordig wijd verspreid, ofschoon ze onder invloed van wetenschap en scholing een meer verfijnde en aantrekkelijke vorm heeft aangenomen. Elke dag voegt zorgelijk bewijs toe aan het feit dat geloof in het waarachtig profetisch woord snel afneemt, en dat in plaats daarvan bijgeloof en satanische tovenarij het verstand van de mensen in beslag nemen.” (Getuigenissen voor de Gemeente deel 5 blz. 158)
A. Hoe kunnen we echte profetie onderscheiden als een anker, een fundamentele pijler van het christelijk geloof?
Amos 3:7;
2 Petrus 1:20–21.
“Velen, heel velen, trekken de algemeen aanvaarde waarheid en de waarheid van de Schrift in twijfel. Menselijk redeneringen en de verbeeldingen van het menselijk hart ondermijnen de inspiratie van het Woord van God, en dat wat als vanzelfsprekend moet worden ontvangen, is omgeven door een wolk van mystiek. Niets valt op in duidelijke en onderscheiden lijnen, tot een dieptepunt. Dit is een van de kenmerkende tekenen van de laatste dagen.” –Selected Messages, bk. 1, blz. 15.
“Er zijn mannen, die ernaar streven origineel te zijn, die wijs zijn boven wat geschreven staat; daarom is hun wijsheid dwaasheid. Ze ontdekken van tevoren prachtige dingen, ideeën, die tonen, dat ze ver achterlopen in het begrijpen van de goddelijke wil en bedoelingen van God. In hun pogingen om mysteries duidelijk te maken of te ontrafelen, die eeuwenlang voor de sterfelijke mens verborgen zijn gebleven, zijn ze als een man, die in de modder ploetert, niet in staat zichzelf eruit te bevrijden en toch anderen vertelt, hoe ze uit de modderige zee kunnen komen, waarin ze zich bevinden. Dit is een passende weergave van de mannen, die zichzelf ertoe aanzetten de fouten van de Bijbel te verbeteren. Niemand kan de Bijbel verbeteren door te suggereren, wat de Heer bedoelde te zeggen of behoorde te zeggen.
Sommigen kijken ons ernstig aan en zeggen: ‘Denkt u niet, dat er misschien een fout is gemaakt door de kopieerder of bij de vertalers?’ Dit is allemaal mogelijk, en de geest, die zo bekrompen is, dat hij zal aarzelen en struikelen over deze mogelijkheid of waarschijnlijkheid, zou net zo bereid zijn om over de verborgenheden van het Geïnspireerde Woord te struikelen, omdat hun zwakke geest de doeleinden van God niet kan doorzien.” –Selected Messages, bk. 1, blz. 16.
“De Heer spreekt tot mensen in onvolmaakte spraak, zodat de gedegenereerde zintuigen, de saaie, aardse waarneming van aardse wezens Zijn woorden kunnen begrijpen. Zo wordt Gods neerbuigendheid getoond. Hij ontmoet gevallen mensen, waar ze zijn. De Bijbel, hoe volmaakt deze in zijn eenvoud is, beantwoordt niet aan de grote ideeën van God; want oneindige ideeën kunnen niet volmaakt worden belichaamd in eindige denkvoertuigen. In plaats van dat de uitdrukkingen in de Bijbel worden overdreven, zoals veel mensen veronderstellen, vallen de krachtige uitdrukkingen weg onder de grootsheid van de gedachte, ook al koos de schrijver de meest expressieve taal, om de waarheden van het hoger onderwijs uit te drukken.” –Selected Messages, bk. 1, blz. 22.
“Als mensen het wagen het Woord van God te bekritiseren, begeven ze zich op gewijde, heilige grond, en hadden beter met vrezen en beven en hun wijsheid als dwaasheid kunnen verbergen. God laat niemand een oordeel uitspreken over Zijn Woord, waarbij hij sommige dingen als geïnspireerd selecteert en andere als niet geïnspireerd in diskrediet brengt.” –Selected Messages, bk. 1, blz. 23.
A. Beschrijf een ernstige situatie, die we tegenwoordig vaak tegenkomen, en hoe we deze het hoofd moeten bieden.
2 Petrus 2:1–3;
1 Timótheüs 4:1–2;
Deuteronomium 6:24–25.
“Nooit, nooit is er een tijd geweest waarin de waarheid meer lijden zal door verkeerde voorstellingen, door kleinering en vervalsing of door verdorven woordenstrijd van de mensen dan in deze laatste dagen. De mensen zijn zelf op de voorgrond getreden met hun veelsoortige massa ketterijen die zij anderen als orakels voorhouden. Men wordt bekoord door iets vreemd of iets nieuws en is niet verstandig genoeg om de aard te onderscheiden van ideeën die mensen als iets bijzonders aanbieden. Maar iets van groot belang noemen en het verbinden met de woorden van God, maakt het nog niet tot waarheid.
Wij hebben de waarheid, de absolute waarheid in Gods woord en al deze speculaties en theorieën zouden beter in de kiem gesmoord worden dan tevoren gekoesterd en op de voorgrond gebracht. Wij moeten Gods stem vernemen uit Zijn geopenbaarde woord, het vaste woord der profetie. Zij die zichzelf verheerlijken en iets wonderbaarlijks proberen te doen, kunnen beter trachten hun gezonde verstand weer terug te krijgen. –Bijbelcommentaar blz. 551–552)
“De wet van God is het fundament van alle duurzame hervormingen. Wij moeten de wereld in duidelijke, onderscheiden lijnen de noodzaak van het gehoorzamen van deze wet tonen. Gehoorzaamheid aan Gods wet is de grootste aanmoediging voor ijver, spaarzaamheid, waarheidsgetrouwheid en een rechtvaardige omgang tussen mens en mens…
Zij, die ijverig naar de stem van de Heer luisteren en blijmoedig Zijn geboden onderhouden, zullen tot de velen behoren, die God zien.” –Testimonies for the Church, vol. 8, blz. 199.
B. Welke Bijbelse voorbeelden haalt Petrus aan om de noodzaak, en zekerheid, te tonen van Gods genadige bevrijding voor degenen, die Hem liefhebben en vrezen?
2 Petrus 2:4–8.
“Gods volk, dat is blootgesteld aan de misleidende macht en de nooit aflatende boosaardigheid van de vorst der duisternis, en altijd moet strijden tegen de machten van het kwaad, is verzekerd van de permanente bescherming van hemelse engelen. Deze verzekering is hun om duidelijke redenen gegeven: God heeft Zijn kinderen de belofte van genade en bescherming gegeven, omdat ze zullen worden geconfronteerd met duivelse machten, die talrijk, vastberaden en onvermoeibaar zijn en over wier boosaardigheid en macht niemand onwetend of onbezorgd kan zijn zonder zichzelf ernstig in gevaar te brengen.” –De Grote Strijd, blz. 471.
A. Wat is de meest waardevolle bevrijding, die God ons aanbiedt?
2 Petrus 2:9 (eerste helft);
1 Korinthe 10:13;
Psalm 50:15.
“God zal allen behouden, die wandelen op de weg der gehoorzaamheid; maar daarvan af te wijken betekent zich wagen op het terrein van Satan. Daar zullen we zeker ten val komen. De Heiland heeft ons gezegd: ‘Waakt en bidt, dat gij niet in verzoeking komt’ (Markus 14:38). Meditatie en gebed kunnen ons ervoor bewaren zonder noodzaak de weg van het gevaar op te snellen, en op die manier zouden wij voor menige nederlaag bewaard kunnen blijven.
Toch mogen we de moed niet verliezen, wanneer wij door verzoeking worden aangevallen. Dikwijls wanneer wij in een moeilijke situatie geplaatst worden, twijfelen we eraan, of de Geest van God ons wel geleid heeft. Maar het was de leiding van de Geest, die Jezus in de woestijn bracht om door Satan te worden verzocht. Wanneer God ons in beproeving brengt, wil Hij daarmee een doel bereiken, dat voor ons bestwil is. Jezus maakte geen misbruik van Gods beloften door ongevraagd in verzoeking te treden, evenmin gaf Hij Zich over aan moedeloosheid, toen de verzoeking over Hem kwam, en dat behoren ook wij niet te doen.” –De Wens der Eeuwen, blz. 97.
Verzoeking is geen zonde. Jezus was heilig en rein, toch werd Hij in alle opzichten als wij verzocht, maar met een kracht en geweld, zoals van een mens nooit gevraagd zal worden. In de succesvolle weerstand die Hij bood, heeft Hij ons een lichtend voorbeeld gegeven om Hem te volgen. Als wij vertrouwen hebben in onszelf of op onze eigen gerechtigheid dan zullen wij ten prooi vallen aan de kracht van de verleiding, maar als wij op Jezus zien en op Hem vertrouwen, dan roepen wij een kracht te hulp die de vijand op het slagveld verslagen heeft, en bij elke verzoeking zal Hij ons helpen te ontkomen. Wanneer Satan als een onstuimige rivier binnen komt, moeten wij zijn verleidingen met het zwaard van de Geest bevechten, en Jezus zal onze hulp zijn en zal voor ons een banier tegen hem oprichten. De vader van de leugen beeft en siddert wanneer de waarheid van God met vurige kracht hem in het gezicht wordt geworpen. (Getuigenissen voor de Gemeente deel 5 blz.349)
1. Hoe kan het begrijpen van Bijbelse profetieën mij in de komende dagen helpen?
2. Waarom deelde Jezus profetie met de discipelen, die naar Emmaüs gingen?
3. Op welke manieren probeert Satan ons vertrouwen in de Schrift te ondermijnen?
4. Waarom is het zo belangrijk om standvastig vast te houden aan de woorden van de Inspiratie?
5. Welke actie moeten we niet vergeten te ondernemen, als we door verzoeking worden overvallen?