Het Evangelie volgens Paulus: Hebreeën — SABBAT, 9 maart 2024

Les 10: De hogere kwaliteit van het offer van Christus

Tekst om te onthouden

Tekst om te onthouden: “Maar Deze (Jezus Christus), een slachtoffer voor de zonden geofferd hebbende, is in eeuwigheid gezeten aan de rechterhand Gods. Voorts verwachtende, totdat Zijn vijanden gesteld worden tot een voetbank van Zijn voeten. Want met één offerande heeft Hij in eeuwigheid volmaakt degenen, die geheiligd worden”

Hebreeën 10:12–14

“Paulus en zijn medewerkers verkondigden de leer van rechtvaardigmaking door geloof in het verzoenende offer van Christus. Zij stelden Christus voor als degene, die, de toen de hulpeloze toestand van het gevallen mensdom ziende, kwam om mannen en vrouwen te redden door een leven te leiden in gehoorzaamheid aan Gods wet en de straf der ongehoorzaamheid te dragen. En velen, die tevoren de ware God niet hadden gekend, begonnen nu, in het licht van het kruis, de grootsheid van de liefde van de Vader te begrijpen.” –Van Jeruzalem tot Rome, blz. 153.

Aanvullende studie :: -De Wens der Eeuwen, blz. 122-131.

ZONDAG — 3 maart

1. DE ONDOELMATIGHEID VAN DIERENOFFERS

A. Waarom waren de offers, die in het aardse heiligdom werden gebracht, niet in staat zonden te vergeven?

Hebreeën 10:1-4.

Hebreeën 10:1: Want de wet, hebbende een schaduw der toekomende goederen, niet het beeld zelf der zaken, kan met dezelfde offeranden, die zij alle jaren geduriglijk opofferen, nimmermeer heiligen degenen, die daar toegaan. Hebreeën 10:2: Anderszins zouden zij opgehouden hebben, geofferd te worden, omdat degenen, die den dienst pleegden, geen geweten meer zouden hebben der zonden, eenmaal gereinigd geweest zijnde; Hebreeën 10:3: Maar nu geschiedt in dezelve alle jaren weder gedachtenis der zonden. Hebreeën 10:4: Want het is onmogelijk, dat het bloed van stieren en bokken de zonden wegneme.

“Het bloed van dieren kon niet voldoen aan de eisen van God als verzoenend offer voor de overtreding van Zijn wet. Het leven van een beest had minder waarde dan het leven van de overtredende zondaar en kon daarom geen losprijs voor de zonde zijn. Het kon alleen aanvaardbaar zijn bij God als een beeld van het offer van Zijn Zoon…

God heeft de mens volmaakt en oprecht gemaakt, en na zijn overtreding kon er voor God geen offer meer aanvaardbaar zijn voor hem, tenzij het aangeboden offer in waarde superieur zou zijn aan de mens, zoals hij was in zijn staat van volmaaktheid en onschuld.” –Lift Him Up, blz. 24.

“De gehele instelling van de offerdienst was een afschaduwing van de dood van de Heiland om de wereld te verlossen. Deze offeranden zouden geen doel meer hebben, wanneer de grote gebeurtenis, waarop ze eeuwenlang gewezen hadden, was vervuld.” –De Wens der Eeuwen, blz. 129.

MAANDAG — 4 maart

2. DE VOLLEDIG GEKWALIFICEERDE HOGEPRIESTER

A. Wie alleen kon de zondaar verlossen, en waarom?

Hebreeën 10:5-10.

Hebreeën 10:5: Daarom, komende in de wereld, zegt Hij: Slachtoffer en offerande hebt Gij niet gewild, maar Gij hebt Mij het lichaam toebereid; Hebreeën 10:6: Brandofferen en offer voor de zonde hebben U niet behaagd. Hebreeën 10:7: Toen sprak Ik: Zie, Ik kom (in het begin des boeks is van Mij geschreven), om Uw wil te doen, o God! Hebreeën 10:8: Als Hij te voren gezegd had: Slachtoffer, en offerande, en brandoffers, en offer voor de zonde hebt Gij niet gewild, noch hebben U behaagd (dewelke naar de wet geofferd worden); Hebreeën 10:9: Toen sprak Hij: Zie, Ik kom, om Uw wil te doen, o God! Hij neemt het eerste weg, om het tweede te stellen. Hebreeën 10:10: In welken wil wij geheiligd zijn, door de offerande des lichaams van Jezus Christus, eenmaal geschied.

“Aan Christus werden geen eisen gesteld. Hij had de macht om Zijn leven af te leggen en het weer op zich te nemen. Er werd Hem geen verplichting opgelegd om het verzoeningswerk op zich te nemen. Het was een vrijwillig offer dat Hij bracht. Zijn leven was van voldoende waarde om de mens uit zijn gevallen toestand te redden.” – Lift Him Up, blz. 24.

B. Wat gaf Christus het gezag om onze Hogepriester te zijn?

Hebreeën 10:11-14.

Hebreeën 10:11: En een iegelijk priester stond wel alle dagen dienende, en dezelfde slachtofferen dikmaals offerende, die de zonden nimmermeer kunnen wegnemen; Hebreeën 10:12: Maar Deze, een slachtoffer voor de zonden geofferd hebbende, is in eeuwigheid gezeten aan de rechter hand Gods; Hebreeën 10:13: Voorts verwachtende, totdat Zijn vijanden gesteld worden tot een voetbank Zijner voeten. Hebreeën 10:14: Want met een offerande heeft Hij in eeuwigheid volmaakt degenen, die geheiligd worden.

“De vlekkeloze Zoon van God hing aan het kruis, Zijn vlees opengereten door striemen; die handen, zo vaak zegenend uitgestrekt, aan de houten balk genageld; die voeten, zo onvermoeibaar in de dienst der liefde, aan het hout gespijkerd; dat koninklijk hoofd, doorboord met een doornenkroon; die bevende lippen, gevormd tot een kreet van ellende. En dat alles verdroeg Hij, de bloeddruppels, die van Zijn hoofd, van Zijn handen en van Zijn voeten stroomden, de pijn die Zijn lichaam folterde, en de onuitsprekelijke zielepijn, die Zijn hart vervulde, omdat het gelaat van Zijn Vader verborgen was, dat alles spreekt tot ieder mensenkind, zeggende: Het is voor u, dat de Zoon van God erin toestemt deze last der schuld te dragen; voor u vernietigt Hij de heerschappij des doods en opent de poorten van het Paradijs. Hij, Die de woedende golven tot bedaren bracht en wandelde op de schuimende baren, Die duivelen deed beven en vluchten, Die de ogen der blinden opende en doden opwekte ten leven, Hij geeft Zichzelf aan het kruis als offerande, en dat doet Hij uit liefde voor u.” –De Wens der Eeuwen, blz. 661-662.

C. Waarom stierf Christus, volkomen onschuldig zijnde, aan het kruis?

2 Korinthe 5:21;

2 Korinthe 5:21: Want Dien, Die geen zonde gekend heeft, heeft Hij zonde voor ons gemaakt, opdat wij zouden worden rechtvaardigheid Gods in Hem.

Jesaja 53:5-6,

Jesaja 53:5: Maar Hij is om onze overtredingen verwond, om onze ongerechtigheden is Hij verbrijzeld; de straf, die ons den vrede aanbrengt, was op Hem, en door Zijn striemen is ons genezing geworden. Jesaja 53:6: Wij dwaalden allen als schapen, wij keerden ons een iegelijk naar zijn weg; doch de HEERE heeft onzer aller ongerechtigheid op Hem doen aanlopen.

Jesaja 53:8,

Jesaja 53:8: Hij is uit den angst en uit het gericht weggenomen; en wie zal Zijn leeftijd uitspreken? Want Hij is afgesneden uit het land der levenden; om de overtreding Mijns volks is de plage op Hem geweest.

“Niet alleen door aan het kruis te sterven bracht Christus Zijn werk in het redden van de mens tot stand. Schande, vernedering en lijden was een deel van Zijn zending. ‘Om onze overtredingen werd Hij doorboord, om onze ongerechtigheden verbrijzeld; de straf, die ons de vrede aanbrengt, was op Hem, en door Zijn striemen is ons genezing geworden’. Christus droeg deze straf voor de zonden van de overtreder; Hij heeft de straf voor iedereen gedragen, en daarom kan Hij iedere ziel vrijkopen, hoe gevallen diens toestand ook is, als hij slechts Gods wet wil aanvaarden als zijn maatstaf van gerechtigheid.” –Bijbelkommentaar, blz. 236-237.

“Christus werd behandeld, zoals wij verdienen, opdat wij behandeld zouden kunnen worden, zoals Hij het verdient. Hij werd veroordeeld om onze zonden, waaraan Hij geen deel had, opdat wij zouden kunnen worden gerechtvaardigd door Zijn gerechtigheid, waaraan wij geen deel hadden. Hij onderging de dood, die ons toekwam, opdat wij het leven zouden mogen ontvangen, dat Hem toebehoorde.” –De Wens der Eeuwen, blz, 14.

DINSDAG — 5 maart

3. GRATIS TOEGANG TOT DE TROON VAN GENADE

A. Hoe kunnen wij, met Christus als onze Hogepriester, de troon van genade benaderen? Efeze 2:17-18;

Hebreeën 4:16;

Hebreeën 4:16: Laat ons dan met vrijmoedigheid toegaan tot den troon der genade, opdat wij barmhartigheid mogen verkrijgen, en genade vinden, om geholpen te worden ter bekwamer tijd.

Hebreeën 10:19,

Hebreeën 10:19: Dewijl wij dan, broeders, vrijmoedigheid hebben, om in te gaan in het heiligdom door het bloed van Jezus,

Hebreeën 10:22.

Hebreeën 10:22: Zo laat ons toegaan met een waarachtig hart, in volle verzekerdheid des geloofs, onze harten gereinigd zijnde van het kwaad geweten, en het lichaam gewassen zijnde met rein water.

“Onze wil moet volledig worden onderworpen aan de goddelijke wil, onze gevoelens, verlangens, interessen en eer vereenzelvigd met de bloei van Christus’ koninkrijk en de eer van Zijn werk, terwijl wij voortdurend genade van Hem ontvangen, en Christus onze dankbaarheid aanvaardt.

Wanneer de innige band en gemeenschap wordt gevormd, worden onze zonden op Christus gelegd; Zijn gerechtigheid wordt ons toegerekend. Hij werd ‘voor ons tot zonde gemaakt, opdat wij zouden worden gerechtigheid Gods in Hem’. Door Hem hebben wij toegang tot God; wij zijn ‘begenadigd in de Geliefde’.” –Getuigenissen voor de Gemeente 5, blz. 187.

“Laat ieder van u zijn eigen hart doorzoeken, de verontreinigde zieletempel zuiveren en waken in gebeden. Weest vastbesloten om Jezus te zoeken, tot u Hem vindt; zorg, dat Zijn liefde in uw hart woont en Zijn Geest uw leven onderwerpt en uw karakter vormt. Gelooft dan, en u mag Zijn troon vrijmoedig naderen, terwijl u weet, dat Hij uw gebeden hoort.” –Getuigenissen voor de Gemeente 5, blz. 110.

B. Wat zal het resultaat zijn van onze verbinding met Christus?

Hebreeën 10:23-25.

Hebreeën 10:23: Laat ons de onwankelbare belijdenis der hoop vast houden; (want Die het beloofd heeft, is getrouw); Hebreeën 10:24: En laat ons op elkander acht nemen, tot opscherping der liefde en der goede werken; Hebreeën 10:25: En laat ons onze onderlinge bijeenkomst niet nalaten, gelijk sommigen de gewoonte hebben, maar elkander vermanen; en dat zoveel te meer, als gij ziet, dat de dag nadert.

“Zij, die niet de behoefte gevoelen om de bijeenkomst der heiligen te bezoeken, met de kostbare verzekering dat de Here hen daar zal ontmoeten, laten zien, hoe lichtvaardig zij denken over de hulp, die God voor hen voorzien heeft.” –Bijbelkommentaar, blz. 599.

“Jezus staat in het heilige der heiligen, om nu voor ons in de tegenwoordigheid van God te verschijnen. Daar houdt Hij niet op Zijn volk van moment tot moment volledig in Zichzelf voor te stellen. Maar omdat we zo voor de Vader worden vertegenwoordigd, mogen we ons niet voorstellen, dat we op Zijn barmhartigheid moeten vertrouwen en zorgeloos, onverschillig en genotzuchtig zullen worden. Christus is niet de dienaar van de zonde. We zijn alleen volledig in Hem, aangenomen in de Geliefde, als we door geloof in Hem blijven.

Volmaaktheid door onze eigen goede werken kunnen we nooit verkrijgen. De ziel, die Jezus door geloof ziet, verwerpt zijn eigen gerechtigheid. Hij beschouwt zichzelf als onvolledig, zijn berouw onvoldoende, zijn sterkste geloof maar zwakheid, zijn duurste offer als mager, en hij zinkt in nederigheid aan de voet van het kruis. Maar een stem spreekt tot hem vanuit de wonderen van Gods Woord. Verbaasd hoort hij de boodschap: 'Gij zijt volmaakt in Hem’. Nu is alles in zijn ziel tot rust gekomen.” –Faith and Works, blz. 107-108.

WOENSDAG — 6 maart

4. GODS GOEDHEID VOORAL IN ONZE GEEST BEWAREN

A. Wat zal het resultaat zijn, als we zo’n grote verlossing verwaarlozen?

Hebreeën 2:3;

Hebreeën 2:3: Hoe zullen wij ontvlieden, indien wij op zo grote zaligheid geen acht nemen? dewelke, begonnen zijnde verkondigd te worden door de Heere, aan ons bevestigd is geworden van degenen, die Hem gehoord hebben;

Hebreeën 10:26-31.

Hebreeën 10:26: Want zo wij willens zondigen, nadat wij de kennis der waarheid ontvangen hebben, zo blijft er geen slachtoffer meer over voor de zonden; Hebreeën 10:27: Maar een schrikkelijke verwachting des oordeels, en hitte des vuurs, dat de tegenstanders zal verslinden. Hebreeën 10:28: Als iemand de wet van Mozes heeft te niet gedaan, die sterft zonder barmhartigheid, onder twee of drie getuigen; Hebreeën 10:29: Hoeveel te zwaarder straf, meent gij, zal hij waardig geacht worden, die den Zoon van God vertreden heeft, en het bloed des testaments onrein geacht heeft, waardoor hij geheiligd was, en den Geest der genade smaadheid heeft aangedaan? Hebreeën 10:30: Want wij kennen Hem, Die gezegd heeft: Mijn is de wraak, Ik zal het vergelden, spreekt de Heere. En wederom: De Heere zal Zijn volk oordelen. Hebreeën 10:31: Vreselijk is het te vallen in de handen des levenden Gods.

“God werkt door Zijn Geest om de zondaar te vermanen en te overtuigen; en als het werk van de Geest ten slotte wordt verworpen, is er niets meer, dat God voor de ziel kan doen. Het laatste middel van Gods barmhartigheid is aangewend. De overtreder heeft zich van God losgemaakt, en de zonde heeft geen geneesmiddel, waardoor de zondaar aan haar gevolgen kan ontkomen. Er is geen andere macht, waardoor God de zondaar kan overtuigen en bekeren. 'Laat hem geworden’ (Hosea 4:17) luidt Gods bevel.” –Patriarchen en Profeten, blz. 368.

B. Waarom moeten we ons altijd Gods bevrijdingen voor ons herinneren, en welk voorbeeld geven de Adventpioniers in dit opzicht?

Hebreeën 10:32-33.

Hebreeën 10:32: Doch gedenkt de vorige dagen, in dewelke, nadat gij verlicht zijt geweest, gij veel strijd des lijdens hebt verdragen. Hebreeën 10:33: Ten dele, als gij door smaadheden en verdrukkingen een schouwspel geworden zijt; en ten dele, als gij gemeenschap gehad hebt met degenen, die alzo behandeld werden.

“De bemoeienissen van God met Zijn volk moeten zeker naar voren gebracht worden. Hoe veelvuldig waren de wegwijzers door de Heer geplaatst in Zijn bemoeienissen met het oude Israël! Opdat zij de geschiedenis van het verleden niet zouden vergeten, droeg Hij Mozes op deze gebeurtenissen in liederen te vereeuwigen, zodat ouders die aan hun kinderen konden leren. Zij moesten de herinneringen van het verleden bewaren en deze moesten voortdurend in het oog vallen. Bijzondere moeite getroostte men zich om dit te bewaren, opdat wanneer de kinderen aangaande die dingen navraag zouden doen, hun het gehele verhaal verteld kon worden, herhaald kon worden. Zo werden de voorzienigheid en de sprekende goedheid en barmhartigheid van God ten aanzien van Zijn zorgen voor de bevrijding van Zijn volk in het geheugen vastgelegd. Wij worden vermaand: ‘Gedenkt de vorige dagen, in welke, nadat gij verlicht zijt geweest, gij veel strijd des lijdens hebt verdragen’ (Hebreeën 10:32). Voor Zijn volk in dit geslacht heeft de Heere gewrocht als een wonderwerkende God. De geschiedenis van Gods werk moet het volk, jong en oud, vaak worden voorgehouden. Wij moeten vaak van Gods goedheid getuigen en Hem loven voor Zijn wondervolle werken.” –Uit de Schatkamer der Getuigenissen 3, blz. 28-29.

“Door te verwijzen naar onze ervaringen uit het verleden, voeren we de aansporing van de apostel aan de Hebreeën uit: (Zie Hebreeën 10:32).

Onze levens zijn verweven met de zaak van God. Wij hebben geen afzonderlijk belang naast dit werk. En als we de vooruitgang zien, die de zaak vanaf een heel klein begin heeft geboekt, langzaam maar zeker opkomend tot kracht en voorspoed; Als we het succes zien van de zaak, waarvoor we hebben gezwoegd, geleden en bijna onze levens opgeofferd, wie zal ons roemen in God dan verhinderen of verbieden? Onze ervaring op dit gebied is waardevol voor ons. We hebben er alles in geïnvesteerd.” –Testimonies for the Church, vol. 3, blz. 319.

DONDERDAG — 7 maart

5. VEILIGE PADEN

A. Hoe kunnen we veilig zijn op weg naar het eeuwige leven?

Hebreeën 10:35-39.

Hebreeën 10:35: Werpt dan uw vrijmoedigheid niet weg, welke een grote vergelding des loons heeft. Hebreeën 10:36: Want gij hebt lijdzaamheid van node, opdat gij, den wil van God gedaan hebbende, de beloftenis moogt wegdragen; Hebreeën 10:37: Want: Nog een zeer weinig tijds en Hij, Die te komen staat, zal komen, en niet vertoeven. Hebreeën 10:38: Maar de rechtvaardige zal uit het geloof leven; en zo iemand zich onttrekt, Mijn ziel heeft in hem geen behagen. Hebreeën 10:39: Maar wij zijn niet van degenen, die zich onttrekken ten verderve, maar van degenen, die geloven tot behouding der ziel.

“Het is niet hij, die de wapenrusting aantrekt, die kan opscheppen over de overwinning; want hij moet de strijd strijden en de overwinning behalen. Hij is het, die volhardt tot het einde, die zalig zal worden… Als we niet voorwaarts gaan van overwinning naar overwinning, zal de ziel zich terugtrekken in de ondergang. We moeten geen menselijke maatstaf opheffen om het karakter te meten. We hebben genoeg gezien van wat mensen hier beneden de volmaaktheid noemen. Gods heilige wet is de enige, waardoor we kunnen bepalen, of we Zijn weg volgen of niet. Als we ongehoorzaam zijn, is ons karakter niet in harmonie met Gods morele regeringsregel, en het is een leugen als we zeggen: ' Ik ben gered’. Niemand is gered, die een overtreder is van de wet van God, welke het fundament is van Zijn regering in hemel en op aarde.” –Selected Messages, bk. 1, blz. 315.

B. Wat zijn de belangrijkste kenmerken van Gods volk in deze laatste dagen?

Openbaring 12:17;

Openbaring 12:17: En de draak vergrimde op de vrouw, en ging heen om krijg te voeren tegen de overigen van haar zaad, die de geboden Gods bewaren, en de getuigenis van Jezus Christus hebben. [ (Revelation of John 12:18) En ik stond op het zand der zee. ]

Openbaring 14:12.

Openbaring 14:12: Hier is de lijdzaamheid der heiligen; hier zijn zij, die de geboden Gods bewaren en het geloof van Jezus.

“Er zijn slechts twee klassen op de aarde, zij die onder de met bloed besmeurde banier van Jezus Christus staan en zij, die onder de zwarte banier van rebellie staan.” –Manuscript Releases, vol. 14, blz. 161.

“In deze tijd moet de gemeente haar prachtige klederen aantrekken: 'Christus, onze gerechtigheid’. Er zijn duidelijke, besliste verschillen, die moeten worden hersteld en aan de wereld getoond door het hooghouden van de geboden van God en het geloof van Jezus.” –Christian Experience and Teachings, blz. 207.

“Geloof in het vermogen van Christus om ons te redden, ruimschoots, overvloedig en volledig, is het geloof van Jezus.” –Selected Messages, bk. 3, blz. 172.

VRIJDAG — 8 maart

Terugblik

1. Waarom was het bloed van dieren niet geschikt voor verlossing?

2. Verklaar, voor zover wij kunnen begrijpen, de diepte van Christus’ offer voor ons.

3. Wat waardeert u het meest aan de bediening van Christus voor u?

4. Waarom moeten we oude ervaringen uit ons godsdienstige leven in herinnering brengen?

5. Wat beseffen velen vandaag de dag niet over verlossing?