Schatten der waarheid, deel 4 Het christelijke leven uitleven — SABBAT, 16 december 2023

Les 11: Tot de dood ons scheidt

Tekst om te onthouden

Tekst om te onthouden: “Alzo dat zij niet meer twee zijn, maar één vlees. Wat God dan samengevoegd heeft, scheide de mens niet”

Mattheüs 19:6

“Over het aangaan van een huwelijk moet je zorgvuldig nadenken, want het huwelijk is een stap voor heel je leven. Zowel man als vrouw moeten zorgvuldig overwegen, of zij zich voor heel hun leven, door alle wisselvalligheden van het leven heen, aan elkaar kunnen hechten.” –Het Bijbels Gezin, blz. 279.

Aanvullende studie :: -De Grote Strijd, blz. 404-418.

ZONDAG — 10 december

1. Eén vlees worden

A. Hoe probeerden de Farizeeën Jezus te misleiden over echtscheiding en hertrouwen?

Matthéüs 19:1-3.

Mattheüs 19:1: En het geschiedde, toen Jezus deze woorden geeindigd had, dat Hij vertrok van Galilea, en kwam over de Jordaan, in de landpalen van Judea. Mattheüs 19:2: En vele scharen volgden Hem, en Hij genas ze aldaar. Mattheüs 19:3: En de Farizeen kwamen tot Hem, verzoekende Hem, en zeggende tot Hem: Is het een mens geoorloofd zijn vrouw te verlaten, om allerlei oorzaak?

B. Welke morele maatstaf gebruikte Jezus om Zijn standpunt te verduidelijken?

Matthéüs 19:4.

Mattheüs 19:4: Doch Hij, antwoordende, zeide tot hen: Hebt gij niet gelezen, Die van den beginne den mens gemaakt heeft, dat Hij ze gemaakt heeft man en vrouw?

“Het centrale thema van de Bijbel, het thema, waarover elk ander in het hele boek zich groepeert, is het verlossingsplan, het herstel in de menselijke ziel van het beeld van God. Vanaf de eerste aanduiding van hoop in het vonnis uitgesproken in Eden, tot die laatste heerlijke belofte van de Openbaring: ‘Zij zullen Zijn aangezicht zien; en Zijn Naam zal op hun voorhoofden zijn’ (Openbaring 22:4), de kern van elk boek en elke passage van de Bijbel is de ontvouwing van dit wonderbaarlijke thema, de verheffing van de mens, de kracht van God, ‘die ons de overwinning geeft door onze Heer Jezus Christus’.” –Lift Him Up, blz 56.

C. Hoe liet Jezus zien, dat wanneer een stel getrouwd is, dat de verbintenis voor het leven is?

Matthéüs 19:5-6.

Mattheüs 19:5: En gezegd heeft: Daarom zal een mens vader en moeder verlaten, en zal zijn vrouw aanhangen, en die twee zullen tot een vlees zijn; Mattheüs 19:6: Alzo dat zij niet meer twee zijn, maar een vlees. Hetgeen dan God samengevoegd heeft, scheide de mens niet.

MAANDAG — 11 december

2. Een verbond met God

A. Wat is Gods kijk op echtscheiding, wetende, dat de volmaakte gezinseenheid een belangrijk onderdeel is van Gods plan? Maleáchi 2:16.

“De goddelijke liefde, die voortkomt uit Christus, vernietigt nooit de menselijke liefde, maar omvat de menselijke liefde, verfijnd en gezuiverd. Hierdoor wordt de menselijke liefde verheven en veredeld. Menselijke liefde kan nooit haar kostbare vrucht dragen, tenzij ze verenigd is met de goddelijke natuur en geoefend is om hemelwaarts te groeien. Jezus wil gelukkige huwelijken zien, gelukkig huiselijk leven. De warmte van ware vriendschap en de liefde, die de harten van man en vrouw bindt, zijn een voorproefje van de hemel.” –In Heavenly Places, blz. 202.

B. Hoe beïnvloedt de wettelijke belofte bij het huwelijk om een gezinseenheid te zijn een persoon, zelfs na een scheiding, en wie omvat die belofte behalve het paar? Maleáchi 2:13-15;

Spreuken 2:16-17.

Spreuken 2:16: Om u te redden van de vreemde vrouw, van de onbekende, die met haar redenen vleit; Spreuken 2:17: Die den leidsman harer jonkheid verlaat, en het verbond haars Gods vergeet;

“De gezinsband is de meest innige, tedere en heilige van alle banden op de aarde. Die was bestemd als zegen voor de mensheid. En het is een zegen, waar het huwelijk verstandig is overwogen, en in de vreze des Heeren en met aanvaarding van de verantwoordelijkheden.” –De Weg tot Gezondheid, blz. 297.

C. Hoe beweerden de Joden plotseling de profeten te geloven?

Matthéüs 19:7.

Mattheüs 19:7: Zij zeiden tot hem: Waarom heeft dan Mozes geboden een scheidbrief te geven en haar te verlaten?

“De Farizeeen beweerden, dat de leer van Christus in strijd was met de wet, die God hun door Mozes gegeven had; maar Zijn bevel aan de gereinigde melaatse, dat hij een offer moest brengen in overeenstemming met de wet, bewees dat deze beschuldiging vals was. Het was voor allen, die gewillig waren, een voldoende getuigenis om overtuigd te worden.” –De Wens der Eeuwen, blz. 218.

“Hun (van de Farizeeën en schriftgeleerden) voorgewende eerbied bedekte een listig uitgedachte samenzwering om Hem in het verderf te storten. Zij hadden de gelegenheid aangegrepen om zich van Zijn veroordeling te verzekeren, daar zij meenden, dat, welke beslissing Hij ook zou nemen, zij een kans zouden krijgen om Hem te beschuldigen.” –De Wens der Eeuwen, blz. 398-399.

“God onderwijst Zijn gemeente, berispt hun fouten en versterkt hun geloof, of Hij doet het niet. Dit werk is van God, of het is het niet. God doet niets in samenwerking met Satan. Mijn werk van de afgelopen dertig jaar draagt het stempel van God of het stempel van de vijand. Er is geen half werk in deze kwestie. De Getuigenissen zijn van de Geest van God of van de duivel. Door u op te stellen tegen de dienaren van God, doet u een werk voor God of voor de duivel. ‘Aan hun vruchten zult u hen kennen’. Welk stempel draagt uw werk? Het loont om kritisch naar het resultaat van uw weg te kijken.” –Testimonies for the Church, vol. 4, blz. 230.

DINSDAG — 12 december

3. Toestemming

A. Wat schreef Mozes eigenlijk over echtscheiding en hertrouwen, en hoe weten we, dat deze onreinheid niet verwijst naar overspel voorafgaand aan het huwelijk of naar echtbreuk?

Deuteronomium 24:1-4;

Deuteronomium 24:1: Wanneer een man een vrouw zal genomen en die getrouwd hebben, zo zal het geschieden, indien zij geen genade zal vinden in zijn ogen, omdat hij iets schandelijks aan haar gevonden heeft, dat hij haar een scheidbrief zal schrijven, en in haar hand geven, en ze laten gaan uit zijn huis. Deuteronomium 24:2: Zo zij dan, uit zijn huis uitgegaan zijnde, zal henengaan en een anderen man ter vrouwe worden, Deuteronomium 24:3: En deze laatste man haar gehaat, en haar een scheidbrief geschreven, en in haar hand gegeven, en haar uit zijn huis zal hebben laten gaan; of als deze laatste man, die ze voor zich tot een vrouw genomen heeft, zal gestorven zijn; Deuteronomium 24:4: Zo zal haar eerste man, die haar heeft laten gaan, haar niet mogen wedernemen, dat zij hem ter vrouwe zij, nadat zij is verontreinigd geworden; want dat is een gruwel voor het aangezicht des HEEREN; alzo zult gij het land niet doen zondigen, dat u de HEERE, uw God, ten erve geeft.

Deuteronomium 22:20-21;

Deuteronomium 22:20: Maar indien ditzelve woord waarachtig is, dat de maagdom aan de jonge dochter niet gevonden is; Deuteronomium 22:21: Zo zullen zij deze jonge dochter uitbrengen tot de deur van haars vaders huis, en de lieden harer stad zullen haar met stenen stenigen, dat zij sterve, omdat zij een dwaasheid in Israel gedaan heeft, hoererende in haars vaders huis; zo zult gij het boze uit het midden van u wegdoen.

Leviticus 20:10.

Leviticus 20:10: Een man ook, die met iemands huisvrouw overspel zal gedaan hebben, dewijl hij met zijns naasten vrouw overspel gedaan heeft, zal zekerlijk gedood worden, de overspeler en de overspeelster.

B. Volgens de verleende toestemming kan de vrouw om welke reden dan ook niet hertrouwen met de eerste echtgenoot, nadat ze met een andere man was getrouwd. Hoe laat het woord “verontreinigd” zien, dat het nog steeds als een zonde werd beschouwd?

Leviticus 18:20.

Leviticus 18:20: En gij zult niet liggen bij uws naasten huisvrouw ter bezading, om met haar onrein te worden.

C. Waarom werd dit soort toestemming door God aan de Israëlieten gegeven, terwijl het niet Zijn wil was?

Ezechiël 20:24-25;

Ezechiël 20:24: Omdat zij Mijn rechten niet gedaan hadden, maar Mijn inzettingen verworpen en Mijn sabbatten ontheiligd hadden, en hun ogen achter de drekgoden hunner vaderen waren. Ezechiël 20:25: Daarom gaf Ik hun ook besluitingen, die niet goed waren, en rechten, waarbij zij niet leven zouden.

Ezechiël 14:1-5;

Ezechiël 14:1: Daarna kwamen tot mij mannen uit de oudsten van Israel, en zaten neder voor mijn aangezicht. Ezechiël 14:2: Toen geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende: Ezechiël 14:3: Mensenkind, deze mannen hebben hun drekgoden in hun hart opgezet, en hebben den aanstoot hunner ongerechtigheid recht voor hun aangezichten gesteld; word Ik dan ernstiglijk van hen gevraagd? Ezechiël 14:4: Daarom spreek met hen, en zeg tot hen: Alzo zegt de Heere HEERE: Een ieder man uit het huis Israels, die de drekgoden in zijn hart opzet, en den aanstoot zijner ongerechtigheid recht voor zijn aangezicht stelt, en komt tot den profeet, Ik, de HEERE zal hem, als hij komt, antwoorden naar de menigte zijner drekgoden; Ezechiël 14:5: Opdat Ik het huis Israels in hun hart grijpe, dewijl zij allen door hun drekgoden van Mij vervreemd zijn.

Matthéüs 19:8.

Mattheüs 19:8: Hij zeide tot hen: Mozes heeft vanwege de hardigheid uwer harten u toegelaten uw vrouwen te verlaten; maar van den beginne is het alzo niet geweest.

“Sinds de verwerping van de eerste boodschap heeft er een trieste verandering plaatsgevonden in de gemeente. Als de waarheid wordt veracht, wordt dwaling ontvangen en gekoesterd. De liefde voor God en het geloof in Zijn woord zijn verkild. De gemeenten hebben de Geest van de Heer bedroefd en deze is in grote mate teruggetrokken. De woorden van de profeet Ezechiël zijn beangstigend van toepassing: ‘Mensenkind, deze mannen hebben hun drekgoden in hun hart opgericht, en hebben de aanstoot van hun ongerechtigheid recht voor hun aangezicht gesteld. Word Ik dan eernstig door hen gevraagd? … Ik, de Heere, zal hem, als hij komt, antwoorden naar de menigte van zijn drekgoden’ (Ezechiël 14:3-4). De mensen mogen zich niet neerbuigen voor afgoden van hout en steen, maar allen, die de dingen van de wereld liefhebben en plezier scheppen in ongerechtigheid, hebben afgoden in hun hart opgericht. De meerderheid van de belijdende christenen dienen naast de Heer andere goden. Trots en luxe worden gekoesterd, afgoden worden opgericht in het heiligdom en haar heilige plaatsen worden vervuild.

In de oudheid heeft de Heer tegen Zijn dienstknechten over Israël verklaard: ‘Want de leiders van dit volk zijn verleiders, en die door hen geleid worden, worden ingeslokt’ (Jesaja 9:15). ‘De profeten profeteren vals, en de priesters heersen door hun handen, en Mijn volk heeft het gaarne alzo; maar wat zult gij aan het einde ervan maken?’ (Jeremia 5:31). –The Spirit of Prophecy, vol. 4, blz. 237-238.

“Als wij de dingen van de wereld liefhebben en genoegen scheppen in ongerechtigheid of de omgang met de onvruchtbare werken van de duisternis, hebben wij een struikelblok tot ongerechtigheid voor ons liggen, en hebben wij afgoden in ons hart opgesteld. Tenzij wij deze met vastberaden inspanning van ons af zetten, zullen wij nooit als zonen en dochters van God worden erkend.” –Getuigenissen voor de Gemeente 5, blz. 136.

WOENSDAG — 13 december

4. Hertrouwen is echtbreuk

A. Hoe laat Jezus zien, dat wanneer een persoon scheidt om andere redenen dan het overtreden van het zevende gebod, de persoon, die scheidt in feite verantwoordelijk is voor het overspel dat kan volgen?

Matthéüs 5:31-32.

Mattheüs 5:31: Er is ook gezegd: Zo wie zijn vrouw verlaten zal, die geve haar een scheidbrief. Mattheüs 5:32: Maar Ik zeg u, dat zo wie zijn vrouw verlaten zal, anders dan uit oorzaak van hoererij, die maakt, dat zij overspel doet; en zo wie de verlatene zal trouwen, die doet overspel.

B. Hoe komt dezelfde conclusie tot uiting in de bovenstaande discussie met de Farizeeën, als we ons richten op het laatste deel van het vers?

Matthéüs 19:9 (laatste deel).

[Matt.19.9.b]

C. Hoe weten we, dat Jezus geen toestemming introduceerde om te scheiden en te hertrouwen, als de partner nog in leven is en hoe moeten we naar het bewijs kijken?

1 Korinthe 7:10-11.

1 Korinthe 7:10: Doch den getrouwden gebiede niet ik, maar de Heere, dat de vrouw van den man niet scheide. 1 Korinthe 7:11: En indien zij ook scheidt, dat zij ongetrouwd blijve, of met den man verzoene; en dat de man de vrouw niet verlate.

“Het woord van de Heer, gesproken door Zijn dienstknechten, wordt door velen met vragen en angst ontvangen. En velen zullen hun gehoorzaamheid aan de gegeven waarschuwingen en berispingen uitstellen, wachtend tot elke schaduw van onzekerheid uit hun gedachten is verwijderd. Het ongeloof, dat volmaakte kennis vereist, zal nooit zwichten voor het bewijs, dat God behaagt te geven. Hij verlangt van Zijn volk geloof, dat rust op bewijskracht, niet op volmaakte kennis. Die volgelingen van Christus, die het licht aannemen, dat God hun zendt, moeten de stem van God gehoorzamen, die tot hen spreekt, terwijl er vele andere stemmen zijn, die ertegen schreeuwen. Er is onderscheidingsvermogen nodig om de stem van God te onderscheiden.

Zij, die niet zullen handelen, wanneer de Heer hen roept, maar die wachten op zekerder bewijs en gunstiger kansen, zullen in duisternis wandelen, want het licht zal worden teruggetrokken. Het bewijs dat eens is gegeven, zal, als het wordt verworpen, nooit meer worden herhaald.” –Testimonies for the Church, vol. 3, blz. 258.

“Met betrekking tot echtscheiding ben ik niet voorbereid om te zeggen. Ze heeft al het licht gehad, dat ik haar kan geven, en het heeft geen zin om deze kwestie constant haar voor te houden, als ze vastbesloten is haar eigen oordeel te volgen. U vroeg mij, of ik dacht, dat als uw vrouw u verliet, u weer zult trouwen. Ik zou zeggen, (dat) als iemand, die alle omstandigheden begrijpt, ervoor moet kiezen om met u te trouwen, als u niet getrouwd was geweest, zie ik geen bezwaren. Maar ik ben niet volledig voorbereid om enig oordeel te geven, of u vanuit een Bijbels oogpunt opnieuw zou kunnen trouwen. (De aangesproken persoon was een eunuch). Mijn geest is zo volledig bezet, dat het voor mij niet mogelijk is om deze lastige kwestie van huwelijk en echtscheiding te overwegen. Ik wilde, dat ik u kon helpen, maar dat is, vrees ik, niet mogelijk.” –Manuscript Releases, vol. 13, blz. 296.

DONDERDAG — 14 december

5. Een levenslange band

A. Voor degenen, die de wet kennen, hoe lang blijft een paar getrouwd en waarom is de huwelijksgelofte zo vast?

Romeinen 7:1-3;

Romeinen 7:1: Weet gij niet, broeders! (want ik spreek tot degenen, die de wet verstaan) dat de wet heerst over den mens, zo langen tijd als hij leeft? Romeinen 7:2: Want een vrouw, die onder den man staat, is aan den levenden man verbonden door de wet; maar indien de man gestorven is, zo is zij vrijgemaakt van de wet des mans. Romeinen 7:3: Daarom dan, indien zij eens anderen mans wordt, terwijl de man leeft, zo zal zij een overspeelster genaamd worden; maar indien de man gestorven is, zo is zij vrij van de wet, alzo dat zij geen overspeelster is, als zij eens anderen mans wordt.

Deuteronomium 23:21-22.

Deuteronomium 23:21: Wanneer gij den HEERE, uw God, een gelofte zult beloofd hebben, gij zult niet vertrekken die te betalen; want de HEERE, uw God, zal ze zekerlijk van u eisen, en zonde zou in u zijn. Deuteronomium 23:22: Maar als gij nalaat te beloven, zo zal het geen zonde in u zijn.

“In de gedachtengang van jonge mensen wordt het huwelijk geromantiseerd, en het is zo moeilijk het te ontdoen van datgene, waarmee de verbeelding het omkleedt, en in het verstand de zware verantwoordelijkheden te griffen, die begrepen zijn in de huwelijksgelofte. Deze gelofte smeedt het lot van twee nensen aaneen met banden, welke alleen door de dood kunnen ontbonden worden.” –Uit de Schatkamer der Getuigenissen 1, blz. 599.

B. Hoe bevestigt de reactie van de discipelen het idee, dat het huwelijk voor het leven is, en waarom moeten we nu zo’n standpunt innemen?

Matthéüs 19:10-12.

Mattheüs 19:10: Zijn discipelen zeiden tot Hem: Indien de zaak des mensen met de vrouw alzo staat, zo is het niet oorbaar te trouwen. Mattheüs 19:11: Doch Hij zeide tot hen: Allen vatten dit woord niet, maar dien het gegeven is. Mattheüs 19:12: Want er zijn gesnedenen, die uit moeders lijf alzo geboren zijn; en er zijn gesnedenen, die van de mensen gesneden zijn; en er zijn gesnedenen, die zichzelven gesneden hebben, om het Koninkrijk der hemelen. Die dit vatten kan, vatte het.

C. Wat is nodig om het gezin bij elkaar te houden?

Romeinen 5:20.

Romeinen 5:20: Maar de wet is bovendien ingekomen, opdat de misdaad te meerder worde; en waar de zonde meerder geworden is, daar is de genade veel meer overvloedig geweest;

“De genade van Christus, en die alleen, kan deze instelling maken tot wat Gods bedoeling ermee was, een macht tot zegen en verheffing van het mensdom. En zo kunnen de gezinnen op aarde, in hun eenheid, en vrede en liefde het hemelse gezin uitbeelden.

Heden geeft, evenals in de dagen van Christus, de toestand in de maatschappij een droevig antwoord op het hemels ideaal van deze geheiligde verhouding. Toch biedt het evangelie zelfs voor diegenen, die bitterheid en teleurstelling hebben gevonden, waar ze gehoopt hadden kameraadschap en vreugde te vinden, vertroosting. Het geduld en de tederheid, die zij door de Geest van Christus kunnen deelachtig worden, zullen het bittere lot verzoenen. Het hart, waarin Christus woont, zal zo vervuld, zo verzadigd worden van Zijn liefde, dat het niet zal worden verteerd door verlangen om medelijden en aandacht op te wekken voor zichzelf. En door overgave van de ziel aan God, kan Zijn wijsheid volbrengen, waarin menselijke wijsheid faalt. Door de openbaring van Zijn genade kunnen harten, die eenmaal onverschillig of vervreemd waren, verenigd worden door banden, die sterker en blijvender zijn dan aardse banden, de gouden banden van een liefde, die de toets der beproeving zal doorstaan.” –Gedachten van de Berg der Zaligsprekingen, blz. 61.

VRIJDAG — 15 december

Terugblik

1. Waarom is de huwelijksgelofte een verbond voor het leven?

2. Waarom haat God echtscheiding?

3. Waarom geeft God sommige toestemmingen, nadat Hij duidelijk Zijn wet heeft vastgesteld?

4. Waarom wordt hertrouwen, terwijl beide partijen nog in leven zijn, beschouwd als echtbreuk?

5. Waarom en hoe moeten we gezinnen bij elkaar houden?