Rentmeesters in de laatste dagen (II) — SABBAT, 5 november 2022

Les 6: De liefde voor geld

Tekst om te onthouden

Tekst om te onthouden: “Mijn is het zilver, en Mijn is het goud, spreekt de Heere der heerscharen”

Haggaï 2:9

“Bij alles, wat wij aan geld uitgeven, moeten wij trachten te voldoen aan het vopornemen van Hem, die de Alfa en Omega van alle christelijke inspanningen is.” –Getuigenissen voor de Gemeente 9, blz. 52.

Aanvullende studie :: -Getuigenissen voor de Gemeente 5, blz. 123-130;; -Testimonies for the Church, vol. 2, blz. 99, 652-662.

ZONDAG — 30 oktober

1. Harten geopenbaard

A. Hoe toont ons gebruik van geld de diepte van onze toewijding aan God?

Matthéüs 6:21.

Mattheüs 6:21: Want waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn.

“Er is één ding, waarin wij diep in ernst moeten zijn, en dat is in het dienen van God. Er is geen gevaar voor het hebben van te veel ijver hier. Als wij alleen zouden werken met een oog op de heerlijkheid van God, zouden de nevels wegrollen en zouden onze opvattingen over goed en kwaad duidelijk worden. Wij moeten ons eigendom wijden. De taal van ons hart zou zijn: ‘Heere, hier is het middel, waarvoor U mij verantwoordelijk hebt gemaakt; wat wilt Gij, dat ik ermee doe?’” –The Signs of the Times, 7 januari 1886.

“Geld wordt ons door God toevertrouwd. Het is niet bedoeld om trots en eerzucht te strelen.” –De Weg tot Gezondheid, blz. 239.

B. Hoe is Davids toewijding aan God zowel een inspiratie als een berisping voor velen van ons?

1 Kronieken 29:3-5.

1 Kronieken 29:3: En daartoe, uit mijn welgevallen tot het huis mijns Gods, geef ik het bijzonder goud en zilver, dat ik heb, tot het huis mijns Gods daarenboven, behalve al wat ik ten huize des heiligdoms bereid heb; 1 Kronieken 29:4: Drie duizend talenten gouds, van het goud van Ofir, en zeven duizend talenten gelouterd zilver, om de wanden der huizen te overtrekken; 1 Kronieken 29:5: Goud tot de gouden, en zilver tot de zilveren vaten, en tot alle werk, door de hand der werkmeesteren te maken. En wie is er willig, heden zijn hand den HEERE te vullen?

“Is dankbaarheid dood in het hart? Zet het kruis van Christus niet aan tot zich schamen voor een leven van zelfzuchtig gemak en toegeeflijkheid? … Wij plukken de vruchten van deze oneindige zelfopoffering; en toch, wanneer er werk moet worden gedaan, wanneer ons geld wordt gezocht om het werk van de Verlosser in de redding van zielen te helpen, deinzen wij terug voor de plicht en bidden wij om verontschuldigd te worden.” –Counsels on Stewardship, blz. 21.

MAANDAG — 31 oktober

2. Op de hoogte zijn van het plan van de vijand

A. Hoe worden wij gewaarschuwd voor een boosaardig complot tegen Sabbathouders?

Matthéüs 20:1-9.

Mattheüs 20:1: Want het Koninkrijk der hemelen is gelijk een heer des huizes, die met den morgenstond uitging, om arbeiders te huren in zijn wijngaard. Mattheüs 20:2: En als hij met de arbeiders eens geworden was, voor een penning des daags, zond hij hen heen in zijn wijngaard. Mattheüs 20:3: En uitgegaan zijnde omtrent de derde ure, zag hij anderen, ledig staande op de markt. Mattheüs 20:4: En hij zeide tot dezelve: Gaat ook gij heen in den wijngaard, en zo wat recht is, zal ik u geven. En zij gingen. Mattheüs 20:5: Wederom uitgegaan zijnde omtrent de zesde en negende ure, deed hij desgelijks. Mattheüs 20:6: En uitgegaan zijnde omtrent de elfde ure, vond hij anderen ledig staande, en zeide tot hen: Wat staat gij hier den gehele dag ledig? Mattheüs 20:7: Zij zeiden tot hem: Omdat ons niemand gehuurd heeft. Hij zeide tot hen: Gaat ook gij heen in den wijngaard, en zo wat recht is, zult gij ontvangen. Mattheüs 20:8: Als het nu avond geworden was, zeide de heer des wijngaards, tot zijn rentmeester: Roep de arbeiders, en geef hun het loon, beginnende van de laatsten tot de eersten. Mattheüs 20:9: En als zij kwamen, die ter elfder ure gehuurd waren, ontvingen zij ieder een penning.

“Zij, die tegen het elfde uur in de wijngaard kwamen, waren dankbaar, dat zij de kans hadden om te werken. Hun harten waren vol dank jegens hem, die hen had aangenomen; en toen de heer des huizes hen aan het einde van de dag uitbetaalde voor een hele dag werken, waren zij zeer verrast. Zij wisten, dat zij dat loon niet hadden verdiend. De goedheid op het gelaat van hun werkgever vervulde hen met bliijdschap. Nooit vergaten zij de goedheid van de heer of de edelmoedige betaling, die zij ontvangen hadden. Zo gaat het ook met de zondaar, die in het bewustzijn van zijn onwaardigheid te elfder ure in de wijngaard van de Meester is gaan werken. De tijd, waarin hij werkt, schijnt zo kort, en hij heeft het gevoel, dat hij het loon niet verdient; maar hij is vervuld met blijdschap, dat God hem toch heeft aanvaard. Hij werkt met een nederige geest, vol vertrouwen en dankbaar voor het voorrecht, dat hij een medewerker van Christus mag zijn. God eert graag een dergelijke geestesgesteldheid.

De Heer wenst, dat wij ons aan Hem toevertrouwen zonder te vragen naar de mate van beloning. Als Christus in het hart woont, is de gedachte aan een beloning niet overheersend. Deze gedachte vormt geen drijfveer voor onze inzet. Weliswaar zien wij in zekere mate uit naar de beloning. God wil, dat wij Zijn beloofde zegeningen zullen waarderen. Maar Hij wil niet, dat wij hunkeren naar loon, of dat wij het gevoel hebben, dat wij voor elke taak betaald moeten worden. Wij moeten eerder doen, wat goed is zonder rekening te houden met verdienste, dan hunkeren naar het verkrijgen van een beloning. Liefde tot God en onze medemensen moet onze drijfveer zijn.” –Lessen uit het Leven van Alledag, blz. 247.

B. Waarom worden wij specifiek gewaarschuwd voor begeerte?

Lukas 12:15.

Lukas 12:15: En Hij zeide tot hen: Ziet toe en wacht u van de gierigheid; want het is niet in den overvloed gelegen, dat iemand leeft uit zijn goederen.

“Zelfzucht en begeerte, die op de loer liggen in het menselijk hart, zijn de krachtigste gevoelsuitbarsttingen, en de uitkomst van de strijd is niet slechts een vermoeden. Tenzij de ziel dagelijks op het vlees van Christus leeft en Zijn bloed drinkt, zal het goddelijke element door de satanische worden overwonnen. Zelfzucht en begeerte zullen de overwinning afwenden. Een zelfbewuste, onafhankelijke geest zal nooit het koninkrijk van God binnengaan. Het zijn alleen zij, die deel hebben aan Christus in Zijn zelfverloochening en offer, die met Hem zullen deelnemen aan Zijn heerlijkheid.” –Selected Messages, bk. 2, blz. 216.

DINSDAG — 1 november

3. Een ernstige zaak

A. Hoe verslechtert de liefde voor geld ons geestelijk leven, en wat is het geneesmiddel daarvoor?

1 Timótheüs 6:9-10.

1 Timotheüs 6:9: Doch die rijk willen worden, vallen in verzoeking, en in den strik, en in vele dwaze en schadelijke begeerlijkheden, welke de mensen doen verzinken in verderf en ondergang. 1 Timotheüs 6:10: Want de geldgierigheid is een wortel van alle kwaad, tot welke sommigen lust hebbende zijn afgedwaald van het geloof, en hebben zichzelven met vele smarten doorstoken.

“Christus offerde Zichzelf, een oneindig offer. Dit op zichzelf druist regelrecht in tegen de begeerte en verheft liefdadigheid.

Voortdurende, zelfverloochenende liefdadigheid is Gods remedie voor de knagende zonden van zelfzucht en begeerte. God heeft systematische liefdadigheid geregeld om Zijn zaak te ondersteunen en de behoeften van de lijdenden en behoeftigen te verlichten. Hij heeft bepaald, dat geven een gewoonte moet worden, dat het de gevaarlijke en bedrieglijke zonde van begeerte kan tegengaan. Voortdurend geven laat begeerte de dood sterven. Systematische liefdadigheid is ontworpen om van God schatten van de begeerte af te trekken, net zo snel als zij worden verkregen en om deze toe te wijden aan de Heer, aan wie zij toebehoren.” –Testimonies for the Church, vol. 3, blz. 548.

“Zelfopoffering vormt de grondgedachte van de leer van Christus. Menigmaal wordt zelfopoffering voorgesteld en opgelegd in woorden, die streng lijken, omdat God ziet, dat er geen andere manier is om de mens te behouden, dan uit zijn leven de zelfzucht weg te snijden, die zijn hele persoonlijkheid zou verlagen, wanneer hij daaraan zou vasthouden.” –Getuigenissen voor de Gemeente 9, blz. 52.

“Wat de vitale functies van Gods volk opeet, is de liefde voor geld en vriendschap met de wereld.” –Testimonies for the Church, vol. 2, blz. 657.

B. Waar wil God, dat wij onze aandacht op richten, en waarom?

Kolossensen 3:1.

Kolossenzen 3:1: Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zo zoekt de dingen, die boven zijn, waar Christus is, zittende aan de rechter hand Gods.

“Zelfzucht is een ziel-verdervende zonde. Hieronder kan men hebzucht plaatsen, hetgeen afgoderij is. Alle dingen behoren God toe. Al de welvaart, die we genieten is het resultaat van Goddelijke goedgunstigheid. God is de grote, milddadige gever. Wanneer Hij een deel opeist van, hetgeen Hij ons zo rijkelijk heeft doen toekomen, is dat niet, opdat Hij door onze gaven verrijkt zal worden, want Hij heeft van ons niets nodig; maar dat doet Hij, opdat wij een gelegenheid krijgen om zelfverloochening, liefde en sympathie voor onze medemensen te beoefenen en zodoende in het geestelijke op een hoog niveau te komen. Door alle eeuwen heen, vanaf Adams tijd tot de onze, heeft God Zijn rechten doen gelden op het bezit van de mens, zeggende: Ik ben de rechtmatige Eigenaar van het heelal; wijd Mij derhalve de eerstelingen uwer vruchten, betaal een eerlijke cijns, geef Mij terug, wat Mijn eigendom is, daarmede Mijn soevereiniteit erkennende, en gij zult vrij over het restant beschikken en u verheugen in Mijn goedgunstigheden, en Mijn zegen zal met u zijn.” –Uit de Schatkamer der Getuigenissen 1, blz. 575.

WOENSDAG — 2 november

4. Een verbond door een offer

A. Met wat moet iedereen rekening houden bij het beheren van persoonlijke financiën, gezien de korte tijd die voor ons ligt?

Haggaï 2:9.

Haggaï 2:9: De heerlijkheid van dit laatste huis zal groter worden, dan van het eerste, zegt de HEERE der heirscharen; en in deze plaats zal Ik vrede geven, spreekt de HEERE der heirscharen.

“Bij velen is het bezit van rijkdom een valstrik gebleken. In hun verlangen om de mode van de wereld te volgen, hebben zij hun ijver voor de waarheid verloren en lopen zij het gevaar het eeuwige leven te verliezen.” –This Day With God, blz. 349.

“Sommigen sluiten hun oren, wanneer gelden gevraagd worden om zendelingen uit te zenden naar verre landen of om de waarheid te publiceren, zodat ze over de gehele wereld verspreid zal worden gelijk de bladeren in de herfst. Zij verontschuldigen hun gierigheid door u te vertellen, dat ze schikkingen getroffen hebben om gaven te schenken na hun dood. Zij hebben de zaak Gods in hun testamenten bedacht. Daarom leiden ze een leven van gierigheid, God berovende in tienden en gaven en bij testamentaire beschikking geven ze God maar een klein deel terug, van hetgeen Hij hun geleend heeft, terwijl een zeer groot gedeelte wordt toegewezen aan familieleden, die geen belangstelling voor de waarheid hebben.” –Uit de Schatkamer der Getuigenissen 1, blz. 579.

“Stervende erfenissen zijn een ellendige plaatsvervanger voor levende liefdadigheid. De dienaren van God moeten elke dag hun testament maken, in goede werken en overvloedige offers aan God. Zij moeten niet toestaan, dat de hoeveelheid, die aan God wordt gegeven, onevenredig klein is in vergelijking met de hoeveelheid, die voor hun eigen gebruik is toegeëigend. Door dagelijks hun testamenten te maken zullen zij zich die voorwerpen en vrienden herinneren, die de grootste plaats in hun genegenheden innemen.

Hun beste vriend is Jezus. Hij onthield hen niet Zijn eigen leven, maar omwille van hen werd Hij arm, opdat zij door Zijn armoede rijk zouden worden. Hij verdient het hele hart, het bezit, alles wat zij hebben en zijn. Maar veel belijdende christenen stellen de eisen van Jezus in het leven uit en beledigen Hem door Hem slechts een schijntje bij de dood te geven.” –Counsels on Stewardship, blz. 326-327.

B. Welke specifieke waarschuwing met betrekking tot rentmeesterschap geeft Christus aan ouders?

Matthéüs 10:37.

Mattheüs 10:37: Die vader of moeder liefheeft boven Mij, is Mijns niet waardig; en die zoon of dochter liefheeft boven Mij, is Mijns niet waardig.

“Gelovige ouders hebben hun eigendom vaak overgedragen aan hun ongelovige kinderen, waardoor het buiten hun macht is gesteld om de dingen, die van Hem zijn, aan God te geven. Door dit te doen ontdoen zij zich van de verantwoordelijkheid, die God op hen heeft gelegd en plaatsen zij de middelen in de gelederen van de vijand, die God hun heeft toevertrouwd om aan Hem terug te keren om in Zijn zaak te worden geïnvesteerd, wanneer Hij het van hen zal eisen. Het is niet in Gods orde, dat ouders die in staat zijn om hun eigen zaken te leiden, het beheer over hun eigendom zullen opgeven, zelfs aan kinderen, die hetzelfde geloof hebben.” –Testimonies for the Church, vol. 1, blz. 528-529.

DONDERDAG — 3 november

5. De veiligste kluis

A. Welke troostende zekerheid biedt Christus allen, die door middel van een offer een verbond met Hem sluiten?

Matthéüs 6:28-33.

Mattheüs 6:28: En wat zijt gij bezorgd voor de kleding? Aanmerkt de lelien des velds, hoe zij wassen; zij arbeiden niet, en spinnen niet; Mattheüs 6:29: En Ik zeg u, dat ook Salomo, in al zijn heerlijkheid, niet is bekleed geweest, gelijk een van deze. Mattheüs 6:30: Indien nu God het gras des velds, dat heden is, en morgen in den oven geworpen wordt, alzo bekleedt, zal Hij u niet veel meer kleden, gij kleingelovigen? Mattheüs 6:31: Daarom zijt niet bezorgd, zeggende: Wat zullen wij eten, of wat zullen wij drinken, of waarmede zullen wij ons kleden? Mattheüs 6:32: Want al deze dingen zoeken de heidenen; want uw hemelse Vader weet, dat gij al deze dingen behoeft. Mattheüs 6:33: Maar zoekt eerst het Koninkrijk Gods en Zijn gerechtigheid, en al deze dingen zullen u toegeworpen worden.

“Stel uw hart open om dit (Gods) koninkrijk te ontvangen, en maak het dienen daarvan tot uw hoogste belang. Hoewel het een geestelijk koninkrijk is, behoeft ge niet bevreesd te zijn, dat er niet gezorgd zal worden voor uw behoeften in dit leven. Indien ge uzelf aan de dienst van God geeft, zal Hij, die alle macht in hemel en op aarde bezit, in uw behoeften voorzien… Jezus heeft, toen Hij op aarde vertoefde, het leven in al zijn bijzonderheden beter gemaakt, door de mensen de heerlijkheid Gods voor ogen te houden, en door alles ondergeschikt te maken aan de wil van Zijn Vader. Indien we Zijn voorbeeld volgen, luidt Zijn verzekering, dat alle behoeften des levens ons ‘bovendien geschonken’ zullen worden. Armoede of rijkdom, ziekte of gezondheid, eenvoud of wijsheid, in al deze dingen wordt voorzien in de belofte van Zijn genade.” –Gedachten van de Berg der Zaligsprekingen, blz. 88.

“Elke daad van zelfopoffering voor het welzijn van anderen zal de geest van liefdadigheid in het hart van de gever versterken en hem nauwer verbinden met de Verlosser van de wereld.” –Counsels on Stewardship, blz. 20.

B. Wat is de meest vruchtbare manier om onze rijkdom te behouden?

Spreuken 3:9-10.

Spreuken 3:9: Vereer den HEERE van uw goed, en van de eerstelingen al uwer inkomsten; Spreuken 3:10: Zo zullen uw schuren met overvloed vervuld worden, en uw perskuipen van most overlopen.

“Wilde u uw eigendom beveiligen? Leg het in de hand, die de nagelafdrukken van de kruisiging draagt. Houd alles in uw bezit en het zal tot uw eeuwig verlies zijn. Geef het aan God en vanaf dat moment draagt het Zijn inscriptie. Het is verzegeld met Zijn onveranderlijkheid.” –Counsels on Stewardship, blz. 49.

“Wij moeten investeren in hemelse belangen en altijd werken met de hemel om onze schat op te slaan in de bank van de hemel.” –The Signs of the Times, 4 april 1895.

VRIJDAG — 4 november

Terugblik

1. Waarom kan geld een talent zijn, dat veel over ons hart toont?

2. Beschrijf een strategie, die Satan beraamt tegen Sabbathouders.

3. Hoe worden wij gezegend door het overwinnen van een liefde voor geld?

4. Wat moet onze overweging zijn, als het einde der tijden steeds meer nadert?

5. Welke belofte wordt aan hen gegeven, die hun schat in de hemel opleggen?

Eerste Sabbatgaven voor literatuur voor behoeftige Velden

Wat is het tegenovergestelde van verwarring? Duidelijkheid! De menigten op aarde zijn verward, vandaar de profetische verwijzing naar Babylon, d.w.z. verwarring. Het onderscheidingsvermogen, de waarneming en het begrip van mensen zijn allemaal onduidelijk. Ze hebben duidelijkheid nodig. Verschillende waarheden moeten worden onderwezen.

Zullen ze luisteren? Een enkeling zal; velen zullen dat niet doen, maar ze kunnen proberen. Ze kunnen even de tijd nemen om iets te lezen, dat hun aandacht trekt, en wat ze zien, kan tot de geest spreken en het begrip verlichten.

“Het middel om duisternis te verdrijven, is: licht toe te laten. De beste manier om een dwaling aan te vatten, is: de waarheid naar voren te brengen. Het is de openbaring van Gods liefde, die de misvorming en zonde van het hart, dat op zichzelf gericht is, aan het licht brengt.”–De Wens der Eeuwen, blz. 432. Als ze de zonde zien, zullen ze verlangen naar de Verlosser.

Deze wonderbare openbaring van Gods liefde kan door de gedrukte pagina komen, door middel van vele onderwerpen, bijvoorbeeld:

“Er moeten serieuzere inspanningen worden gemaakt om de mensen te informeren over het grote onderwerp van gezondheidshervorming. Traktaten van vier, acht, twaalf, zestien en meer pagina’s, met punten, goed geschreven artikelen over deze grote vraag, moeten worden verspreid als de herfstbladeren.” –Counsels on Health, blz. 466.

“Duizenden dollars, die nu op het altaar van de kwetsende begeerte worden geofferd, zullen in de schatkist van de Heer vloeien, publicaties in verschillende talen worden vermenigvuldigd om te worden verspreid als de herfstbladeren. Zendingen zullen in andere landen worden opgericht.” –Confrontation, blz. 60.

In de herfst zijn de bladeren, die van de bomen vallen zo talrijk, dat het bijna onmogelijk is om deze te tellen. Ja, zoveel traktaten, pamfletten, tijdschriften en boekjes met de tegenwoordige waarheid zijn nodig. Dit zijn essentiële hulpmiddelen bij de verkondiging van het eeuwige evangelie. De productie van dergelijke materialen brengt kosten met zich mee, die velen zich helaas niet kunnen veroorloven, hetzij voor eigen rekening, hetzij om met anderen te delen. Daarom hebben we, doordat we allemaal belast zijn met de taak om de waarheid aan anderen uit te dragen, allemaal een plicht en voorrecht om hen te helpen deze te ontvangen.

De Eerste Sabbatgaven van vandaag is voor literatuur voor behoeftige landen. Uw vrijgevige, ja opofferende, gave kan een lange weg gaan om anderen te helpen leren van en zich voor te bereiden op de wederkomst van de Heer.

Dank u voor de samenwerking met Christus!

–De Publiciteit Afdeling van de Generale Conferentie