Het Evangelie volgens Paulus: Korinthe — SABBAT, 4 juni 2022

Les 10: Het Evangelie en de Opstanding

Tekst om te onthouden

Tekst om te onthouden: “Voorts, broeders, ik maak u bekend het Evangelie, dat ik u verkondigd heb, hetwelk gij ook aangenomen hebt, waarin gij ook staat; waardoor gij ook zalig wordt, indien gij het ook behoudt op zodanige wijze, als ik het u verkondigd heb, tenzij dan dat gij tevergeefs geloofd hebt”

1 Korintiërs 15:1–2

“Hangend aan het kruis was Christus het evangelie. Nu hebben wij een boodschap: ‘Zie het Lam Gods, dat de zonden der wereld wegneemt’. Zullen onze gemeenteleden hun ogen niet gericht houden op een gekruisigde en verrezen Heiland, op wie hun hoop op eeuwig leven is gericht? Dit is onze boodschap, ons argument, onze leerstelling, onze waarschuwing aan de onboetvaardigen, onze bemoediging voor de treurenden, de hoop voor elke gelovige.” –Manuscript Releases 21, blz. 37.

Aanvullende studie :: -Counsels to Parents, Teachers and Students, blz. 22-24.

ZONDAG — 29 mei

1. Incarnatie

A. Hoe brachten de engelen de boodschap over de geboorte van Christus en wat had God aan hen geboden?

Lukas 2:10-11;

Lukas 2:10: En de engel zeide tot hen: Vreest niet, want, ziet, ik verkondig u grote blijdschap, die al den volke wezen zal; Lukas 2:11: Namelijk dat u heden geboren is de Zaligmaker, welke is Christus, de Heere, in de stad Davids.

Hebreeën 1:6-8.

Hebreeën 1:6: En als Hij wederom de Eerstgeborene inbrengt in de wereld, zegt Hij: En dat alle engelen Gods Hem aanbidden. Hebreeën 1:7: En tot de engelen zegt Hij wel: Die Zijn engelen maakt geesten, en Zijn dienaars een vlam des vuurs. Hebreeën 1:8: Maar tot den Zoon zegt Hij: Uw troon, o God, is in alle eeuwigheid; de schepter Uws koninkrijks is een rechte schepter.

“Bij deze woorden komen de herders visioenen van heerlijkheid voor de geest. De Verlosser was naar Israël gekomen! Macht, verheffing, triomf worden verbonden met Zijn komst. Maar de engel moet hen erop voorbereiden, dat ze hun Heiland zullen herkennen in armoede en vernedering.” –De Wens der Eeuwen, blz. 28.

B. Hoe was de geboorte van Christus geprofeteerd?

Jesaja 7:14;

Jesaja 7:14: Daarom zal de Heere Zelf ulieden een teken geven; ziet, een maagd zal zwanger worden, en zij zal een Zoon baren, en Zijn naam IMMANUEL heten.

Matthéüs 1:22-23.

Mattheüs 1:22: En dit alles is geschied, opdat vervuld zou worden, hetgeen van den Heere gesproken is, door den profeet, zeggende: Mattheüs 1:23: Ziet, de maagd zal zwanger worden, en een Zoon baren, en gij zult Zijn naam heten Emmanuel; hetwelk is, overgezet zijnde, God met ons.

“Om deze heerlijkheid ten toon te spreiden, kwam Hij (Christus) naar onze aarde. Hij kwam naar deze door zonde verduisterde aarde om het licht van Gods liefde te openbaren, om ‘God met ons’ te zijn. Daarom was van Hem geprofeteerd: ‘Men zal Hem de naam Immanuel geven’.” —De Wens der Eeuwen, blz. 9.

MAANDAG — 30 mei

2. Een volmaakt leven

A. Wat wordt ons verteld over het hele leven van Christus op aarde?

Jesaja 53:2-4;

Jesaja 53:2: Want Hij is als een rijsje voor Zijn aangezicht opgeschoten, en als een wortel uit een dorre aarde; Hij had geen gedaante noch heerlijkheid; als wij Hem aanzagen, zo was er geen gestalte, dat wij Hem zouden begeerd hebben. Jesaja 53:3: Hij was veracht, en de onwaardigste onder de mensen, een Man van smarten, en verzocht in krankheid; en een iegelijk was als verbergende het aangezicht voor Hem; Hij was veracht, en wij hebben Hem niet geacht. Jesaja 53:4: Waarlijk, Hij heeft onze krankheden op Zich genomen, en onze smarten heeft Hij gedragen; doch wij achtten Hem, dat Hij geplaagd, van God geslagen en verdrukt was.

Lukas 4:18-19;

Lukas 4:18: De Geest des Heeren is op Mij, daarom heeft Hij Mij gezalfd; Hij heeft Mij gezonden, om den armen het Evangelie te verkondigen, om te genezen, die gebroken zijn van hart; Lukas 4:19: Om den gevangenen te prediken loslating, en den blinden het gezicht, om de verslagenen heen te zenden in vrijheid; om te prediken het aangename jaar des Heeren.

Handelingen 10:38.

Handelingen 10:38: Belangende Jezus van Nazareth, hoe Hem God gezalfd heeft met den Heiligen Geest en met kracht; Welke het land doorgegaan is, goeddoende, en genezende allen, die van den duivel overweldigd waren; want God was met Hem.

“Zijn (Christus’) hele leven was een inleiding op Zijn dood aan het kruis. Zijn karakter was een leven van gehoorzaamheid aan al Gods geboden en moest een voorbeeld zijn voor alle mensen op aarde. Zijn leven was het leven van de wet in de mensheid. Die wet die Adam overtrad. Maar Christus verloste door Zijn volmaakte gehoorzaamheid aan de wet Adams schandelijke mislukking en val.” –Fundamentals of Christian Education, blz. 382.

“Christus kwam als de weerkaatsing van de heerlijkheid van de Vader, om het licht der wereld te zijn. Hij kwam om God aan de mensen te openbaren.” –Lessen uit het Leven van Alledag, blz. 257.

“Het werk van Christus moet ons voorbeeld zijn. Voortdurend ging Hij rond al goeddoende. In de tempel en in de synagogen, in de straten van de steden, op de markt en in de werkplaats, aan het strand en op de bergen verkondigde Hij het evangelie en genas de zieken. Zijn leven was een leven van onzelfzuchtig dienstbetoon, en dit moet ons leerboek zijn. Zijn tedere, medelijdende liefde is een terechtwijzing voor onze zelfzucht en harteloosheid.

Waar Christus ook ging, verspreidde Hij zegeningen op Zijn pad. Hoe velen van hen, die beweren in Hem te geloven, hebben Zijn lessen in vriendelijkheid, in teder medegevoel, in onzelfzuchtige liefde geleerd? … Zijn geduld raakte nooit uitgeput, Zijn liefde hield Hij nooit terug.

Christus roept ons om geduldig, volhardend te werken voor de duizenden, die op het punt staan in hun zonden om te komen, verspreid over alle landen, gelijk schepen, die schipbreuk geleden hebben op een woeste en verlaten kust.” –Getuigenissen voor de Gemeente 9, blz. 35.

B. Wat verklaarde Christus tegen het einde van Zijn missie op aarde over Zichzelf en hoe komt dit ons ten goede?

Johannes 8:46.

Johannes 8:46: Wie van u overtuigt Mij van zonde? En indien Ik de waarheid zeg, waarom gelooft gij Mij niet?

“De goddelijke Zoon van God was de enige, die voldoende waarde had om te voldoen aan de eisen van Gods volmaakte wet…

Hij was de enige, die als mens op de aarde wandelde, die tot alle mensen kon zeggen: Wie van u overtuigt Mij van zonde? Hij was verenigd met de Vader in de schepping van de mens, en Hij had macht door Zijn eigen goddelijke volmaaktheid van karakter om de zonden van de mens goed te maken, en hem te verheffen en hem terug te brengen naar zijn eerste staat.” –Spirit of Prophecy 2, blz. 10.

DINSDAG — 31 mei

3. Hij stierf voor de mensheid

A. Beschrijf de climax van het evangelie en de invloed ervan.

1 Korinthe 15:3.

1 Korinthe 15:3: Want ik heb ulieden ten eerste overgegeven, hetgeen ik ook ontvangen heb, dat Christus gestorven is voor onze zonden, naar de Schriften;

“Hangend aan het kruis was Christus het evangelie… Als wij een interesse in de geest van mensen kunnen opwekken, die ervoor zorgt, dat zij hun ogen op Christus richten, kunnen wij een stap opzij doen en hen alleen vragen om hun ogen op het Lam van God te blijven richten. Zo krijgen zij hun les. Wie achter Mij wil komen, verloochent zichzelf, neemt zijn kruis op en volgt Mij. Hij, wiens ogen op Jezus gericht zijn, zal alles verlaten. Zijn egoïsme zal sterven. Hij zal in heel het Woord van God geloven, dat zo heerlijk en wonderbaarlijk verheven is in Christus.” –Manuscript Releases 21, blz. 37.

“De Zoon van God werd verworpen en veracht omwille van ons. Kunt u, in het volle zicht van het kruis, met het oog des geloofs het lijden van Christus aanschouwend, uw verhaal van wee, uw beproevingen vertellen? Kunt u de wraak van uw vijanden in uw hart koesteren, terwijl het gebed van Christus van Zijn bleke en bevende lippen komt voor Zijn beschimpers, Zijn moordenaars: ‘Vader, vergeef het hun; want zij weten niet, wat zij doen’ (Lukas 23:34)?” –That I May Know Him, blz. 65.

B. Wat is de enige manier, waarop iemand voor eeuwig kan worden gered?

Jesaja 45:22;

Jesaja 45:22: Wendt U naar Mij toe, wordt behouden, alle gij einden der aarde! want Ik ben God, en niemand meer.

Johannes 3:14-16,

Johannes 3:14: En gelijk Mozes de slang in de woestijn verhoogd heeft, alzo moet de Zoon des mensen verhoogd worden; Johannes 3:15: Opdat een iegelijk, die in Hem gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe. Johannes 3:16: Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een iegelijk die in Hem gelooft, niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe.

Johannes 3:36;

Johannes 3:36: Die in den Zoon gelooft, die heeft het eeuwige leven; maar die den Zoon ongehoorzaam is, die zal het leven niet zien, maar de toorn Gods blijft op hem.

2 Korinthe 5:21.

2 Korinthe 5:21: Want Dien, Die geen zonde gekend heeft, heeft Hij zonde voor ons gemaakt, opdat wij zouden worden rechtvaardigheid Gods in Hem.

“Schuldeloos, droeg Hij (Christus) de straf van de schuldigen. Onschuldig, maar Hij biedt Zich aan als een plaatsvervanger voor de overtreder. De schuld van elke zonde drukte zijn gewicht op de goddelijke ziel van de Verlosser van de wereld. De kwade gedachten, de kwade woorden, de kwade daden van elke zoon en dochter van Adam, riepen op tot vergelding voor Hemzelf; want Hij was de plaatsvervanger van de mens geworden. Hoewel de schuld van de zonde niet de Zijne was, werd Zijn geest verscheurd en verbrijzeld door de overtredingen van mensen, en Hij, die geen zonde kende, werd zonde voor ons, opdat wij de gerechtigheid van God in Hem konden worden gemaakt.” –Selected Messages 1, blz. 322.

“Christus’ dood bewijst Gods grote liefde voor de mensen. Ze is het onderpand van onze verlossing. De christen het kruis te ontnemen staat gelijk met de zon aan de hemel te bedekken. Het kruis brengt ons nader tot God, daar het ons met Hem verzoent. Met de bewogen ontferming van de liefde eens vaders, ziet Jehova neer op het lijden, dat Zijn Zoon verdroeg om het mensdom van de eeuwige dood te redden, en neemt Hij ons aan in de Geliefde.” –Van Jeruzalem tot Rome, blz. 154-155.

WOENSDAG — 1 juni

4. Hij is opgestaan

A. Welk wonderbaarlijk nieuws ontvingen Maria Magdalena en de andere vrouwen van de engelen?

Lukas 24:5-8.

Lukas 24:5: En als zij zeer bevreesd werden, en het aangezicht naar de aarde neigden, zeiden zij tot haar: Wat zoekt gij den Levende bij de doden? Lukas 24:6: Hij is hier niet, maar Hij is opgestaan. Gedenkt, hoe Hij tot u gesproken heeft, als Hij nog in Galilea was, Lukas 24:7: Zeggende: De Zoon des mensen moet overgeleverd worden in de handen der zondige mensen, en gekruisigd worden, en ten derden dage wederopstaan. Lukas 24:8: En zij werden indachtig Zijner woorden.

“Zij [(de vrouwen) wendden zich af om te vluchten, maar de woorden van de engel weerhielden hen op hun schreden. ‘Weest gij niet bevreesd’, zei hij, ‘want ik weet, dat gij Jezus zoekt, de gekruisigde. Hij is hier niet, want Hij is opgewekt, gelijk Hij gezegd heeft; komt, ziet de plaats, waar Hij gelegen heeft. En gaat terstond op weg en zegt Zijn discipelen, dat Hij is opgewekt uit de doden’ (Matthéüs 28:5-7)…

Hij is opgestaan, Hij is opgestaan! Steeds weer herhalen de vrouwen deze woorden. Nu hebben ze de specerijen voor de zalving niet nodig. De Heiland leeft, en is niet dood. Zij herinneren zich nu, dat, toen Hij over Zijn dood sprak, Hij zei, dat Hij weer zou opstaan. Welk een dag is dit voor de wereld! Snel verlieten de vrouwen het graf, ‘met vrees en grote blijdschap, en liepen haastig voort om het Zijn discipelen te berichten’.” –De Wens der Eeuwen, blz. 692-693.

B. Hoe belangrijk is de opstanding van Christus voor het verlossingsplan?

1 Korinthe 15:4,

1 Korinthe 15:4: En dat Hij is begraven, en dat Hij is opgewekt ten derden dage, naar de Schriften;

1 Korintiërs 15:12-20.

1 Korinthe 15:12: Indien nu Christus gepredikt wordt, dat Hij uit de doden opgewekt is, hoe zeggen sommigen onder u, dat er geen opstanding der doden is? 1 Korinthe 15:13: En indien er geen opstanding der doden is, zo is Christus ook niet opgewekt. 1 Korinthe 15:14: En indien Christus niet opgewekt is, zo is dan onze prediking ijdel, en ijdel is ook uw geloof. 1 Korinthe 15:15: En zo worden wij ook bevonden valse getuigen Gods; want wij hebben van God getuigd, dat Hij Christus opgewekt heeft, Dien Hij niet heeft opgewekt, zo namelijk de doden niet opgewekt worden. 1 Korinthe 15:16: Want indien de doden niet opgewekt worden, zo is ook Christus niet opgewekt. 1 Korinthe 15:17: En indien Christus niet opgewekt is, zo is uw geloof tevergeefs, zo zijt gij nog in uw zonden. 1 Korinthe 15:18: Zo zijn dan ook verloren, die in Christus ontslapen zijn. 1 Korinthe 15:19: Indien wij alleenlijk in dit leven op Christus zijn hopende, zo zijn wij de ellendigste van alle mensen. 1 Korinthe 15:20: Maar nu, Christus is opgewekt uit de doden, en is de Eersteling geworden dergenen, die ontslapen zijn.

“Met overtuigende kracht zette de apostel de grote waarheid van de opstanding uiteen. (Zie 1 Korinthe 15:13-20) …

De apostel richtte de geest van de Corinthische broeders op de zegeningen van de opstandingsmorgen, wanneer alle slapende heiligen zullen worden opgewekt, om voortaan voor eeuwig met hun Heere te leven.” –Van Jeruzalem tot Rome, blz. 237-238.

“Wij lezen in de Bijbel over de opstanding van Christus uit de doden; maar handelen wij, alsof wij het geloven? Geloven wij, dat Jezus een levende Heiland is, dat Hij niet in het nieuwe graf van Jozef is, met de grote steen ervoor gerold, maar dat Hij is opgestaan uit de dood en is opgestegen naar de hemel om gevangenschap te ketenen en om goede gaven aan de mensen te geven? Hij is daar om onze zaken in de hemelse hoven te bepleiten. Hij is daar, omdat wij een vriend nodig hebben in de hemelse hoven, iemand, die onze voorspraak en middelaar moet zijn. Laten wij ons daar dan in verheugen. Wij hebben alles om God te prijzen. Velen beoordelen hun godsdienstige staat aan de hand van hun emoties; maar dit zijn geen veilige criteria. Ons christelijk leven hangt niet af van onze gevoelens, maar van ons recht hebben van bovenaf.” –The Review and Herald, 8 maart 1892.

DONDERDAG — 2 juni

5. Hij was gezien

A. Hoeveel mensen werden getuigen van de opstanding van Christus?

Matthéüs 27:52-54;

Mattheüs 27:52: En de graven werden geopend, en vele lichamen der heiligen, die ontslapen waren, werden opgewekt; Mattheüs 27:53: En uit de graven uitgegaan zijnde, na Zijn opstanding, kwamen zij in de heilige stad, en zijn velen verschenen. Mattheüs 27:54: En de hoofdman over honderd, en die met hem Jezus bewaarden, ziende de aardbeving, en de dingen, die geschied waren, werden zeer bevreesd, zeggende: Waarlijk, Deze was Gods Zoon!

1 Korinthe 15:5-8.

1 Korinthe 15:5: En dat Hij is van Cefas gezien, daarna van de twaalven. 1 Korinthe 15:6: Daarna is Hij gezien van meer dan vijfhonderd broeders op eenmaal, van welken het meren deel nog over is, en sommigen ook zijn ontslapen. 1 Korinthe 15:7: Daarna is Hij gezien van Jakobus, daarna van al de apostelen. 1 Korinthe 15:8: En ten laatste van allen is Hij ook van mij, als van een ontijdig geborene, gezien.

“Toen Christus opstond, bracht Hij uit het graf een menigte gevangenen mee. De aardbeving bij Zijn dood had hun graven geopend, en toen Hij verrees, kwamen zij met Hem uit de graven. Het waren mensen, die medewerkers van God waren geweest, en die van de waarheid getuigd hadden ten koste van hun leven. Nu zouden zij getuigen zijn van Hem, Die hen uit de doden had opgewekt…

Deze mensen gingen de stad in en verschenen aan velen, terwijl ze verklaarden: Christus is uit de dood opgestaan en wij zijn met Hem herrezen. Op deze wijze werd de heilige waarheid van de opstanding onsterfelijk gemaakt.” –De Wens der Eeuwen, blz. 689-690.

B. Wat is er beloofd aan alle trouwe gelovigen?

1 Korinthe 15:51-55;

1 Korinthe 15:51: Ziet, ik zeg u een verborgenheid: wij zullen wel niet allen ontslapen, maar wij zullen allen veranderd worden; 1 Korinthe 15:52: In een punt des tijds, in een ogenblik, met de laatste bazuin; want de bazuin zal slaan, en de doden zullen onverderfelijk opgewekt worden, en wij zullen veranderd worden. 1 Korinthe 15:53: Want dit verderfelijke moet onverderfelijkheid aandoen, en dit sterfelijke moet onsterfelijkheid aandoen. 1 Korinthe 15:54: En wanneer dit verderfelijke zal onverderfelijkheid aangedaan hebben, en dit sterfelijke zal onsterfelijkheid aangedaan hebben, alsdan zal het woord geschieden, dat geschreven is: De dood is verslonden tot overwinning. 1 Korinthe 15:55: Dood, waar is uw prikkel? Hel, waar is uw overwinning?

1 Thessalonicensen 4:13-18.

1 Thessalonicenzen 4:13: Doch, broeders, ik wil niet, dat gij onwetende zijt van degenen, die ontslapen zijn, opdat gij niet bedroefd zijt, gelijk als de anderen, die geen hoop hebben. 1 Thessalonicenzen 4:14: Want indien wij geloven, dat Jezus gestorven is en opgestaan, alzo zal ook God degenen, die ontslapen zijn in Jezus, weder brengen met Hem. 1 Thessalonicenzen 4:15: Want dat zeggen wij u door het Woord des Heeren, dat wij, die levend overblijven zullen tot de toekomst des Heeren, niet zullen voorkomen degenen, die ontslapen zijn. 1 Thessalonicenzen 4:16: Want de Heere Zelf zal met een geroep, met de stem des archangels, en met de bazuin Gods nederdalen van den hemel; en die in Christus gestorven zijn, zullen eerst opstaan; 1 Thessalonicenzen 4:17: Daarna wij, die levend overgebleven zijn, zullen te zamen met hen opgenomen worden in de wolken, den Heere tegemoet, in de lucht; en alzo zullen wij altijd met den Heere wezen. 1 Thessalonicenzen 4:18: Zo dan, vertroost elkander met deze woorden.

“Jezus verklaarde: ‘Ik ben de opstanding en het leven’. In Christus is het leven, oorspronkelijk, echt, aan niets anders ontleend. ‘Wie de Zoon heeft, heeft het leven’ (1 Johannes 5:12). De goddelijkheid van Christus is voor de gelovige de zekerheid voor het eeuwige leven. ‘Wie in Mij gelooft’, zei Jezus, ‘zal leven, ook al is hij gestorven, en een ieder, die leeft en in Mij gelooft, zal in eeuwigheid niet sterven; gelooft gij dat?’ Christus ziet hier vooruit op de tijd van Zijn tweede komst. Dan zullen de rechtvaardige doden onvergankelijk worden opgewekt, en de levende rechtvaardigen zullen in de hemel worden opgenomen zonder de dood te zien.” –De Wens der Eeuwen, blz. 459.

VRIJDAG — 3 juni

Terugblik

1. Wat leert de menswording van Christus ons over nederigheid?

2. Hoe kan mijn leven dat van mijn Heer beter weerspiegelen?

3. Welke invloed hebben de scènes van de kruisiging op mijn houding?

4. Hoe moet de opstanding van Christus mijn houding beïnvloeden?

5. Wat moeten wij beseffen over de betekenis van Christus’ goddelijkheid?

Eerste Sabbatgaven voor de Zendingsschool in Rwanda

Het werk van de ZDA Reformatie Beweging bereikte Rwanda in 2003 via sociale media, niet lang na de afschuwelijke slachtingen van genocide in 1994, die hadden geleid tot de dood van meer dan een miljoen mensen in slechts 90 dagen. Door de genade van God en hard werken zijn de broeders in Rwanda vooruit gegaan.

In Gods kracht hebben zendelingen vanuit Rwanda de boodschap overgebracht naar omringende landen zoals: Burundi, DR Congo, Noord en Zuid Kivu en Oeganda. De Kinyarwanda taal, gesproken door naar schatting 30 miljoen mensen in deze landen, heeft het werk van onze broeders vergemakkelijkt om 3000 zielen te bereiken tot nu toe.

Van onze leden spreekt slechts 10% vreemde talen en de opdracht van Jezus, onze Verlosser, is, dat we elke taal op onze planeet moeten bereiken. Johannes, de Openbaarder, beschrijft: ’En ik zag een andere engel, vliegende in het midden van de hemel, en hij had het eeuwige Evangelie, om te verkondigen aan hen, die op de aarde wonen, en aan alle natie, en geslacht, en taal, en volk’ (Openbaring 14:6).

Daarom besloot de Rwanda Unie om een Zendingsschool te bouwen om al deze landen te helpen jonge mensen uit te zenden, niet alleen voor geestelijk onderwijs, maar ook met cursussen Engels om hen te helpen de boeken van de Geest der Profetie te openen voor henzelf en te groeien in het zendingswerk. In Centraal Afrika worden elke dag zielen gewonnen voor de Heiland. De toename van het zendingswerk heeft geleid tot een grotere behoefte aan opgeleide arbeiders om de opdracht van de Heiland te voltooien. “Hoe snel zou de boodschap van een gekruisigde, verrezen en spoedig komende Heiland aan de wereld gebracht kunnen worden, wanneer we zo’n goed getraind leger van arbeiders hadden als onze jeugd met een goede opleiding zou kunnen vormen.” –Karaktervorming, blz.273.

Beste broeders en zusters, we doen een beroep op uw financiële steun in dit project, zodat de opdracht, gegeven door Christus die voor ons stierf, mag worden volbracht. Onze wereld verandert met de dag en we weten niet, hoe lang we nog kunnen werken met alle klimaatrampen en oorlogen overal. Er sterven elke dag mensen en God zal een ieder van ons vragen, wat we hebben gedaan om zielen te redden en ieder zal moeten antwoorden.

Dat is de reden, waarom we iedereen vragen: denk alstublieft aan ons zendingsschoolproject voor de Centraal-Afrikaanse landen, en dank u wel!

Uw broeders en zusters van de Zending van de Rwanda Unie