Het Evangelie volgens Paulus: Romeinen — SABBAT, 12 maart 2022

Les 11: TEMIDDEN VAN VRIENDEN EN VIJANDEN

Tekst om te onthouden

Tekst om te onthouden: “Wordt door het kwade niet overwonnen, maar overwint het kwade door het goede”

Romeinen 12:21

“Om in Gods koninkrijk groot te zijn, moet men een klein kind zijn in nederigheid, in de eenvoud van het geloof en in de zuiverheid van de liefde. Alle trots moet vergaan, alle jaloezie moet overwonnen worden, alle ambitie om de eerste plaats in te nemen moet worden opgegeven en de zachtmoedigheid en het vertrouwen van het kind moeten worden aangemoedigd.” –Getuigenissen voor de Gemeente 5, blz. 109.

Aanvullende studie :: -De Weg tot Gezondheid, blz. 414-426.

ZONDAG — 6 maart

1. Steunend op de eeuwige armen

A. Wat moet onze houding zijn, zelfs als het leven er somber uitziet?

Romeinen 12:12.

Romeinen 12:12: Verblijdt u in de hoop. Zijt geduldig in de verdrukking. Volhardt in het gebed.

“Iedereen heeft moeilijkheden, verdriet dat moeilijk te verwerken is, of verleidingen waaraan het moeilijk is om weerstand te bieden. Vertel uw zorgen niet aan andere stervelingen, maar breng alles in gebed tot God. Maak er een regel van om nooit één woord van twijfel of ontmoediging te uiten. U kunt veel doen om het leven van anderen op te vrolijken en om hen in hun pogingen te steunen, door hoopvolle woorden en heilige vreugde.” —Schreden naar Christus, blz. 146.

“Er is geen tijd of plaats ongeschikt om een gebed naar God op te zenden. Niets kan ons ervan weerhouden om onze harten in een geest van ernstig gebed op te heffen. In de drukte op straat, of tijdens een zakelijke afspraak, mogen we een gebed tot God richten en om Zijn leiding vragen, zoals Nehemia deed, toen hij zijn verzoek deed aan koning Artaxerxes. Een moment van contact met God kan overal gevonden worden. De deur van ons hart behoort steeds open te staan en steeds moet onze uitnodiging opstijgen, dat Jezus mag komen en als een hemelse gast in ons binnenste zal vertoeven.

Hoewel we ons soms in een onzuivere, verdorven atmosfeer bevinden, behoeven we deze ongezonde lucht niet in te ademen, maar kunnen we leven in de zuivere lucht van de hemel. Wij kunnen alle deuren voor onheilige gedachten en onzuivere overwegingen afsluiten, door ons via ernstig gebed op te heffen tot de aanwezigheid van God. Degenen, wier harten openstaan om de steun en zegen van God te ontvangen, zullen in een heiliger atmosfeer wandelen dan, die van de aarde en zullen een constante verbinding hebben met de hemel.” –Schreden naar Christus, blz. 119-120.

MAANDAG — 7 maart

2. Een open hart, een open huis

A. Noem één kostbare, christelijke eigenschap, die in de drukke wereld van vandaag vaak wordt vergeten, maar zeer gewaardeerd wordt.

Romeinen 12:13;

Romeinen 12:13: Deelt mede tot de behoeften der heiligen. Tracht naar herbergzaamheid.

1 Petrus 4:9.

1 Petrus 4:9: Zijt herbergzaam jegens elkander, zonder murmureren.

“De Bijbel legt ten volle de nadruk op het verlenen van gastvrijheid. Niet alleen omschrijft hij gastvrijheid als een plicht, maar hij biedt ook prachtige schilderingen van het in praktijk brengen van deze deugd en de zegen, die daaruit voortvloeit…

Lot, Abrahams neef, hoewel hij Sodom als zijn woonplaats had gekozen, bezat eveneens die geest van vriendelijkheid en gastvrijheid van de patriarch. Toen hij bij het vallen van de avond twee vreemdelingen bij de stadspoort zag, en de gevaren kennende, die hen in die zondige stad bedreigden, drong Lot erop aan, dat zij in zijn huis de nacht zouden doorbrengen. Het gevaar, dat voor hem en zijn gezin daaruit kon voortvloeien, was voor hem geen beletsel. Het behoorde mede tot zijn levenstaak de in gevaar verkerenden te beschermen en te zorgen voor de daklozen en de daad, in alle vriendelijkheid bewezen aan twee onbekende reizigers, bracht engelen in zijn huis. Die hij wilde beschermen, beschermden hem. Bij het vallen van de avond had hij hen voor alle veiligheid in zijn huis gebracht; bij het aanbreken van de dageraad leidden zij hem en zijn gezin veilig tot buiten de poort van de gedoemde stad.

Deze hoffelijke daden achtte God van voldoende belang om die in Zijn Woord te vermelden; en meer dan duizend jaren later werd naar die woorden verwezen door een geïnspireerde apostel: ‘Vergeet de herbergzaamheid niet, want hierdoor hebben sommigen onwetend engelen geherbergd’ (Hebreeën 13:2).

Het voorrecht, geschonken aan Abraham en Lot, wordt ons niet onthouden. Door gastvrij te zijn tegenover Gods kinderen kunnen ook wij Zijn engelen in onze woningen ontvangen. Zelfs in onze tijd betreden engelen in menselijke gedaante de huizen der mensen, en worden door hen geherbergd. En christenen, die leven in het licht van Gods aangezicht, worden altijd vergezeld door ongeziene engelen, en deze heilige wezens laten in onze woningen een zegen achter.” –Uit de Schatkamer der Getuigenissen 2, blz. 598-599.

B. Van welk groot principe is dit een herinnering?

Filippensen 2:4.

Filippenzen 2:4: Een iegelijk zie niet op het zijne, maar een iegelijk zie ook op hetgeen der anderen is.

“Ons werk in deze wereld is om te leven voor het welzijn van anderen, om anderen te zegenen, om gastvrij te zijn; en vaak kan het slechts door enig ongemak zijn, dat we degenen gastvrij kunnen ontvangen, die echt onze zorg en het welzijn van onze samenleving en onze huizen nodig hebben.” –Testimonies for the Church 2, blz. 645.

DINSDAG — 8 maart

3. Liefhebben als geen ander

A. Beschrijf de diepte van een verbazingwekkende, uitstekende kwaliteit, die wij van Jezus leren.

1 Petrus 1:21-23;

1 Petrus 1:21: Die door Hem gelooft in God, Welke Hem opgewekt heeft uit de doden, en Hem heerlijkheid gegeven heeft, opdat uw geloof en hoop op God zijn zou. 1 Petrus 1:22: Hebbende dan uw zielen gereinigd in de gehoorzaamheid der waarheid, door den Geest, tot ongeveinsde broederlijke liefde, zo hebt elkander vuriglijk lief uit een rein hart; 1 Petrus 1:23: Gij, die wedergeboren zijt, niet uit vergankelijk, maar uit onvergankelijk zaad, door het levende en eeuwig blijvende Woord van God.

Romeinen 12:14.

Romeinen 12:14: Zegent hen, die u vervolgen; zegent en vervloekt niet.

“Wij kunnen de lessen van zachtmoedigheid en nederigheid van geest leren, als wij gaan naar de berg Golgotha, en, ziende op het kruis, onze Verlosser zien in doodsangst, de Zoon van God stervende, de Rechtvaardige voor de onrechtvaardigen. Ziet Hem, die legioenen engelen kon roepen tot Zijn hulp met één woord, een onderwerp van scherts en vrolijkheid, van beschimpen en haat. Hij geeft Zichzelf als een offer voor de zonde. Wanneer beschimpt, Hij dreigde niet; toen valselijk beschuldigd, Hij deed Zijn mond niet open. Hij bidt aan het kruis voor Zijn moordenaars. Hij sterft voor hen. Hij betaalt een oneindige prijs voor ieder van hen. Hij wilde niet één verliezen, die Hij verworven heeft tegen zo een hoge prijs. Hij geeft Zichzelf om geslagen en gegeseld te worden zonder morren. En dit niet klagende slachtoffer is de Zoon van God. Zijn troon is van eeuwigheid, en Zijn Koninkrijk zal geen einde hebben… Kijk, o kijk naar het kruis van Golgotha; aanschouw het koninklijke slachtoffer lijdend voor u…

De Zoon van God werd verworpen en veracht omwille van ons. Kunt u, in het volle zicht van het kruis, met het oog des geloofs het lijden van Christus aanschouwend, uw verhaal van ellende, uw beproevingen vertellen? Kunt u de wraak van uw vijanden in uw hart koesteren, terwijl het gebed van Christus van Zijn bleke en bevende lippen komt voor Zijn beschimpers, Zijn moordenaars: ‘Vader, vergeef het hun; want zij weten niet, wat zij doen’ (Lukas 23:34)?” —That I May Know Him, blz. 65.

B. Noem enkele essentiële sleutels om zielen voor Christus te winnen.

Romeinen 12:15.

Romeinen 12:15: Verblijdt u met de blijden; en weent met de wenenden.

“Mijn broeders, laat uw harten verbroken en ootmoedig zijn. Laat uitingen van medeleven en liefde, die de tong geen pijn doen, van uw lippen stromen. Laat anderen de warmte voelen, die de liefde in het hart kan wekken.” —Bijbelkommentaar, blz. 213.

“Wat nodig is, is dicht bij de mensen te komen door persoonlijke pogingen. Wanneer minder tijd werd gegeven aan het toespreken en meer tijd werd besteed aan persoonlijk dienstwerk, zouden grotere resultaten geboekt worden. De armen moeten hulp krijgen, voor de zieken moet gezorgd worden, de bedroefden en achtergeblevenen moeten getroost, de onwetenden geleerd en de onervarenen raad gegeven worden. Wij moeten wenen met de wenenden en ons verblijden met de blijden. Vergezeld door kracht van overreding, de macht van het gebed en de macht van Gods liefde, zál en kán dit werk niet zonder vrucht blijven.” –De Weg tot Gezondheid, blz. 111-112.

WOENSDAG — 9 maart

4. Met betrekking tot anderen

A. Welke natuurlijke houding moeten wij allemaal kiezen om te vervangen door de manier van Christus, die zo verschilt van de onze en waarom?

Jakobus 1:9-10;

Jakobus 1:9: Maar de broeder, die nederig is, roeme in zijn hoogheid. Jakobus 1:10: En de rijke in zijn vernedering; want hij zal als een bloem van het gras voorbijgaan.

Romeinen 12:16.

Romeinen 12:16: Weest eensgezind onder elkander. Tracht niet naar de hoge dingen, maar voegt u tot de nederige. Zijt niet wijs bij uzelven.

“Hij (Christus) besefte, dat de zwakheid, de vloek van de gemeente, een eigengerechtigde geest zou zijn. De mensen zouden menen, dat zij zelf iets zouden kunnen doen om een plaats te verdienen in het koninkrijk der hemelen. Zij zouden zich inbeelden, dat wanneer zij een bepaalde vordering hadden gemaakt, de Heere hen zou komen helpen. Op die wijze zou er veel van henzelf en weinig van Jezus in hun leven zijn. Velen, die een weinig gevorderd waren, zouden opgeblazen zijn en zich beter achten dan andere mensen. Zij zouden hunkeren naar vleierij, en afgunstig zijn, als zij niet als de belangrijksten zouden worden beschouwd. Voor dit gevaar wil Christus Zijn discipelen bewaren.

Al het roemen op onze eigen verdiensten is ongepast…

Liefde verheugt zich in de waarheid en trekt geen afgunstige vergelijkingen. Wie liefde bezit, vergelijkt slechts de beminnelijkheid van Christus en zijn eigen onvolmaakt karakter.” –Lessen uit het Leven van Alledag, blz. 248-249.

B. Welke geïnspireerde wijsheid moeten wij altijd in gedachten houden, als wij door anderen slecht worden behandeld?

Romeinen 12:17-18;

Romeinen 12:17: Vergeldt niemand kwaad voor kwaad. Bezorgt hetgeen eerlijk is voor alle mensen. Romeinen 12:18: Indien het mogelijk is, zoveel in u is, houdt vrede met alle mensen.

Spreuken 16:7.

Spreuken 16:7: Als iemands wegen den HEERE behagen, zo zal Hij ook zijn vijanden met hem bevredigen.

“Onwankelbaar geloof en onzelfzuchtige liefde zullen de moeilijkheden overwinnen, die zich voordoen op het pad van de plicht om agressieve oorlogvoering te belemmeren. Als degenen, die door dit geloof zijn geïnspireerd, voortgaan in het werk van het redden van zielen, zullen zij rennen en niet moe worden, lopen en niet flauwvallen.

Ik verzeker u, dat als u in de juiste lijn werkt, God ervoor zal zorgen, dat uw vijanden vrede met u hebben. Hij zal u steunen en sterken. Sluit een verbond met God, dat u uw woorden goed zult bewaken. ‘Indien iemand in woorden niet struikelt, die is een volmaakt man, machtig om ook het gehele lichaam in toom te houden’ (Jakobus 3:2). Bedenk, dat een wraakzuchtige toespraak iemand nooit het gevoel geeft, dat hij een overwinning heeft behaald. Laat Christus door u spreken. Verlies niet de zegen, die voortkomt uit het niet denken van kwaad.” —Testimonies for the Church 7, blz. 243.

“Wees in al uw moeilijkheden kalm en ongestoord, geduldig en verdraagzaam, en vergeld geen kwaad voor kwaad, maar goed voor kwaad. Kijk naar de top van de ladder. God staat erboven. Zijn heerlijkheid schijnt op elke ziel, die naar de hemel opstijgt. Jezus is deze ladder. Klim omhoog door Hem, klamp u aan Hem vast, en weldra zult u van de ladder af stappen in Zijn eeuwigdurend koninkrijk.” –Testimonies for the Church 8, blz. 130.

DONDERDAG — 10 maart

5. Houding is alles

A. Beschrijf het geduld van de heiligen, dat wij moeten ontwikkelen, als wij verwachten voor eeuwig in Christus verzegeld te worden.

Lukas 21:19;

Lukas 21:19: Bezit uw zielen in uw lijdzaamheid.

Romeinen 12:19.

Romeinen 12:19: Wreekt uzelven niet, beminden, maar geeft den toorn plaats; want er is geschreven: Mij komt de wraak toe; Ik zal het vergelden, zegt de Heere.

“Er is een kostbare ervaring, kostbaarder dan fijn goud, voor iedereen, die door geloof wil leven. Wie wandelt op de weg van onwankelbaar vertrouwen in God, zal met de hemel verbonden zijn. Gods kind moet zijn werk doen en alleen naar God opzien voor kracht en leiding. Hij moet werken zonder moedeloos te worden, vol hoop, al bevindt hij zich zelfs in de meest beproevende en provocerende omstandigheden.” —Bijbelkommentaar, blz. 118.

“Wanneer het verachten van Gods wet vrijwel algemeen is, en Zijn volk wordt verdrukt door hun medemensen, zal de Heere tussenbeide komen.” –Lessen uit het Leven van Alledag, blz. 106.

“De vurige gebeden van Zijn volk zullen beantwoord worden; want God verlangt ernaar, dat Zijn volk Hem met heel het hart zoekt en op Hem vertrouwt als hun Verlosser. Zijn volk zal Hem vragen deze dingen voor hen te doen, en Hij zal opstaan als hun Beschermer en Wreker.” —Bijbelkommentaar, blz. 480.

B. Hoe moeten de getrouwen schijnen in deze generatie?

Romeinen 12:20-21.

Romeinen 12:20: Indien dan uw vijand hongert, zo spijzigt hem; indien hem dorst, zo geeft hem te drinken; want dat doende, zult gij kolen vuurs op zijn hoofd hopen. Romeinen 12:21: Wordt van het kwade niet overwonnen, maar overwint het kwade door het goede.

“Misschien zullen wij het oordeel nooit weten van welke invloed een vriendelijke, attente manier van handelen heeft op de onlogische, onredelijke en onwaardige mensen. Als u hen, na een manier van uitdaging en onrecht van hun kant, behandelt, zoals u een onschuldig persoon zou behandelen, u zelfs moeite doet om hen speciale daden van vriendelijkheid te tonen, dan heeft u de rol van een christen gespeeld; en zij worden verrast en beschaamd, en zien hun handelwijze en gemeenheid duidelijker dan wanneer u duidelijk hun verzwarende daden zou vermelden om hen te berispen.” –Medical Ministry, blz. 209-210.

VRIJDAG — 11 maart

Terugblik

1. Waar moet ik in gedachte houden, als ik in de verleiding kom mijn frustraties te uiten?

2. Waarom moet ik terugdenken aan die momenten, toen gastvrijheid een zegen voor mij was?

3. Hoe ben ik geroepen om de houding van Christus tegenover Zijn moordenaars te weerspiegelen?

4. Op welke gebieden van het leven laat Satan mij denken, dat ik op de een of andere manier superieur ben?

5. Zelfs als ik gelijk zou kunnen hebben, hoe moet ik degenen behandelen, die misschien ongelijk hebben?