Het Evangelie volgens Paulus: Galaten — SABBAT, 11 december 2021

Les 11: Het Vlees tegenover de Geest

Tekst om te onthouden

Tekst om te onthouden: “Maar die van Christus zijn, hebben het vlees gekruisigd met de bewegingen en begeerlijkheden”

Galaten 5:24

“De voorwaarden voor verlossing, die in het woord van God aan het licht worden gebracht, zijn redelijk, duidelijk en positief, en zijn niets minder dan volmaakt in overeenstemming met de wil van God en zuiverheid van hart en leven. Wij moeten het ik kruisigen met de begeerlijkheden ervan. Wij moeten onszelf reinigen van alle vuiligheid van het vlees en de geest, de heiligheid vervolmaken in de vreze van God.” –Testimonies for the Church 1, blz. 440.

Aanvullende studie :: -Uit de Schatkamer der Getuigenissen 1, blz. 212-215.

ZONDAG — 5 december

1. De strijd

A. Beschrijf de strijd van het natuurlijke menselijke hart, dat bevrijding van veroordeling nodig heeft door volledige, voortdurende overgave aan Christus.

Galaten 5:17-18.

Galaten 5:17: Want het vlees begeert tegen den Geest, en de Geest tegen het vlees; en deze staan tegen elkander, alzo dat gij niet doet, hetgeen gij wildet. Galaten 5:18: Maar indien gij door den Geest geleid wordt, zo zijt gij niet onder de wet.

“Onze liefde voor Christus zal in verhouding staan tot de diepte van onze overtuiging van zonde, en door de wet is de kennis van zonde. Maar laten wij, als wij naar onszelf zien, wegkijken naar Jezus, die Zichzelf voor ons heeft gegeven, zodat Hij ons kon verlossen van alle ongerechtigheid. Leg door geloof beslag op de verdiensten van Christus, en het ziel reinigende bloed zal worden toegepast. Hoe duidelijker wij het kwaad en de gevaren zien, waaraan wij zijn blootgesteld, des te dankbaarder zullen wij zijn voor bevrijding door Christus. Het evangelie van Christus geeft de mens geen vergunning om de wet te overtreden, want door overtreding werden de sluizen van ellende geopend over onze wereld.” –Faith and Works, blz. 96.

“Heiligmaking is een dagelijks werk. Laat niemand zich misleiden met de gedachte, dat God hen zal vergeven en zegenen, terwijl ze Zijn eisen veronachtzamen. Het opzettelijk begaan van een bekende zonde legt de stem van de Geest het zwijgen op en scheidt de ziel van God. Wat ook onze godsdienstige gevoelens mogen zijn, Jezus kan niet wonen in het hart, dat Gods wet veronachtzaamt. God eert alleen hen, die Hem eren.” –Het geheiligde Leven, blz. 70.

MAANDAG — 6 december

2. De werken van het vlees

A. Noem de werken van het vlees, die door Paulus worden genoemd, en leg uit, waarom wij er ernstig voor gewaarschuwd moeten worden.

Galaten 5:19-21.

Galaten 5:19: De werken des vleses nu zijn openbaar; welke zijn overspel, hoererij, onreinigheid, ontuchtigheid, Galaten 5:20: Afgoderij, venijngeving, vijandschappen, twisten, afgunstigheden, toorn, gekijf, tweedracht, ketterijen, Galaten 5:21: Nijd, moord, dronkenschappen, brasserijen, en dergelijke; van dewelke ik u te voren zeg, gelijk ik ook te voren gezegd heb, dat die zulke dingen doen, het Koninkrijk Gods niet zullen beerven.

“Hij (Christus) droeg de straf voor de overtreding en ook het verdriet, dat het aangezicht van Zijn Vader verborgen bleef, tot Zijn hart was gebroken en Zijn leven was verbrijzeld… Iedereen, die weigert te delen in de verzoening, waarvoor zo’n hoge prijs is betaald, zal zijn eigen schuld en de straf voor de overtreding zelf moeten dragen.” –De Grote Strijd, blz. 495.

B. Waarom is overspel (geslachtsgemeenschap tussen een gehuwde man en een vrouw die niet zijn vrouw is, of tussen een getrouwde vrouw en een man die niet haar echtgenoot is) een overtreding van de wet van God?

Exodus 20:14;

Exodus 20:14: Gij zult niet echtbreken.

Hebreeën 13:4.

Hebreeën 13:4: Het huwelijk is eerlijk onder allen, en het bed onbevlekt; maar hoereerders en overspelers zal God oordelen.

C. Wat moeten wij beseffen over hoererij (vergelijkbaar met overspel, maar waarbij ongehuwde personen betrokken zijn) en de onreinheid en wellust, die hen ertoe leiden?

1 Korinthe 6:18;

1 Korinthe 6:18: Vliedt de hoererij. Alle zonde, die de mens doet, is buiten het lichaam, maar die hoererij bedrijft, zondigt tegen zijn eigen lichaam.

Matthéüs 5:27-28.

Mattheüs 5:27: Gij hebt gehoord, dat van de ouden gezegd is: Gij zult geen overspel doen. Mattheüs 5:28: Maar Ik zeg u, dat zo wie een vrouw aan ziet, om dezelve te begeren, die heeft alrede overspel in zijn hart met haar gedaan.

“De meest ernstige boodschap, die ooit aan stervelingen is opgedragen, is aan dit volk toevertrouwd, en zij kunnen een krachtige invloed hebben, als zij erdoor geheiligd worden. Zij zeggen op het verheven platform van eeuwige waarheid te staan en al Gods geboden te onderhouden; daarom, als ze zich overgeven aan zonde, als ze hoererij en overspel plegen, is hun misdaad van tienvoudig grotere omvang dan die van de klassen, die ik heb genoemd, die niet erkennen, dat de wet van God bindend voor hen is.” –Testimonies for the Church 2, blz. 450-451.

“Dit (zevende) gebod verbiedt niet slechts onzuivere daden, maar ook zinnelijke gedachten en verlangens, of gebruiken die de neiging hebben ze op te wekken. Niet alleen in het dagelijks leven wordt reinheid geëist, maar ook in de verborgen gedachten en gevoelens van het hart.” –Patriarchen en Profeten, blz. 273.

D. Hoe wil God ons helpen te overwinnen?

Matthéüs 5:8;

Mattheüs 5:8: Zalig zijn de reinen van hart; want zij zullen God zien.

Psalm 51:7-9,

Psalmen 51:7: Zie, ik ben in ongerechtigheid geboren, en in zonde heeft mij mijn moeder ontvangen. Psalmen 51:8: Zie, Gij hebt lust tot waarheid in het binnenste, en in het verborgene maakt Gij mij wijsheid bekend. Psalmen 51:9: Ontzondig mij met hysop, en ik zal rein zijn; was mij, en ik zal witter zijn dan sneeuw.

Psalmen 51:12.

Psalmen 51:12: Schep mij een rein hart, o God! en vernieuw in het binnenste van mij een vasten geest.

“Door de Geest wordt het hart rein gemaakt.” –De Wens der Eeuwen, blz. 588.

DINSDAG — 7 december

3. De werken van het vlees (vervolg)

A. Wat is er mis met iets te verafgoden?

Exodus 20:1-6.

Exodus 20:1: Toen sprak God al deze woorden, zeggende: Exodus 20:2: Ik ben de HEERE uw God, Die u uit Egypteland, uit het diensthuis, uitgeleid heb. Exodus 20:3: Gij zult geen andere goden voor Mijn aangezicht hebben. Exodus 20:4: Gij zult u geen gesneden beeld, noch enige gelijkenis maken, van hetgeen boven in den hemel is, noch van hetgeen onder op de aarde is, noch van hetgeen in de wateren onder de aarde is. Exodus 20:5: Gij zult u voor die niet buigen, noch hen dienen; want Ik, de HEERE uw God, ben een ijverig God, Die de misdaad der vaderen bezoek aan de kinderen, aan het derde, en aan het vierde lid dergenen, die Mij haten; Exodus 20:6: En doe barmhartigheid aan duizenden dergenen, die Mij liefhebben, en Mijn geboden onderhouden.

“Met afgoderij bedoelde hij (Paulus) niet slechts de aanbidding van afgodsbeelden, maar ook eigenliefde, liefde tot gemakzucht, bevrediging van zondige begeerten en driften. Louter een belijdenis van geloof in Christus, een aanmatigende kennis van de waarheid, maken iemand nog niet tot een christen. Een godsdienst, die slechts het oog, het oor en de smaak probeert te strelen, of die eigen genotzucht goedkeurt, is niet de godsdienst van Christus.” –Van Jeruzalem tot Rome, blz. 235.

B. Wat moeten wij beseffen over, hoeveel God altijd allerlei vormen van hekserij en tovenarij heeft gehaat?

Exodus 22:18;

Exodus 22:18: De toveres zult gij niet laten leven.

Maleáchi 3:5;

Openbaring 21:8.

Openbaring 21:8: Maar den vreesachtigen, en ongelovigen, en gruwelijken, en doodslagers, en hoereerders, en tovenaars, en afgodendienaars, en al den leugenaars, is hun deel in den poel, die daar brandt van vuur en sulfer; hetwelk is de tweede dood.

“In onze tijd wordt zelfs het woord “hekserij” met minachting uitgesproken. De bewering, dat mensen contact kunnen hebben met boze geesten, wordt als een fabel uit de donkere Middeleeuwen beschouwd. Maar het spiritisme, dat honderdduizenden, ja, zelfs miljoenen bekeerlingen maakt, dat doorgedrongen is in wetenschappelijke kringen, dat de kerken is binnengeslopen, dat aanvaard is in regeringskringen en zelfs in de paleizen van koningen, dit reusachtige bedrog is slechts een herleving in een nieuwe gedaante, van de vroeger veroordeelde en verboden zwarte kunst.” –De Grote Strijd, blz. 511-512.

C. Waarom zijn haat, onenigheid (twist), wedijveren (vurige verlangens naar superioriteit voortkomend uit concurrentie), toorn, strijd, opruiing (aanwakkeren van ontevredenheid of rebellie), afgunst en moorden zo slecht?

1 Johannes 3:15.

1 Johannes 3:15: Een iegelijk, die zijn broeder haat, is een doodslager; en gij weet, dat geen doodslager het eeuwige leven heeft in zich blijvende.

D. In welke krachtige taal veroordeelde Christus ketterijen (leerstellingen die in strijd zijn met een “zo zegt de Heer”)?

Matthéüs 15:9;

Mattheüs 15:9: Doch tevergeefs eren zij Mij, lerende leringen, die geboden van mensen zijn.

Johannes 8:44.

Johannes 8:44: Gij zijt uit den vader den duivel, en wilt de begeerten uws vaders doen; die was een mensenmoorder van den beginne, en is in de waarheid niet staande gebleven; want geen waarheid is in hem. Wanneer hij de leugen spreekt, zo spreekt hij uit zijn eigen; want hij is een leugenaar, en de vader derzelve leugen.

E. Met wat voor soort gelegenheden worden dronkenschap en pret maken in verband gebracht?

Daniël 5:1-6,

Daniël 5:1: De koning Belsazar maakte een groten maaltijd voor zijn duizend geweldigen, en hij dronk wijn voor die duizend. Daniël 5:2: Als Belsazar den wijn geproefd had, zeide hij, dat men de gouden en zilveren vaten voorbrengen zou, die zijn vader Nebukadnezar uit den tempel, die te Jeruzalem geweest was, weggevoerd had; opdat de koning en zijn geweldigen, zijn vrouwen en zijn bijwijven uit dezelve dronken. Daniël 5:3: Toen bracht men voor de gouden vaten, die men uit den tempel van het huis Gods, die te Jeruzalem geweest was, weggevoerd had; en de koning en zijn geweldigen, zijn vrouwen, en zijn bijwijven dronken daaruit. Daniël 5:4: Zij dronken den wijn, en prezen de gouden, en de zilveren, de koperen, de ijzeren, de houten en de stenen goden. Daniël 5:5: Ter zelfder ure kwamen er vingeren van eens mensen hand voort, die schreven tegenover den kandelaar, op de kalk van den wand van het koninklijk paleis, en de koning zag het deel der hand, die daar schreef. Daniël 5:6: Toen veranderde zich de glans des konings, en zijn gedachten verschrikten hem; en de banden zijner lendenen werden los, en zijn knieen stieten tegen elkander aan.

Daniël 5:26-28,

Daniël 5:26: Dit is de uitlegging dezer woorden: MENE; God heeft uw koninkrijk geteld, en Hij heeft het voleind. Daniël 5:27: TEKEL; gij zijt in weegschalen gewogen; en gij zijt te licht gevonden. Daniël 5:28: PERES; uw koninkrijk is verdeeld, en het is den Meden en den Perzen gegeven.

Daniël 5:30;

Daniël 5:30: In dienzelfden nacht, werd Belsazar, der Chaldeen koning, gedood.

Matthéüs 14:6-11.

Mattheüs 14:6: Maar als de dag der geboorte van Herodes gehouden werd, danste de dochter van Herodias in het midden van hen, en zij behaagde aan Herodes. Mattheüs 14:7: Waarom hij haar met ede beloofde te geven, wat zij ook eisen zou. Mattheüs 14:8: En zij, te voren onderricht zijnde van haar moeder, zeide: Geef mij hier in een schotel het hoofd van Johannes den Doper. Mattheüs 14:9: En de koning werd bedroefd; doch om de eden, en degenen, die met hem aanzaten, gebood hij, dat het haar zou gegeven worden; Mattheüs 14:10: En zond heen, en onthoofdde Johannes in den kerker. Mattheüs 14:11: En zijn hoofd werd gebracht in een schotel, en het dochtertje gegeven; en zij droeg het tot haar moeder.

WOENSDAG — 8 december

4. De vruchten van de Geest

A. Wat openbaart Paulus, in tegenstelling tot de werken van het vlees, als de vruchten van de Geest, en waarom kunnen wij niet uitzoeken en kiezen, welke vrucht voor ons gemakkelijker lijkt te zijn?

Galaten 5:22-23.

Galaten 5:22: Maar de vrucht des Geestes is liefde, blijdschap, vrede, lankmoedigheid, goedertierenheid, goedheid, geloof, zachtmoedigheid, matigheid. Galaten 5:23: Tegen de zodanigen is de wet niet.

“Wanneer wij leven door het geloof in de Zoon van God, zullen de vruchten des Geestes in ons leven worden gezien; er zal er niet één ontbreken.” –De Wens der Eeuwen, blz. 593.

B. Welk type “liefde” is de hier aangehaalde vrucht?

1 Korinthe 13:4-8,

1 Korinthe 13:4: De liefde is lankmoedig, zij is goedertieren; de liefde is niet afgunstig; de liefde handelt niet lichtvaardiglijk, zij is niet opgeblazen; 1 Korinthe 13:5: Zij handelt niet ongeschiktelijk, zij zoekt zichzelve niet, zij wordt niet verbitterd, zij denkt geen kwaad; 1 Korinthe 13:6: Zij verblijdt zich niet in de ongerechtigheid, maar zij verblijdt zich in de waarheid; 1 Korinthe 13:7: Zij bedekt alle dingen, zij gelooft alle dingen, zij hoopt alle dingen, zij verdraagt alle dingen. 1 Korinthe 13:8: De liefde vergaat nimmermeer; maar hetzij profetieen, zij zullen te niet gedaan worden; hetzij talen, zij zullen ophouden; hetzij kennis, zij zal te niet gedaan worden.

1 Korintiërs 13:13.

1 Korinthe 13:13: En nu blijft geloof, hoop en liefde, deze drie; doch de meeste van deze is de liefde.

“Het doet er niet toe, hoe streng de belijdenis moge luiden: hij wiens hart niet is vervuld met de liefde voor God en voor zijn medemens, is geen ware discipel van Christus.” –Van Jeruzalem tot Rome, blz. 236.

C. Wat voor soort “blijdschap” is de vrucht, hier aangehaald?

Psalm 51:14;

Psalmen 51:14: Geef mij weder de vreugde Uws heils; en de vrijmoedige geest ondersteune mij.

Johannes 15:10-11;

Johannes 15:10: Indien gij Mijn geboden bewaart, zo zult gij in Mijn liefde blijven; gelijkerwijs Ik de geboden Mijns Vaders bewaard heb, en blijf in Zijn liefde. Johannes 15:11: Deze dingen heb Ik tot u gesproken, opdat Mijn blijdschap in u blijve, en uw blijdschap vervuld worde.

Hebreeën 12:2.

Hebreeën 12:2: Ziende op den oversten Leidsman en Voleinder des geloofs, Jezus, Dewelke, voor de vreugde, die Hem voorgesteld was, het kruis heeft verdragen, en schande veracht, en is gezeten aan de rechter hand des troons van God.

“Er zijn zielen, die nieuw leven moeten worden ingeblazen; velen om de blijdschap van verlossing in hun eigen ziel te ontvangen. Zij hebben zich vergist, zij hebben geen juist karakter opgebouwd, maar God heeft blijdschap om aan hen te geven, ook de blijdschap van Zijn gezalfde.” –The Upward Look, blz. 287.

D. Waarom is ware vrede nodig, en hoe wordt deze verkregen?

Romeinen 5:1;

Romeinen 5:1: Wij dan, gerechtvaardigd zijnde uit het geloof, hebben vrede bij God, door onzen Heere Jezus Christus;

Johannes 14:27.

Johannes 14:27: Vrede laat Ik u, Mijn vrede geef Ik u; niet gelijkerwijs de wereld hem geeft, geef Ik hem u. Uw hart worde niet ontroerd en zij niet versaagd.

“’En ook allen, die godzalig willen leven in Christus Jezus, die zullen vervolgd worden’ (2 Timótheüs 3:12). Maar dit moet niet één ziel bang maken. Wat kan de ziel zo’n zonneschijn geven als het bewijs van vergeven zonden? Wat kan echte nobelheid schenken, als het niet het herstel van het morele beeld van God in de mens is? Van waar kan vrede komen, zo niet van de Vredevorst? Bij welke bron kunnen wij hulp zoeken, dan bij Hem, die ons licht kan geven te midden van duisternis?” –The Review and Herald, 28 februari 1899.

“De blijdschap, die (Jezus) werd voorgehouden, was die van het zien van zielen, verlost door het offer van Zijn heerlijkheid, Zijn eer, Zijn rijkdom, en Zijn eigen leven. De redding van de mens was Zijn blijdschap.” –Testimonies for the Church 2, blz. 686.

DONDERDAG — 9 december

5. De vruchten van de Geest (vervolg)

A. Waarom is lankmoedigheid (geduld) zo waardevol?

Lukas 21:19;

Lukas 21:19: Bezit uw zielen in uw lijdzaamheid.

Hebreeën 10:36;

Hebreeën 10:36: Want gij hebt lijdzaamheid van node, opdat gij, den wil van God gedaan hebbende, de beloftenis moogt wegdragen;

Openbaring 14:12.

Openbaring 14:12: Hier is de lijdzaamheid der heiligen; hier zijn zij, die de geboden Gods bewaren en het geloof van Jezus.

“De christen, die geduld en opgewektheid toont onder verlies en lijden, die zelfs de dood met de vrede en kalmte van een onwankelbaar geloof onder het oog ziet, kan meer voor het evangelie tot stand brengen dan een levenslange onvermoeide arbeid.” –Van Jeruzalem tot Rome, blz. 342.

B. Waarom zijn zachtmoedigheid, goedheid, geloof en matigheid allemaal van belang voor de christen?

Psalm 18:36;

Psalmen 18:36: Ook hebt Gij mij het schild Uws heils gegeven, en Uw rechterhand heeft mij ondersteund, en Uw zachtmoedigheid heeft mij groot gemaakt.

Lukas 7:50;

Lukas 7:50: Maar Hij zeide tot de vrouw: Uw geloof heeft u behouden; ga heen in vrede.

Filippensen 4:5.

Filippenzen 4:5: Uw bescheidenheid zij allen mensen bekend. De Heere is nabij.

C. Wat moeten wij beseffen over zachtmoedigheid, en hoe alleen kunnen wij de volledige vruchten van de Geest tonen?

Matthéüs 5:5;

Mattheüs 5:5: Zalig zijn de zachtmoedigen; want zij zullen het aardrijk beerven.

Galaten 5:24;

Galaten 5:24: Maar die van Christus zijn, hebben het vlees gekruist met de bewegingen en begeerlijkheden.

1 Petrus 2:21-24.

1 Petrus 2:21: Want hiertoe zijt gij geroepen, dewijl ook Christus voor ons geleden heeft, ons een voorbeeld nalatende, opdat gij Zijn voetstappen zoudt navolgen; 1 Petrus 2:22: Die geen zonde gedaan heeft, en er is geen bedrog in Zijn mond gevonden; 1 Petrus 2:23: Die, als Hij gescholden werd, niet wederschold, en als Hij leed, niet dreigde; maar gaf het over aan Dien, Die rechtvaardiglijk oordeelt; 1 Petrus 2:24: Die Zelf onze zonden in Zijn lichaam gedragen heeft op het hout; opdat wij, der zonden afgestorven zijnde, der gerechtigheid leven zouden; door Wiens striemen gij genezen zijt.

“Zachtmoedigheid is een kostbare genade, bereid om in stilte te lijden, bereid om beproevingen te doorstaan. Zachtmoedigheid is geduldig en werkt eraan om onder alle omstandigheden gelukkig te zijn. Zachtmoedigheid is altijd dankbaar en maakt zijn eigen liederen van geluk, maakt een melodie in het hart voor God. Zachtmoedigheid zal teleurstelling en verkeerdheid ondergaan, en zal niet terugslaan.” –Testimonies for the Church 3, blz. 335.

“‘Jezus, onze Verlosser, wandelde op de aarde met de waardigheid van een koning; toch was Hij zachtmoedig en nederig van hart.” –Hoe Leid Ik Mijn Kind, blz. 164.

VRIJDAG — 10 december

Terugblik

1. Wij worden niet gered door Gods wet te gehoorzamen, maar wat moeten wij ervan beseffen?

2. Wat kost toegeven aan het overtreden van Gods wet met betrekking tot het huwelijk?

3. Tegen welke prijs is toegeven aan het ploeteren in modern spiritisme / het occulte?

4. Vergelijk de liefde, blijdschap en vrede van Christus met de vervalsingen van de wereld.

5. Waar zullen wij zoeken om de volledige vruchten van de Geest te ontwikkelen?